📄 Wettekst
26 DECEMBER 2022. - Programmawet (1)
FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : TITEL 1. - Algemene bepaling Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
TITEL 2. - Begroting ENIG HOOFDSTUK. - Wijziging van de
wet van 22 mei 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003367
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003368
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet tot wijziging van de wet van 29 oktober 1846 op de inrichting van het Rekenhof
sluiten houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de Federale Staat Art. 2.Artikel 46 van de
wet van 22 mei 2003Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003367
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003368
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet tot wijziging van de wet van 29 oktober 1846 op de inrichting van het Rekenhof
sluiten houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de Federale Staat, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 12 september 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het wordt aangevuld met de bepaling onder 8°, luidende: "8° een verslag over de in het lopende jaar afgeronde spending reviews, de acties die hieraan worden gekoppeld en een planning voor de uit te voeren spending reviews,"; 2° het wordt aangevuld met een lid, luidende: "Het in het eerste lid, 8°, bedoelde "spending review" wordt gedefinieerd als "een collaboratief proces van het ontwikkelen en aannemen van beleidsopties door het analyseren van de bestaande overheidsuitgaven en het bestaande overheidsbeleid op bepaalde domeinen, en het koppelen van deze opties aan het begrotingsproces.".
TITEL 3. - Energie HOOFDSTUK 1 - Toekenning van een toelage voor het aanschaffen van pellets in bulk bestemd voor de verwarming van een privéwoning Art. 3.Voor de toepassing van dit hoofdstuk, wordt verstaan onder: 1° "woning": ieder gebouw of deel van een gebouw dat zich in België bevindt en geheel of gedeeltelijk gebruikt wordt als individuele particuliere hoofdverblijfplaats of deel uitmaakt van een gemeenschappelijke eigendom;2° "rechthebbende": de bewoner van de woning uit hoofde van een onroerend zakelijk recht of van een persoonlijk recht, zijnde een overeenkomst van onroerende verhuur, waarvan het hoofdverwarmingssysteem pelletverwarming is, die de prijs voor de levering van pellets in bulk bestemd voor de verwarming van deze woning betaalt en die op het ogenblik van de indiening van zijn aanvraag niet in aanmerking komt en geen aanvraag heeft ingediend voor de toelage voor het aanschaffen van huisbrandolie of propaan in bulk bestemd voor de verwarming van een privéwoning, noch voor een federale gaspremie en die geen sociaal gastarief heeft genoten in de zin van artikel 15/10, § 2/2, van de
wet van 12 april 1965Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
05/03/1998
numac
1997015211
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake internationale uitwisseling van gegevens op het gebied van de burgerlijke stand, ondertekend te Istanbul op 4 september 1958, en Bijlage, gedaan te Patras op 6 september 1989
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
sluiten7 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen;3° "pellets in bulk": een hoeveelheid pellets van minimum 500 kg die door een bedrijf per blaaswagen of op pallets worden geleverd;4° "beheerder van de gemeenschappelijke eigendom": natuurlijke of rechtspersoon die de gemeenschappelijke eigendom beheert;5° "gezin": de natuurlijke persoon die doorgaans alleen woont of de personen die doorgaans dezelfde woning betrekken en er samen wonen, waarbij de samenstelling van het gezin bepaald wordt op basis van de gegevens van het Rijksregister van de natuurlijke personen;6° "Rijksregister": het Rijksregister van de natuurlijke personen, ingesteld bij de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen; 7° "FOD Economie": de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie; 8° "formulier model A": formulier dat gebruikt wordt door de rechthebbende die een individuele woning betrekt en dat beschikbaar is op de website van de FOD Economie;9° "formulier model B": formulier dat gebruikt wordt door de rechthebbende die een woning met gemeenschappelijke eigendom betrekt en dat beschikbaar is op de website van de FOD Economie;10° "onderneming": de onderneming die pellets in bulk levert. Art. 4.§ 1. Een toelage van 250 euro netto wordt eenmalig en forfaitair toegekend als tussenkomst in de betaling van de levering van pellets in bulk, aan iedere rechthebbende die tussen 1 juni 2022 en 31 maart 2023 inbegrepen, een levering ontving van een onderneming bestemd voor de verwarming van zijn hoofdverblijfplaats.
Aan de betrokkenen die op hetzelfde adres wonen en deel uitmaken van hetzelfde gezin wordt er één verwarmingstoelage voor pellets in bulk toegekend.
