← België

Decreet tot wijziging van het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid betreffende de geestelijke gezondheid en de actieve diensten ervan in Wall

Kort samengevat

Dit decreet wijzigt het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid om een strategisch plan voor geestelijke gezondheid in te voeren en referentiecentra voor geestelijke gezondheidszorg op te richten in Wallonië. Het doel is de geestelijke gezondheid van de bevolking te verbeteren door middel van een gecoördineerde aanpak en ondersteuning van zorgverleners.

Wat het reguleert

Wie het aanbelangt

Kernpunten

📄 Wettekst
10 JANUARI 2024. - Decreet tot wijziging van het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid betreffende de geestelijke gezondheid en de actieve diensten ervan in Wallonië (1) Het Waalse Parlement heeft aangenomen en Wij, Waalse Regering, bekrachtigen hetgeen volgt: HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen Artikel 1.Dit decreet regelt, overeenkomstig artikel 138 van de Grondwet, een aangelegenheid bedoeld in artikel 128 van de Grondwet. HOOFDSTUK 2.. - Wijzigingen in het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid Afdeling 1. - Wijzigingen van het strategisch plan voor geestelijke gezondheid Art. 2.In Deel 2 van de Waals Wetboek Code voor Sociale Actie en Gezondheid wordt na artikel 47/18 een inleidend boek bis "Strategisch plan voor geestelijke gezondheid" ingevoegd. Art. 3.In het inleidend boek bis van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een Titel I ingevoegd, met als opschrift "Begripsomschrijvingen". Art. 4.In titel I van het inleidende boek bis van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 47/19 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 47/19.Voor de toepassing van dit Boek wordt verstaan onder: 1° "geestelijke gezondheid": een toestand van welzijn waarin een individu zijn eigen potentieel kan verwezenlijken, in evenwicht met zijn omgeving kan leven en kan omgaan met levenssituaties en de stress die ze opwekken in de vorm van frustraties, moeilijke gebeurtenissen die moeten worden doorstaan of problemen die moeten worden opgelost;2° "het plan": het door de Regering aangenomen strategisch plan voor de geestelijke gezondheid dat een diagnose stelt van de geestelijke gezondheidstoestand van de bevolking van het Franse taalgebied, transversale en thematische doelstellingen inzake geestelijke gezondheid vastlegt en de acties en strategieën op het vlak van geestelijke gezondheid stuurt;3° "stuurcomité": het comité belast met de strategische sturing van het plan met als doel het verlenen van informatie over het verloop van het plan en het aanbrengen van aanpassingen of correcties voor de doorlopende verbetering van het plan;4° "de Minister": de Minister bevoegd voor gezondheid;5° "het Agentschap": het Agentschap bedoeld in artikel 2. ". Art. 5.In het inleidend boek bis van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 47/19 een Titel II ingevoegd met als opschrift "Strategisch plan voor geestelijke gezondheid". Art. 6.In Titel II van het inleidend Boek bis van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een hoofdstuk I ingevoegd met als opschrift "Voorbereiding en inhoud van het plan". Art. 7.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 47/20 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 47/20.De Regering definieert en implementeert een strategisch plan voor geestelijke gezondheid met als doel de doelstellingen en strategieën voor geestelijke gezondheid te bepalen, om bij te dragen tot de verbetering van de geestelijke gezondheid in het Franse taalgebied, rekening houdend met, in het bijzonder, de factoren van sociale ongelijkheid in gezondheid. ". Art. 8.In hetzelfde hoofdstuk I wordt een artikel 47/21 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 47/21.Het plan wordt voor minstens vijf jaar opgesteld. De Regering omschrijft de nadere regels voor de aanneming en de bijwerking van het plan.". Art. 9.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 47/22 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 47/22.Zonder afbreuk te doen aan de bevoegdheden van de Federale Staat en de Franse Gemeenschap, bevat het plan een diagnose van de situatie met betrekking tot de geestelijke gezondheidstoestand van de bevolking, samen met een analyse van de factoren van sociale ongelijkheid in gezondheid, identificeert het de behoeften van de bevolking, bepaalt het de te bereiken gezondheidsdoelstellingen en stuurt het de acties en strategieën die moeten worden uitgevoerd. In het plan worden nader omschreven: 1° de prioritaire geestelijke gezondheidsthema's, strategische doelstellingen, doelgroepen en leefomgevingen;2° de overkoepelende doelstellingen, die te volgen zijn voor de gezamenlijke thematische onderwerpen, doelstellingen, prioritaire doelgroepen en leefomgevingen;3° het overleg en de samenwerkingen met de publieke actoren en entiteiten wier bijdrage nodig is voor het bereiken van de doelstellingen, ongeacht of ze onder een gewestelijke bevoegdheid dan wel een andere bestuurslaag vallen;4° de nader beoordelings- en opvolgingsregels, met name de criteria en indicatoren die de beoordeling mogelijk maken van de mate van uitvoering van het plan en de herziening ervan. Om een precieze identificatie mogelijk te maken, krijgt elk plan een specifieke titel, zodat het kan worden onderscheiden van alle andere eerdere of latere plannen. De Regering beslist over de titel van elk plan". Art. 10.In titel II van het inleidende boek bis van Deel 2 van hetzelfde wetboek wordt na artikel 47/22 een hoofdstuk II "Evaluatie" ingevoegd. Art. 11.In hoofdstuk II van titel II van het inleidend Boek bis van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 47/23 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 47/23.§ 1. Minstens iedere vijf jaar wordt er door het sturingscomité een evaluatie van het plan georganiseerd. De evaluatie heeft tot doel: 1° verslag uit te brengen over de uitvoering van het plan door de actoren inzake geestelijke gezondheidspreventie en -bevordering;2° de impact te meten per gender, leeftijd, sociaal-economisch niveau van deze acties op de geestelijke gezondheid;3° aanpassingen voor te stellen voor een nieuwe versie van het plan. § 2. Het evaluatieverslag wordt, binnen de zes maanden volgend op de aanneming ervan door de Regering, aan het Parlement voorgelegd. § 3. De Regering bepaalt de modaliteiten en de procedure voor de evaluatie van het plan. ". Art. 12.In titel II van het inleidend Boek bis van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 47/23 een hoofdstuk III ingevoegd met als opschrift "Sturingscomité". Art. 13.In hetzelfde Wetboek wordt een artikel 47/24 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 47/24.§ 1. Er wordt een sturingscomité opgericht. Het omvat ten minste: 1° de Minister of diens afgevaardigde;2° vertegenwoordigers van het Agentschap;3° vertegenwoordigers van de sector die actief is op het vlak van geestelijke gezondheid;4° vertegenwoordigers van de Waalse verzekeringsinstellingen in de zin van artikel 43/2, eerste lid, 6° ;5° vertegenwoordigers van de bij het plan betrokken bevolking en begunstigden;6° een vertegenwoordiger van de eerstelijnszorg aangewezen door het Waals platform voor eerstelijnszorg. De Regering bepaalt de samenstelling, de aanwijzings- en werkingsmodaliteiten van het sturingscomité. § 2. Het comité bedoeld in paragraaf 1 heeft als opdracht: 1° het regelmatig toezicht, minstens één keer per jaar, op de uitvoering van het plan;2° de overmaking aan de Regering, alle vijf jaar, van een evaluatie van het ziektepreventie- en gezondheidsbevorderingsbeleid in het Franse taalgebied en van de voorstellen ter verbetering ervan;3° het voorleggen, aan de Regering, van een bijgewerkte en in overleg tot stand gebrachte versie van het plan volgens de nadere regels en de procedure die de Regering overeenkomstig artikel 47/21 aangenomen heeft. Voor elk bestanddeel van het plan kunnen expertenwerkgroepen worden opgericht. De Regering bepaalt de opdrachten van het sturingscomité en bepaalt de modaliteiten voor de oprichting van werkgroepen. Zij kan andere opdrachten aan het sturingscomité toevertrouwen. ". Afdeling 2. - Invoering van een specifieke Titel gewijd aan geestelijke gezondheid Art. 14.Het opschrift van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt: "Bijzondere zorgregelingen in de geestelijke gezondheidszorg". Art. 15.Hoofdstuk IV van Titel II van boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, met als opschrift "Medisch-sanitair vervoer", wordt Titel III van hetzelfde Boek met als opschrift "Medisch-sanitair vervoer". Afdeling 3. - Wijzigingen betreffende de referentiecentra inzake geestelijke gezondheidszorg Art. 16.In Titel II van Boek VI van Deel 2 van het Waalse wetboek voor sociale actie en gezondheid wordt een inleidend hoofdstuk met als opschrift "Referentiecentra voor geestelijke gezondheidszorg" ingevoegd vóór Hoofdstuk I. Art. 17.In het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een afdeling 1 met als opschrift "Algemene bepalingen" ingevoegd. Art. 18.In afdeling 1 van het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde wetboek wordt een artikel 491/32 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/32.Een referentiecentrum voor geestelijke gezondheidszorg is een erkende ondersteuningsinstelling voor de hulp- en zorgverleners inzake geestelijke gezondheid, evenals voor de vertegenwoordigers van de begunstigden van deze sector en hun naasten. ". Art. 19.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/33 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/33.Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder: 1° "de geestelijke gezondheid" : de geestelijke gezondheid zoals bepaald in artikel 47/19, 1°, van het Wetboek;2° "de Minister": de Minister bevoegd voor gezondheid;3° "het Agentschap": het Agentschap bedoeld in artikel 2. ". Art. 20.In het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 491/33, een afdeling 2 met als opschrift "Opdrachten" ingevoegd. Art. 21.In afdeling 2 van het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 491/34 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/34.De Regering of haar afgevaardigde erkent minstens één referentiecentrum voor geestelijke gezondheidszorg om de hele sector van de geestelijke gezondheidszorg, erkend door het Waals Gewest, alsook de hulp- en zorgverleners die onder dit Wetboek vallen en die geconfronteerd worden met personen met psychologische moeilijkheden of psychiatrische stoornissen, te ondersteunen. In deze context is het doel van het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheid om beroepsbeoefenaars te helpen effectieve ondersteuning te bieden aan deze mensen terwijl ze werken aan het herstellen van hun zelfstandigheid en opname in hun gemeenschap. ". Art. 22.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/35 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/35.Onverminderd de acties die worden uitgevoerd op basis van de erkenningen als bedoeld in artikel 410/9 (van boek VI van deel II), 410/16 en 410/25, wordt de in artikel 491/34 omschreven opdracht uitgevoerd in het kader van een actieplan dat de volgende acties omvat : 1° observatie van de praktijken inzake geestelijke gezondheid op het Franstalige grondgebied van het Waals Gewest, in de andere Gewesten en Gemeenschappen, en in het buitenland, met het oog op de verbetering van de praktijken inzake hulp en zorg inzake geestelijke gezondheid;2° het verzamelen en ter beschikking stellen van gespecialiseerde informatie en goede praktijken op basis van de huidige stand van de wetenschappelijke, professionele en ervaringskennis, in overleg met het Agentschap;3° het sensibiliseren van de hulp- en zorgverleners in de geestelijke gezondheid en de ondersteuning voor benaderingen die gebaseerd zijn op de huidige wetenschappelijke kennis, in overleg met het Agentschap;4° steun aan de sector van de geestelijke gezondheidszorg erkend door het Waals Gewest en aan de hulp- en zorgverleners die onder dit Wetboek vallen;5° meewerken aan het verzamelen en verspreiden van socio-epidemiologische gegevens ten behoeve van de hulp- en zorgverleners bedoeld in dit Wetboek;6° deelnemen aan of organiseren van transregionaal en transsectoraal overleg;7° zonder afbreuk te doen aan de analyses en het onderzoek uitgevoerd door het Agentschap en in samenhang met het Agentschap of andere overheidsinstanties, analyses en onderzoek uitvoeren op basis van de huidige stand van de kennis;8° permanente vorming voor de hulp- en zorgverleners die onder dit Wetboek vallen. Om de in lid 1 bedoelde acties uit te voeren, gebruikt het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheid actuele informatie, gegevens en instrumenten die gebaseerd zijn op de meest recente wetenschappelijke kennis op het moment van gebruik. De in lid 1 genoemde acties worden uitgevoerd in samenwerking met de betrokken veldwerkers. De in lid 1 bedoelde acties hebben de verwezenlijking van de in artikel 491/34 omschreven opdracht ten doel en worden vanuit dit oogpunt geëvalueerd in samenhang met de door het Agentschap uitgevoerde acties. De Regering : 1° vermeldt de acties bedoeld in lid 1 en de procedures voor de uitvoering van deze acties;2° voorziet in andere acties, niet opgesomd in het eerste lid, wanneer deze nodig of nuttig blijken voor de uitvoering van de opdracht bepaald in artikel 491/34; De Regering bepaalt de modaliteiten voor de in het derde lid bedoelde overleg. ". Art. 23.In het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 491/35 een afdeling 3 met de titel "Erkenning" ingevoegd. Art. 24.In afdeling 3 van het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 491/36 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/36.Om een erkenning te krijgen, moet het referentiecentrum voor geestelijke gezondheidszorg : 1° beschikken over een rechtspersoonlijkheid: a) hetzij als vereniging zonder winstoogmerk;b) hetzij als een internationale vereniging zonder winstoogmerk;c) hetzij als stichting;d) hetzij als een publiekrechtelijke rechtspersoon;e) hetzij als een vereniging met rechtspersoonlijkheid waarin de overheid een meerderheidsdeelneming heeft, met uitzondering van verenigingen in de vorm van een vennootschap;2° zich ertoe verbinden uitsluitend de opdrachten bedoeld in artikel 491/34 te vervullen;3° zich ertoe verbinden de in of krachtens artikel 491/35 bepaalde acties uit te voeren;4° een actieplan opstellen waarvan de inhoud en het model door de Regering of haar afgevaardigde worden bepaald;5° zich ertoe verbinden zijn actieplan uit te voeren;6° begeleid worden door academische of wetenschappelijke adviseurs, volgens de door de Regering vastgelegde procedures;7° een vooruitlopende begroting opstellen voor vijf jaar, opgesplitst per actie;8° zich ertoe verbinden de deontologische regels die de Regering vastlegt, in acht te nemen. Het actieplan, opgesteld overeenkomstig het eerste lid, 4°, moet deel uitmaken van de doelstellingen, acties en strategieën, voorzien in het strategisch plan voor de geestelijke gezondheid, vermeld in artikel 47/19, 2°. Het actieplan, opgesteld overeenkomstig lid 1, 4°, is voor verandering vatbaar. Het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheid zal alle aanpassingen aan het actieplan aanbrengen die nodig zijn als gevolg van de impact van de maatregelen in het plan, nieuwe wetenschappelijke kennis over geestelijke gezondheid en veranderingen in de geestelijke gezondheidssituatie. Aanpassingen aan het actieplan worden ter goedkeuring voorgelegd aan de Regering of haar afgevaardigde. De Regering kan de in dit artikel genoemde erkenningsvoorwaarden specificeren en zo nodig voorzien in een of meer aanvullende erkenningsvoorwaarden. ". Art. 25.