De verwarmingstoelage voor pellets in bulk wordt toegekend op basis van een aanvraag van de rechthebbende via een informaticaplatform. De rechthebbende voegt aan zijn aanvraag toe: 1° de kopie van de factuur van een levering van pellets in bulk bestemd voor de verwarming;2° het betalingsbewijs van de factuur of de afrekening van de onderneming in het geval van termijnbetalingen of een certificaat van het OCMW of van een leverancier of een ander document dat bewijst dat de rechthebbende in orde is met de betalingen. De vereiste gegevens voor de aanvraag omvatten: 1° de naam en de voornaam van de aanvrager;2° het Rijksregisternummer van de aanvrager;3° het adres van de hoofdverblijfplaats van de aanvrager;4° het bankrekeningnummer waarop het bedrag kan worden gestort;5° het telefoonnummer of het e-mailadres van de aanvrager;6° het ondernemingsnummer van de onderneming;7° het klantnummer;8° de factuurdatum;9° het factuurnummer;10° de datum van de levering;11° een verklaring op eer waarin wordt bevestigd het gebruik van pelletverwarming als hoofdverwarmingssysteem en de juistheid van de verstrekte informatie. § 2. De verwarmingstoelage voor pellets in bulk wordt eveneens toegekend aan gezinnen die in een appartementsgebouw met gemeenschappelijke eigendom wonen of met opbrengsteigendom met verwarming op pellets via een gemeenschappelijke installatie.
De verwarmingstoelage voor pellets in bulk wordt toegekend op basis van een aanvraag van de rechthebbende via een informaticaplatform.
De vereiste gegevens voor de aanvraag omvatten: 1° de naam en de voornaam van de aanvrager;2° het Rijksregisternummer van de aanvrager;3° het adres van de hoofdverblijfplaats van de aanvrager;4° het telefoonnummer of het e-mailadres van de aanvrager;5° het ondernemingsnummer van de gemeenschappelijke eigendom;6° het bankrekeningnummer van de aanvrager;7° een verklaring op eer waarin wordt bevestigd dat de verschafte informatie correct is. § 3. De aanvragen kunnen ingediend worden tot en met 30 april 2023. § 4. De aanvraag wordt online ingediend of per aangetekende zending aan de FOD Economie bezorgd op het adres vermeld op de website van de FOD Economie. § 5. De aanvragen bedoeld in de paragrafen 1 en 2 die niet volledig of behoorlijk zijn ingevuld worden in geen geval in aanmerking genomen voor de verwarmingstoelage voor pellets in bulk. In dat geval kan de aanvraag uiterlijk tot en met 30 april 2023 vervolledigd worden en opnieuw worden ingediend. § 6. De procedure voor het beheer van de aanvragen is beschikbaar op de website van de FOD Economie. Art. 5.De beheerders van de gemeenschappelijke eigendommen bezorgen aan de FOD Economie, voor 15 april 2023, via een informaticaplatform, voor de woningen die ze beheren, die worden verwarmd met pellets in bulk, en waarvoor een levering plaatsvond tussen 1 juni 2022 en 31 maart 2023 inbegrepen: 1° het ondernemingsnummer van de gemeenschappelijke eigendom die ze beheren en die verwarmd wordt met pellets in bulk;2° het ondernemingsnummer van de onderneming;3° het klantnummer;4° het factuurnummer;5° de factuurdatum;6° de datum van de levering;7° de kopie van de factuur van een levering van pellets in bulk bestemd voor de verwarming;8° het betalingsbewijs van de factuur;9° het adres van de levering. De Koning kan aanvullende rapportagemodaliteiten bepalen. Art. 6.De eigenaars van een of meer opbrengsteigendommen bezorgen aan de FOD Economie, voor 15 april 2023, via een informaticaplatform, voor de woningen die ze beheren, die worden verwarmd met pellets in bulk, en waarvoor een levering plaatsvond tussen 1 juni 2022 en 31 maart 2023 inbegrepen: 1° het ondernemingsnummer van de onderneming;2° het klantnummer;3° het factuurnummer;4° de factuurdatum;5° de datum van de levering;6° de kopie van de factuur van een levering van pellets in bulk bestemd voor de verwarming;7° het betalingsbewijs van de factuur;8° het adres van de levering. De Koning kan aanvullende rapportagemodaliteiten bepalen. Art. 7.De FOD Economie heeft als opdracht het toekennen van de verwarmingstoelage voor pellets in bulk. Hij gaat na of de rechthebbende de toekenningsvoorwaarden voor de toelage nakomt. Hij gaat met name na: 1° of de aanvrager recht heeft op de toelage bedoeld in artikel 4;2° of de aanvrager pellets in bulk gebruikt om zijn woning te verwarmen;3° of het leveringsadres overeenkomt met het adres waarop de aanvrager zijn hoofdverblijfplaats heeft. Om de opdracht bedoeld in het eerste lid uit te kunnen voeren, bezorgen de ondernemingen, via een informaticaplatform, minstens éénmaal per week een lijst van hun klanten aan de FOD Economie die de volgende informatie bevat: 1° het klantnummer;2° het factuurnummer;3° het leveringsadres;4° de datum van de levering;5° het ondernemingsnummer van hun klant;6° de datum van de factuur. De gegevens bedoeld in het tweede lid die dateren van vóór de inwerkingtreding van dit hoofdstuk, worden ook gerapporteerd met terugwerkende kracht vanaf 1 juni 2022, binnen een termijn van drie weken volgend op de inwerkingtreding van dit hoofdstuk.