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/37 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/37.§ 1. Een oproep tot indiening van de erkenningsaanvraag wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt, samen met een door de Regering of haar afgevaardigde opgemaakt formulier. § 2. De aanvraag tot erkenning wordt door de inrichtende macht van het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg ingediend bij de Regering of haar afgevaardigde. De Regering of haar afgevaardigde bepaalt de inhoud van het dossier m.b.t. de erkenningsaanvraag. Dit dossier bevat op zijn minst : 1° het ondernemingsnummer van het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg;2° het formulier bedoeld in paragraaf 1, met alle verbintenissen bedoeld in artikel 491/36. De Regering bepaalt de wijze en de procedure voor het verlenen van de in dit artikel bedoelde erkenning. § 3. De erkenning wordt voor een duur van vijf jaar door de Regering of haar afgevaardigde toegekend. De erkenningsbeslissing omvat de validatie van het actieplan bedoeld in artikel 491/36, eerste lid, 4°. § 4. De erkenning kan telkens voor vijf jaar worden verlengd. Een aanvraag voor verlenging van een erkenning wordt gelijkgesteld met een erkenningsaanvraag in de zin van deze afdeling, behoudens de specifieke bepalingen van deze paragraaf. Bij een aanvraag tot verlenging van de erkenning wordt het in paragraaf 2 bedoelde dossier aangevuld met een evaluatie van de al dan niet bereikte doelstellingen voor elke actie in het actieplan dat afloopt. ". Art. 26.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/38 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/38.De benaming van het erkende referentiecentrum inzake geestelijke gezondheid gaat systematisch vergezeld van de woorden "referentiecentrum inzake geestelijke gezondheid erkend en gesubsidieerd door het Waals Gewest". ". Art. 27.In het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 491/38 een afdeling 4 met de titel "Begeleidingscomité" ingevoegd. Art. 28.In afdeling 4 van het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 491/39 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/39.In elk referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg wordt een begeleidingscomité opgericht met de volgende opdracht: 1° het ondersteunen van de verwezenlijking van de algemene opdracht van het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheid zoals bepaald in artikel 491/34;2° het ondersteunen van de uitvoering van het actieplan opgesteld overeenkomstig artikel 491/36, eerste lid, 4° ;3° de relaties en banden vergemakkelijken tussen het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheid, de sector van de geestelijke gezondheidszorg erkend door het Waals Gewest en de hulp- en zorgverleners die onder dit Wetboek vallen. De Regering bepaalt de samenstelling van het begeleidingscomité en zorgt voor de vertegenwoordiging van: 1° de referentiecentra inzake geestelijke gezondheid en de specifieke referentiecentra;2° de sector van de geestelijke gezondheidszorg erkend door het Waals Gewest en van de hulp- en zorgverleners die onder dit Wetboek vallen;3° de personen die verzorgd worden door de sector en de beroepsbeoefenaars bedoeld in 2°, en hun naasten;4° de overlegplatforms voor geestelijke gezondheidszorg.". Art. 29.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/40 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/40.§ 1. Een oproep voor kandidaten om het begeleidingscomité te vormen wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad op hetzelfde moment als de oproep voor erkenningsaanvraag bedoeld in artikel 491/37, § 1. De Regering of haar afgevaardigde bepaalt de inhoud van het dossier m.b.t. het kandidatuurdossier. Dit dossier bevat op zijn minst : 1° de identiteit van de kandidaat;2° een aanduiding van de categorie van personen die hij vertegenwoordigt;3° een motivatiebrief. De Regering bepaalt de voorwaarden en de procedure voor de aanwijzing van de leden van het begeleidingscomité. § 2. De aanwijzing als lid van het begeleidingscomité wordt door de Regering of haar afgevaardigde toegekend voor een periode van vijf jaar. § 3. Een aanwijzing als lid van het begeleidingscomité kan telkens voor vijf jaar worden verlengd. Een verzoek tot verlenging van de aanwijzing als lid van het begeleidingscomité wordt gelijkgesteld met een nieuw verzoek tot aanwijzing in de zin van deze afdeling. ". Art. 30.In het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 491/40 een afdeling 5 "Specifieke referentiecentra" ingevoegd. Art. 31.In afdeling 5 van het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 491/41 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/41.De Regering of haar afgevaardigde kan een of meer specifieke referentiecentra erkennen met betrekking tot specifieke geestelijke gezondheidskwesties. De Regering of haar afgevaardigde bepaalt voor welke specifieke geestelijke gezondheidskwesties zij lid 1wil toepassen. ". Art. 32.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/42 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/42.De opdracht van het specifieke referentiecentrum is het ondersteunen van de volledige sector van de geestelijke gezondheidszorg die erkend is door het Waals Gewest, evenals de hulp- en zorgverleners die onder dit Wetboek vallen, op het gebied waarvoor het erkend is. Artikel 491/35 is van toepassing op het specifieke referentiecentrum voor het vakgebied waarvoor het is erkend. ". Art. 33.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/43 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/43.De bepalingen die van toepassing zijn op het referentiecentrum voor geestelijke gezondheid zijn van toepassing op de specifieke referentiecentra, met uitzondering van de speciale regelingen die in deze afdeling zijn opgenomen. De Regering is gemachtigd om andere specifieke regelingen vast te stellen afhankelijk van de onderwerpen waarvoor de specifieke referentiecentra erkend zijn. ". Art. 34.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/44 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/44.Bij het bepalen van de samenstelling van het begeleidingscomité gaat de Regering na of de leden die de sector van de geestelijke gezondheidszorg vertegenwoordigen en erkend zijn door het Waals Gewest, alsook de hulp- en zorgverleners die onder dit Wetboek vallen, specifieke ervaring hebben in het domein waarvoor het specifieke referentiecentrum erkend is. ". Art. 35.