De Koning kan aanvullende rapportagemodaliteiten bepalen.
De procedure voor de beheerscontrole is beschikbaar op de website van de FOD Economie. Art. 8.De FOD Economie beslist binnen twee maanden volgend op de ontvangst van de aanvraag, en uiterlijk op 30 juni 2023, over de ontvankelijkheid ervan.
De verwarmingstoelage voor pellets in bulk wordt binnen een redelijke termijn betaald op de bankrekening die op het formulier model A of model B wordt vermeld. Art. 9.De financiering van de verwarmingstoelage voor pellets in bulk wordt door de staatsbegroting gedragen. Art. 10.In de mate waarin dit nodig blijkt voor de opdracht van de FOD Economie bedoeld in artikel 7, kan de FOD Economie het Rijksregister raadplegen, overeenkomstig de machtiging verleend door de minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken, krachtens artikel 5, § 1, 1°, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen.
Het Rijksregister geeft de volgende gegevens door: 1° de naam en de voornamen;2° de hoofdverblijfplaats;3° de datum van overlijden;4° de gezinssamenstelling;5° het Rijksregisternummer;6° de datum van de laatste bijwerking. Art. 11.De FOD Economie kan de gegevens van de rechthebbende en van de onderneming bedoeld in dit hoofdstuk verwerken, de persoonsgegevens in de zin van de
wet van 30 juli 2018Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003367
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003368
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet tot wijziging van de wet van 29 oktober 1846 op de inrichting van het Rekenhof
sluiten0 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens inbegrepen, voor zover de verwerking van deze gegevens nodig is voor het uitvoeren van zijn opdracht bedoeld in artikel 7.
De FOD Economie bewaart de gegevens gedurende maximum twee jaar vanaf het moment waarop ze door de rechthebbenden en het Rijksregister worden meegedeeld.
De FOD Economie is verantwoordelijk voor de verwerking voor wat betreft het beheer van de gegevens in zijn bezit of die te zijner beschikking zijn gesteld krachtens dit hoofdstuk. Art. 12.Onverminderd de strafrechtelijke feiten die zijn vastgesteld, worden bestraft met een administratieve geldboete van 500 tot 10.000 euro, zij die de gegevens bedoeld in artikel 5, eerste lid, in artikel 6, eerste lid en in artikel 7, tweede lid niet verschaffen of bewust onvolledig of onnauwkeurig verschaffen.
De directeur-generaal van de Algemene Directie Energie van de FOD Economie, of bij delegatie, de door hem aangeduide adviseur-generaal, kan overeenkomstig dit hoofdstuk het bedrag van de administratieve geldboete bepalen.
Rechthebbenden die een of meer aanvragen voor verwarmingstoelage voor pellets in bulk hebben ingediend terwijl zij er geen recht op hadden en indien blijkt dat het de bedoeling was fraude te plegen, worden vervolgd en bestraft op grond van de artikelen 196, 197 en 210bis van het Strafwetboek.