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/45 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/45.De benaming van het erkende specifieke referentiecentrum gaat systematisch vergezeld van de woorden "specifiek referentiecentrum erkend en gesubsidieerd door het Waals Gewest". ". Art. 36.In het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 491/45 een afdeling 6 met als opschrift "Subsidiëring" ingevoegd. Art. 37.In afdeling 6 van het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 491/46 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/46.Gedurende de door de erkenning bestreken periode en binnen de perken van de beschikbare begroting ontvangt het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg, een jaarlijkse subsidie ter dekking van de personeels- en werkingskosten. De Regering bepaalt de modaliteiten voor de berekening van de in het eerste lid bedoelde subsidie. ". Art. 38.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/47 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/47.Onverminderd de boekhoudkundige verplichtingen opgelegd door het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen en de uitvoeringsbesluiten ervan, voert het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg voor elk boekjaar een dubbele boekhouding en stelt het een jaarlijkse balans en winst- en verliesrekening op volgens het model bepaald door de Regering. ". Art. 39.In het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 491/47 een afdeling 7 met als opschrift "Evaluatie, controle, bestraffing" ingevoegd. Art. 40.In afdeling 7 van het inleidende hoofdstuk van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 491/48 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/48.De activiteiten van elk referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg worden op gezette tijden door het Agentschap geëvalueerd. Het referentiecentrum inzake gezondheidszorg neemt actief deel aan de evaluatie ervan en werkt met het Agentschap samen bij de voorbereiding en de opvolging van deze evaluatie. De Regering bepaalt de evaluatiemodaliteiten en -procedure. ". Art. 41.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/49 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/49.De administratieve en financiële controle van het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg wordt gevoerd door de daartoe aangewezen personeelsleden van het Agentschap. Administratieve controle betekent controleren of het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg alle gewestelijke bepalingen naleeft. Financiële controle betekent het controleren van het gebruik van de financiering die het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg ontvangt, inclusief het controleren van de uitgevoerde facturering. Om inlichtingen of documenten te verkrijgen die nuttig zijn voor de controle, of om vaststellingen te doen die nuttig zijn voor de controle, kunnen deze personeelsleden : 1° vrije toegang hebben tot de lokalen van het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg tijdens de openingsuren daarvan;2° alle bij het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg berustende documenten raadplegen zonder de lokalen te hoeven verlaten en er kopieën van laten maken;3° kopieën in een door hen gekozen formaat ontvangen van alle documenten of gegevens die door het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg elektronisch worden bijgehouden;4° elke leidinggevende of elk personeelslid van het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg horen;5° het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg schriftelijk of langs elektronische weg om alle nuttige inlichtingen of toelichtingen vragen;6° het Belgisch Staatsblad, de Kruispuntbank van Ondernemingen, de Balanscentrale of elke andere authentieke bron raadplegen voor gegevens met betrekking tot het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg. Voor zover mogelijk zorgt het referentiecentrum voor geestelijke gezondheidszorg ervoor dat de in lid 4 bedoelde documenten, kopieën en informatie die persoonsgegevens bevatten, anoniem worden gemaakt. Bij de uitoefening van hun in lid 4 bedoelde toezichthoudende bevoegdheden vragen de in lid 1er bedoelde personeelsleden van het Agentschap alleen om persoonsgegevens indien de verkrijging van die gegevens noodzakelijk, redelijk en proportioneel is voor het doel van de controle op het referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg. De Regering kan de grenzen vaststellen van de bevoegdheden die bij het voorgaande lid aan de personeelsleden zijn toegekend, alsmede de wijze waarop deze bevoegdheden moeten worden uitgeoefend. De Regering bepaalt de modaliteiten van de controle, met inachtneming van het beginsel van hoor en wederhoor. ". Art. 42.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 491/50 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 491/50.§ 1. De erkenning als referentiecentrum inzake geestelijke gezondheidszorg kan te allen tijde ingetrokken worden wegens niet-naleving van de bepalingen van dit hoofdstuk of van de op grond van dit hoofdstuk vastgestelde bepalingen. Het referentiecentrum inzake geestelijk gezondheidszorg van wie de erkenning is ingetrokken, mag tijdens het jaar volgend op de beslissing tot weigering of intrekking van de erkenning geen nieuwe erkenningsaanvraag indienen. § 2. De procedures tot intrekking van de erkenning worden nader bepaald door de Regering. Te dien einde stelt de Regering de vorm en de termijnen vast en ziet zij erop toe dat de procedure op tegenspraak wordt gevoerd. ". Art. 43.In het opschrift van hoofdstuk II van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, worden de woorden "en referentiecentra inzake geestelijke gezondheidszorg" opgeheven. Art. 44.In hoofdstuk II van titel II van boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek worden afdeling 3 en de artikelen 618 tot en met 622 opgeheven. Afdeling 4.. - Wijzigingen betreffende de psychiatrische verzorgingstehuizen. Art. 45.In titel II van boek VI van Deel 2 van hetzelfde wetboek wordt na artikel 538 een hoofdstuk I/1 met als opschrift "Psychiatrische verzorgingstehuizen" ingevoegd. Art. 46.In hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een afdeling 1 met als opschrift "Algemene bepalingen" ingevoegd. Art. 47.In afdeling 1 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 538/1 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/1.Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder: 1° "psychiatrisch verzorgingstehuis": de residentiële instelling die door de Regering of haar afgevaardigde erkend is om de opdracht bepaald in artikel 538/2 uit te voeren;2° "begunstigde": een persoon met een psychiatrische stoornis die in een psychiatrisch verzorgingstehuis wordt opgevangen;3° "overlegplatform voor geestelijke gezondheidszorg ": het erkende overlegplatform voor geestelijke gezondheidszorg, zoals gedefinieerd in artikel 679/2, 1° ;4° "ziekenhuis": het ziekenhuis zoals bepaald in artikel 2 van de gecoördineerde wet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/07/2008 pub. 31/03/2011 numac 2011000186 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Gecoördineerde wet betreffende de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom. 10/07/2008 pub. 04/06/2010 numac 2010000299 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen. - Duitse vertaling sluiten op de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen;5° "psychiatrisch ziekenhuis" : het psychiatrisch ziekenhuis zoals bepaald in artikel 3 van de gecoördineerde wet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/07/2008 pub. 31/03/2011 numac 2011000186 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Gecoördineerde wet betreffende de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type wet prom. 10/07/2008 pub. 04/06/2010 numac 2010000299 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen. - Duitse vertaling sluiten op de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen;6° "lokalen toegankelijk voor personen met beperkte mobiliteit": speciaal uitgeruste lokalen, overeenkomstig de normen vermeld in artikelen 415 tot 415/16 van de gewestelijke stedenbouwkundige handleiding, om toegankelijk te zijn voor personen met beperkte mobiliteit;7° "inrichtende macht": de instantie die het psychiatrisch verzorgingstehuis voor wettelijk vertegenwoordigt volgens de wetgeving die van toepassing is op zijn rechtsvorm;8° "dossier van de begunstigde": het individueel dossier bedoeld in artikel 538/25;9° "netwerk" : het geheel van de vakmensen, ongeacht hun activiteitensector, van de operatoren of de niet professionelen die gelijktijdig of achtereenvolgens ten gunste van de begunstigde, van een toestand of van een project tussenkomen in een effectief partnerschap, met een werking, finaliteit en doelstellingen die gemeenschappelijk zijn;10° "vertegenwoordiger": a) hetzij de wettelijke of rechterlijke vertegenwoordiger van de begunstigde;b) hetzij de door de begunstigde aangewezen gemachtigde;11° "het Agentschap": het Agentschap bedoeld in artikel 2;12° "de Minister": de Minister die voor volksgezondheid bevoegd is.". Art. 48.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/2 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/2.Het doel van een psychiatrisch verzorgingstehuis is het huisvesten, begeleiden en verlenen van passende en noodzakelijke zorg, zowel overdag als 's nachts, aan de personen bedoeld in artikel 538/4, teneinde hun verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis te verkorten of een verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis te voorkomen. ". Art. 49.In hoofdstuk I van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/2 een afdeling 2 met als opschrift "Organisatie- en werkingsregels" ingevoegd. Art. 50.In afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van titel II van boek VI van deel II van Deel 2 van hetzelfde wetboek wordt een onderafdeling 1 met als opschrift "Dienstproject" ingevoegd. Art. 51.In onderafdeling 1 van afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 538/3 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/3.Alle projecten en acties van het psychiatrisch verzorgingstehuis worden uitgevoerd in het kader van een dienstproject. Het dienstproject wordt opgesteld voor een periode van maximaal vijf jaar. Het dienstproject wordt aangepast in geval van een verzoek tot wijziging van de erkenning van het psychiatrisch verzorgingstehuis. Het dienstproject richt zich voornamelijk op de begunstigde. De in lid 1 bedoelde projecten en acties worden duidelijk beschreven en geïdentificeerd in het dienstproject. Het dienstproject als geheel en elk project en elke actie bedoeld in lid 1 zijn in overeenstemming met de opdracht bedoeld in artikel 538/2. Het dienstproject bestaat minstens uit de volgende bestanddelen: 1° de identificatie van het psychiatrisch verzorgingstehuis 2° de omgeving van het psychiatrisch verzorgingstehuis wat grondgebied en institutioneel netwerk betreft;3° de organisatie van het psychiatrisch verzorgingstehuis en zijn banden met het netwerk;4° de begripsomschrijving van de doelstellingen en van het actieplan;5° de mechanismen voor zelfevaluatie. Het in lid 6, 4°, bedoelde actieplan past in de doelstellingen, acties en strategieën, voorzien in het strategisch plan voor de geestelijke gezondheid, vermeld in artikel 47/19, 2°. De Regering specificeert en vult de inhoud van het dienstproject en bepaalt de modaliteiten voor de aanneming en mededeling ervan aan het Agentschap. De Regering of haar afgevaardigde valideert het dienstproject. ". Art. 52.In afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/3 een onderafdeling 2 met als opschrift "In aanmerking komende begunstigden" ingevoegd. Art. 53.In onderafdeling 2 van afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 538/4 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/4.§ 1. Het psychiatrisch verzorgingstehuis is bestemd voor : 1° personen met een langdurige en gestabiliseerde psychische stoornis, met dien verstande dat zij : a) geen ziekenhuisbehandeling nodig hebben;b) niet in aanmerking komen voor opname in een rust- en verzorgingstehuis, gezien hun mentale toestand;c) niet in aanmerking komen voor de beschermde woning;d) geen ononderbroken psychiatrisch toezicht nodig hebben;e) voortdurende ondersteuning nodig hebben;2° personen met een mentale handicapverstandelijk gehandicapten, met dien verstande dat zij : a) geen ziekenhuisbehandeling nodig hebben;b) niet in aanmerking komen voor de beschermde woning;c) niet in aanmerking komen voor toelating tot een residentiële dienst voor volwassenen of residentiële overnachtingsdienst voor volwassenen of een onder toezicht staande huisvestingsdienst;d) geen ononderbroken psychiatrisch toezicht nodig hebben;e) voortdurende ondersteuning nodig hebben; § 2. Het psychiatrisch verzorgingstehuis legt in een reglement de voorwaarden en procedure vast voor het toelaten, uitsluiten en ontslaan van de begunstigde. Dit reglement wordt meegedeeld aan: 1° elke begunstigde;2° elke persoon die het psychiatrisch verzorgingstehuis wenst te betreden, of zijn vertegenwoordiger;3° het Agentschap : De Regering bepaalt de minimumvoorwaarden waaraan dit reglement qua inhoud en vorm moet voldoen.". Art. 54.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/5 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/5.Op voorwaarde dat hij nog steeds voldoet aan de voorwaarden bepaald in artikel 538/4, § 1, keert een begunstigde die tijdelijk in een ziekenhuis is opgenomen om er de gepaste onderzoeken en behandelingen te ondergaan, in geval van een crisis of de noodzaak om behandelingen en klinische zorgen te ondergaan, aan het einde van de ziekenhuisopname terug naar het psychiatrisch verzorgingstehuis waar hij vóór deze ziekenhuisopname verbleef. ". Art. 55.In afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/5 een onderafdeling 2 met als opschrift "Samenwerking met andere verzorgingsinstellingen inzake geestelijke gezondheid" ingevoegd. Art. 56.In onderafdeling 3 van afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 538/6 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/6.In het belang van de begunstigden sluit het psychiatrisch verzorgingstehuis een schriftelijke overeenkomst met ten minste één psychiatrisch ziekenhuis. De Regering of haar afgevaardigde bepaalt de minimuminhoud en het model van de in lid 1 bedoelde overeenkomst. ". Art. 57.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/7 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/7.Het psychiatrisch verzorgingstehuis is lid van ten minste één overlegplatform inzake geestelijke gezondheidszorg . ". Art. 58.In afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/7 een onderafdeling 4 met als opschrift "Personeel en omkadering" ingevoegd. Art. 59.In onderafdeling 4 van afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 538/8 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/8.Het psychiatrisch verzorgingstehuis wordt apart beheerd van andere instellingen of diensten die onder dezelfde inrichtende macht vallen, zonder afbreuk te doen aan de samenwerking tussen deze instellingen of diensten. ". Art. 60.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/9 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/9.Het psychiatrisch verzorgingstehuis moet voldoende personeel hebben om de begunstigden te verzorgen. De Regering of haar afgevaardigde stelt de vereiste titels en kwalificaties vast voor het personeel bedoeld in het eerste lid. ". Art. 61.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/10 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/10.§ 1. Elk personeelslid wordt aangeworven door de inrichtende macht: 1° hetzij als statutaire werknemer.2° hetzij als werknemer met een arbeidsovereenkomst; § 2. In de gevallen en onder de voorwaarden die zij bepaalt, kan de Regering of haar afgevaardigde geheel of gedeeltelijk toestaan dat bepaalde functies in uitvoering van artikel 538/9, tweede lid, worden uitgeoefend door onafhankelijke dienstverleners die door een samenwerkingsovereenkomst aan de inrichtende macht zijn gebonden. De in lid 1 bedoelde samenwerkingsovereenkomst wordt gesloten tussen de onafhankelijke dienstverlener en de inrichtende macht. Deze samenwerkingsovereenkomst bepaalt de voorwaarden voor deelname aan de activiteiten en de beheerkosten van het psychiatrisch verzorgingstehuis en het maximumbedrag van de erelonen. De Regering of haar afgevaardigde bepaalt de minimuminhoud en de voorwaarden en modaliteiten van de samenwerkingsovereenkomst bedoeld in het eerste lid. ". Art. 62.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/11 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/11.De Regering bepaalt de normen die van toepassing zijn op de berekening van het minimumaantal personeelsleden dat wordt toegewezen aan het psychiatrisch verzorgingstehuis. ". Art. 63.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/12 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/12.De inrichtende macht benoemt de geneesheer-psychiater die verantwoordelijk is voor de begeleiding van het multidisciplinaire team. De Regering bepaalt de minimale kwalificaties die nodig zijn om deze begeleidingsfunctie te vervullen. De Regering bepaalt de specifieke opdracht die aan de in lid 1 bedoelde geneesheer-psychiater worden toevertrouwd. ". Art. 64.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/13 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/13.Multidisciplinair overleg wordt georganiseerd binnen het multidisciplinaire team zoals vereist en, op zijn minst, met tussenpozen bepaald door de Regering. De Regering bepaalt de inhoud en de modaliteiten voor het pluridisciplinair overleg. ". Art. 65.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/14 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/14.Begunstigden moeten dag en nacht onder toezicht staan. De Regering bepaalt de voorwaarden van dit toezicht en het minimumaantal mensen dat aan dit toezicht moet worden toegewezen. ". Art. 66.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/15 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/15.De inrichtende macht van het psychiatrisch verzorgingstehuis respecteert de therapeutische vrijheid van de leden van het multidisciplinaire team. ". Art. 67.In afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/15 een onderafdeling 5 met als opschrift "Beroepsgeheim" ingevoegd. Art. 68.In onderafdeling 5 van afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 538/16 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/16.De leden van het multidisciplinaire team en de inrichtende macht zijn gebonden door het beroepsgeheim ten aanzien van alle informatie met betrekking tot de begunstigden waarvan zij kennis hebben of kunnen hebben. Elke schending van het geheim wordt overeenkomstig artikel 458 van het Strafwetboek gestraft. ". Art. 69.In afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/16 een onderafdeling 6 met als opschrift "Bepalingen met betrekking tot gebouwen" ingevoegd. Art. 70.In onderafdeling 6 van afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 538/17 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/17.Het psychiatrisch verzorgingstehuis heeft minimaal tien en maximaal zestig bedden. Het psychiatrisch verzorgingstehuis kan afwijken van het in het eerste lid bedoelde maximumaantal bedden, wanneer het vóór 1 januari 2024 een erkenning heeft voor meer dan zestig bedden. De Regering of haar afgevaardigde kan in het belang van de begunstigden andere afwijkingen van lid 1 toestaan dan die waarin lid 2 voorziet, met inachtneming van de beginselen van gelijkheid en non-discriminatie tussen psychiatrische verzorgingstehuizen. ". Art. 71.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/18 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/18.Het psychiatrisch verzorgingstehuis ligt buiten de campus van een psychiatrisch ziekenhuis. Het psychiatrisch verzorgingstehuis bevindt zich in de plaatselijke gemeenschap op een manier die het psychologisch welzijn van de bewoners garandeert. Van het eerste en tweede lid wordt afgeweken indien het psychiatrisch verzorgingstehuis voor 1 januari 2024 is toegelaten zonder dat is voldaan aan de locatievoorwaarden, bedoeld in het eerste en tweede lid. De Regering of haar afgevaardigde kan, in de gevallen die zij bepaalt en met inachtneming van de beginselen van gelijkheid en niet-discriminatie tussen psychiatrische verzorgingstehuizen, andere afwijkingen van de bepalingen van dit artikel toestaan, mits de afwijking het welzijn van de begunstigden niet schaadt. ". Art. 72.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/19 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/19.§ 1. Elke kamer heeft een eenpersoonsbed. In afwijking van het eerste lid mag een kamer twee bedden hebben als het psychiatrisch verzorgingstehuis voor 1 januari 2024 een erkenning heeft voor kamers met twee bedden. Het aantal tweepersoonskamers mag nooit meer zijn dan de helft van het totale aantal kamers. De Regering of haar afgevaardigde kan in het belang van de begunstigden andere afwijkingen van lid 1 toestaan dan die waarin lid 2 voorziet, met inachtneming van de beginselen van gelijkheid en non-discriminatie tussen psychiatrische verzorgingstehuizen. § 2. De Regering bepaalt welke gemeenschappelijke ruimten een psychiatrisch verzorgingstehuis moet omvatten om het gemeenschapsleven te waarborgen en specificeert zo nodig de minimumkenmerken van deze gemeenschappelijke ruimten. § 3. Elke kamer en de gemeenschappelijke ruimten moeten voldoen aan de gezondheidsnormen van artikel 3 van het Waalse Wetboek voor Duurzaam Wonen en de uitvoeringsbesluiten ervan. In afwijking van lid 1erkan de Regering specifieke normen vaststellen voor psychiatrische verzorgingstehuizen. De Regering bepaalt de minimale oppervlaktes en volumes van kamers en gemeenschappelijke ruimtes. ". Art. 73.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/20 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/20.De overheid bepaalt welke brandveiligheidsnormen van toepassing zijn op psychiatrische verzorgingstehuizen. ". Art. 74.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/21 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/21.Het psychiatrisch verzorgingstehuis heeft een buitenruimte. Een afwijking van lid 1 wordt toegestaan wanneer het psychiatrisch verzorgingstehuis vóór 1 januari 2024 is erkend zonder over een buitenruimte te beschikken. De Regering of haar afgevaardigde kan in het belang van de begunstigden andere afwijkingen van lid 1 toestaan dan die waarin lid 2 voorziet, met inachtneming van de beginselen van gelijkheid en non-discriminatie tussen psychiatrische verzorgingstehuizen. ". Art. 75.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/22 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/22.Het psychiatrisch verzorgingstehuis is toegankelijk en geschikt voor personen met beperkte mobiliteit. De Regering of haar afgevaardigde kan, onder de voorwaarden die zij bepaalt, een afwijking van lid 1 toestaan. De Regering neemt de nodige maatregelen voor de uitvoering van dit artikel. ". Art. 76.In afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/22 een onderafdeling 7 met als opschrift "Bepalingen met betrekking tot de leefomgeving" ingevoegd. Art. 77.In onderafdeling 6 van afdeling 2 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek, wordt een artikel 538/23 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/23.§ 1. Het psychiatrisch verzorgingstehuis garandeert dagelijks een sfeer die past bij een prettige leefomgeving. Het psychiatrisch verzorgingstehuis is zo georganiseerd dat er een familiale sfeer heerst. De kamers zijn ontworpen en ingericht met als doel een aangenaam verblijf te garanderen en de privacy van de begunstigden te respecteren. De Regering neemt alle maatregelen die nodig of nuttig zijn voor de uitvoering van deze paragraaf. § 2. Het gemeenschapsleven binnen het psychiatrisch verzorgingstehuis wordt bepaald door een huishoudelijk reglement. Het huishoudelijk reglement wordt bij opname door elke begunstigde ondertekend. De Regering bepaalt de minimuminhoud van het huishoudelijk reglement en de eisen die ze al dan niet oplegt aan begunstigden. ". Art. 78.Er wordt in hetzelfde Wetboek een artikel 538/24 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/24.De Regering bepaalt de regels die van toepassing zijn op de distributie en opslag van geneesmiddelen. ". Art. 79.In hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt na artikel 538/24 een afdeling 3 "Individueel dossier" ingevoegd. Art. 80.In afdeling 3 van hoofdstuk I/1 van Titel II van Boek VI van Deel 2 van hetzelfde Wetboek wordt een artikel 538/25 ingevoegd, luidend als volgt: "Art. 538/25.§ 1. Voor elke begunstigde wordt een individueel dossier aangelegd met de in lid 2 bedoelde medische, sociale en administratieve gegevens die noodzakelijk, passend en relevant zijn voor de behandeling van het geestelijke gezondheidsprobleem waarvoor de begunstigde psychiatrische zorg wenst, met inbegrip van de continuïteit van de zorg, met inachtneming van de ethische regels en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Het individuele dossier is een voorwaarde voor de zorgverlening aan de begunstigde; als de begunstigde weigert toestemming te geven voor het bijhouden van zijn individuele dossier, wordt zijn zorg onmiddellijk beëindigd. De begunstigde ondertekent een document dat toestemming geeft voor het bijhouden van het individuele dossier en de uitwisseling van gegevens tussen de leden van het multidisciplinaire team. Het individuele dossier van de begunstigde bevat alleen de volgende gegevens: 1° de identificatie van de inwoner aan de hand van zijn sociaal zekerheidsnummer (INSZ), naam, geslacht, geboortedatum, adres, telefoonnummers ene-mailadressen en, indien van toepassing, de gegevens van zijn vertegenwoordiger;2° de identificatie van de huisarts van de begunstigde en, in voorkomend geval, van de geneesheer-specialist of andere beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg die door de begunstigde is aangewezen;3° de persoonlijke identificatie van de leden van het multidisciplinaire team die betrokken zijn bij de opname van de begunstigde;4° de identificatie van de leden van het net, waaronder het lid dat verantwoordelijk is voor de doorverwijzing naar het psychiatrisch verzorgingstehuis;5° de reden van de opname of het probleem op het ogenblik van de opname;6° de persoonlijke en familiale voorgeschiedenis van de begunstigde;7° de resultaten van onderzoeken zoals klinische, radiologische, biologische, functionele en histo-pathologische onderzoeken die nuttig zijn voor de behandeling van de begunstigde;8° aantekeningen van gesprekken met de begunstigde, andere beroepsbeoefenaars uit de gezondheidssector of derden, die relevant zijn voor de zorg voor de begunstigde;9° de van de begunstigde of van derden ontvangen attesten, verslagen of adviezen;10° de gezondheidsdoelstellingen en de verklaringen van de uitdrukking van de wil van van de begunstigde;11° de laatste diagnose gesteld door de betrokken gezondheidswerker;12° de identificatie van de begunstigde zoals bedoeld in artikel 12 van de wet van 22 april 2019Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/04/2019 pub. 14/05/2019 numac 2019041141 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Wet inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg type wet prom. 22/04/2019 pub. 28/12/2023 numac 2023047847 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg;13° een chronologisch overzicht van de verstrekte geneeskundige verzorging en diensten, met vermelding van de aard ervan, de datum en de identiteit van het betrokken lid van het multidisciplinair team;14° de evolutie van de pathologie;15° de doorverwijzingen naar andere zorgverleners, diensten of derden;16° medicijnen, met het medicatieschema, inclusief medicijnen voor andere aandoeningen;17° complicaties of co-morbiditeiten die verdere behandeling vereisen;18° een vermelding dat met toepassing van de artikelen 7, § 2, en 8, § 3, informatie is meegedeeld aan een vertrouwenspersoon of aan de begunstigde in aanwezigheid van een vertrouwenspersoon, en de identiteit van deze vertrouwenspersoon;19° het uitdrukkelijk verzoek van de begunstigde om geen informatie te verstrekken overeenkomstig de artikelen 7, § 3, en 8, § 3, van de voornoemde wet van 22 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/08/2002 pub. 17/09/2002 numac 2002011312 bron ministerie van economische zaken Wet houdende diverse bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen type wet prom. 22/08/2002 pub. 01/10/2002 numac 2002022738 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet strekkende tot de wettelijke erkenning van behandelingen met vervangingsmiddelen en tot wijziging van de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van de giftstoffen, slaapmiddelen en verdovende middelen, ontsmettingsstoffen en antiseptica type wet prom. 22/08/2002 pub. 26/09/2002 numac 2002022737 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de rechten van de patiënt type wet prom. 22/08/2002 pub. 10/09/2002 numac 2002022684 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg type wet prom. 22/08/2002 pub. 28/09/2002 numac 2002022739 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 4 juli 2001 betreffende de erkenning van beroepsorganisaties van beoefenaars van een niet-conventionele praktijk of van een praktijk die in aanmerking kan komen om als niet-conventionele praktijk gekwalificeerd te worden sluiten;20° de redenen voor het niet meedelen van informatie aan de begunstigde overeenkomstig artikel 7, § 4, van de voornoemde wet van 22 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/08/2002 pub. 17/09/2002 numac 2002011312 bron ministerie van economische zaken Wet houdende diverse bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen type wet prom. 22/08/2002 pub. 01/10/2002 numac 2002022738 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet strekkende tot de wettelijke erkenning van behandelingen met vervangingsmiddelen en tot wijziging van de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van de giftstoffen, slaapmiddelen en verdovende middelen, ontsmettingsstoffen en antiseptica type wet prom. 22/08/2002 pub. 26/09/2002 numac 2002022737 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de rechten van de patiënt type wet prom. 22/08/2002 pub. 10/09/2002 numac 2002022684 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg type wet prom. 22/08/2002 pub. 28/09/2002 numac 2002022739 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 4 juli 2001 betreffende de erkenning van beroepsorganisaties van beoefenaars van een niet-conventionele praktijk of van een praktijk die in aanmerking kan komen om als niet-conventionele praktijk gekwalificeerd te worden sluiten;21° het verzoek van de begunstigde overeenkomstig paragraaf 3 om te worden bijgestaan door een door hem aangewezen vertrouwenspersoon of om zijn raadplegingsrecht via die persoon uit te oefenen, en de identiteit van die vertrouwenspersoon;22° de redenen voor de volledige of gedeeltelijke afwijzing van een verzoek van een vertegenwoordiger van de begunstigde om het dossier van de begunstigde te raadplegen of er een afschrift van te krijgen overeenkomstig artikel 15, § 1, van de voornoemde wet van 22 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/08/2002 pub. 17/09/2002 numac 2002011312 bron ministerie van economische zaken Wet houdende diverse bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen type wet prom. 22/08/2002 pub. 01/10/2002 numac 2002022738 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet strekkende tot de wettelijke erkenning van behandelingen met vervangingsmiddelen en tot wijziging van de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van de giftstoffen, slaapmiddelen en verdovende middelen, ontsmettingsstoffen en antiseptica type wet prom. 22/08/2002 pub. 26/09/2002 numac 2002022737 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de rechten van de patiënt type wet prom. 22/08/2002 pub. 10/09/2002 numac 2002022684 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg type wet prom. 22/08/2002 pub. 28/09/2002 numac 2002022739 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 4 juli 2001 betreffende de erkenning van beroepsorganisaties van beoefenaars van een niet-conventionele praktijk of van een praktijk die in aanmerking kan komen om als niet-conventionele praktijk gekwalificeerd te worden sluiten;23° de redenen voor het niet meedelen van informatie aan de begunstigde overeenkomstig artikel 15, § 2, van de voornoemde wet van 22 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/08/2002 pub. 17/09/2002 numac 2002011312 bron ministerie van economische zaken Wet houdende diverse bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen type wet prom. 22/08/2002 pub. 01/10/2002 numac 2002022738 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet strekkende tot de wettelijke erkenning van behandelingen met vervangingsmiddelen en tot wijziging van de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van de giftstoffen, slaapmiddelen en verdovende middelen, ontsmettingsstoffen en antiseptica type wet prom. 22/08/2002 pub. 26/09/2002 numac 2002022737 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet betreffende de rechten van de patiënt type wet prom. 22/08/2002 pub. 10/09/2002 numac 2002022684 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg type wet prom. 22/08/2002 pub. 28/09/2002 numac 2002022739 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 4 juli 2001 betreffende de erkenning van beroepsorganisaties van beoefenaars van een niet-conventionele praktijk of van een praktijk die in aanmerking kan komen om als niet-conventionele praktijk gekwalificeerd te worden sluiten;24° het tarief dat wordt toegepast op de begunstigde;25° het inlichtingenblad voor het verzamelen van socio-epidemiologische gegevens bedoeld in artikel 538/32. Onverminderd andere wettelijke bepalingen worden individuele dossiers door het psychiatrisch verzorgingstehuis bewaard gedurende minimaal dertig jaar en maximaal vijftig jaar na het laatste contact met de begunstigde dat in het individuele dossier is opgenomen, onder verantwoordelijkheid van de administratief directeur. Het psychiatrisch verzorgingstehuis is verantwoordelijk voor de behandeling. § 2. De begunstigde heeft recht op een zorgvuldig bijgehouden individueel dossier van het lid van het psychiatrisch verzorgingsteam, dat bewaard wordt in overeenstemming met de toepasselijke veiligheidsregels. Op verzoek van de begunstigde voegt het team van het psychiatrisch verzorgingstehuis door de begunstigde verstrekte documenten toe aan het hem betreffende dossier. § 3. § 2. De begunstigde heeft recht op inzage in het hem betreffend dossier. De Regering bepaalt de modaliteiten van de aanvraag. Aan het verzoek van de begunstigde tot inzage in het hem betreffende dossier wordt onverwijld en ten laatste binnen 15 dagen na ontvangst ervan gevolg gegeven. De persoonlijke notities van een teamlid van het psychiatrisch verzorgingstehuis en gegevens die betrekking hebben op derden zijn van het recht op inzage uitgesloten. Op zijn verzoek kan de begunstigde zich laten bijstaan door of zijn inzagerecht uitoefenen via een door hem aangewezen vertrouwenspersoon. Indien deze laatste een teamlid van het psychiatrisch verzorgingstehuis of van een ander psychiatrisch verzorgingstehuis is, heeft hij ook inzage in de in het derde lid bedoelde persoonlijke notities. In voorkomend geval wordt het verzoek van de begunstigde schriftelijk ingediend en wordt het verzoek, samen met de identiteit van de vertrouwenspersoon, geregistreerd of toegevoegd aan het dossier van de begunstigde. Indien het dossier van de begunstigde een schriftelijke motivering bevat zoals bedoeld in artikel 7, § 4, tweede lid, van de wet van 22 augustus 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/08/2002 pub. 17/09/2002 numac 2002011312 bron ministerie van economische zaken Wet houdende diverse bepalingen betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen type wet prom. 22/08/2002 pub. 01/10/2002 numac 2002022738 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet strekkende tot de wettelijke erkenning van behandelingen met vervangingsmiddelen en tot wijziging van de wet van 24 februari 1921 betreffende …

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.