De inbreuken op zowel de rechthebbenden als de ondernemingen worden vervolgd door de ambtenaren van de FOD Economie hiertoe aangesteld door de Koning, namelijk de ambtenaren van de Algemene Directie Economische Inspectie, waar nodig met de hoedanigheid van officier van gerechtelijk politie, of de ambtenaren van de Algemene Directie Energie. Art. 13.De Koning kan de termijnen bedoeld in artikel 4, §§ 1, 3 en 5, artikel 5, artikel 6 en artikel 8, eerste lid, verlengen, ten laste van de algemene uitgavenbegroting en binnen de perken van de beschikbare begrotingsmiddelen. De Koning bepaalt de regels en de voorwaarden van deze verlenging. Art. 14.De Koning kan het bedrag van de toelage bedoeld in artikel 4, § 1, eerste lid, verhogen, ten laste van de algemene uitgavenbegroting en binnen de perken van de beschikbare begrotingsmiddelen.
De Koning bepaalt de regels en de voorwaarden van deze verhoging. Art. 15.Bij twijfel over de ontvankelijkheid van de aanvraag kunnen de personeelsleden van de FOD Economie controles uitvoeren op de hoofdverblijfplaats van de rechthebbende. Art. 16.Dit hoofdstuk treedt in werking de dag waarop deze wet in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de
wet van 12 april 1965Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
05/03/1998
numac
1997015211
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake internationale uitwisseling van gegevens op het gebied van de burgerlijke stand, ondertekend te Istanbul op 4 september 1958, en Bijlage, gedaan te Patras op 6 september 1989
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
sluiten7 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen Art. 17.De
wet van 12 april 1965Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
05/03/1998
numac
1997015211
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake internationale uitwisseling van gegevens op het gebied van de burgerlijke stand, ondertekend te Istanbul op 4 september 1958, en Bijlage, gedaan te Patras op 6 september 1989
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
sluiten7 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen, laatst gewijzigd bij de wet van 28 april 2022, wordt aangevuld met een hoofdstuk IVundecies getiteld "Uitzonderlijke solidariteitsbijdrage van de beheerder van het aardgasvervoersnet". Art. 18.In het bij artikel 17 ingevoegde hoofdstuk IVundecies wordt het volgende artikel 15/26 ingevoegd: "Art. 15/26.§ 1. Ten behoeve van de staat wordt een uitzonderlijke solidariteitsbijdrage van de beheerder van het aardgasvervoersnet ingesteld. § 2. Het bedrag van de bijdrage bedoeld in paragraaf 1 is 300 miljoen euro. § 3. De in paragraaf 1 bedoelde bijdrage moet uiterlijk op 16 januari 2023 worden gestort op de bankrekening BE42 6792 0000 0054 van het Team "Beheer Centrale Rekening Inning en Invordering" van de Federale Overheidsdienst Financiën. § 4. Indien de bijdrage bedoeld in paragraaf 1 niet binnen de in paragraaf 3 gestelde termijn is betaald, zijn over de verschuldigde bedragen voor de hele duur van de vertraging van rechtswege nalatigheidsinteresten verschuldigd gelijk aan de wettelijke rentevoet en worden de verschuldigde bedragen ingevorderd door de administratie van de Federale Overheidsdienst Financiën belast met de inning en de invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen overeenkomstig artikel 3 van de domaniale wet van 22 december 1949.
De op grond van het eerste lid verschuldigde nalatigheidsinterest wordt per kalendermaand berekend over het openstaande bedrag van de heffing, naar beneden afgerond op het dichtstbijzijnde veelvoud van 10 euro. De maand van de vervaldag wordt niet meegerekend, maar de maand waarin de betaling plaatsvindt, wordt als een hele maand gerekend. De rente van één maand wordt alleen gevorderd als deze 5 euro bereikt.
De uitzonderlijke solidariteitsbijdrage en de verhoging bedoeld in artikel 15/28 verjaren vijf jaar vanaf het moment waarop ze verschuldigd zijn geworden.". Art. 19.In het bij artikel 17 ingevoegde hoofdstuk IVundecies wordt het volgende artikel 15/27 ingevoegd: "Art. 15/27.§ 1. De bijdrage bedoeld in artikel 15/26, § 1 is een kost voor de beheerder van het aardgasvervoersnet, waarvoor het in artikel 15/5bis, § 5, 12°, bedoelde richtsnoer niet van toepassing is. § 2. De bijdrage bedoeld in artikel 15/26, § 1, is een fiscaal aftrekbare beroepskost in de zin van artikel 49 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.". Art. 20.In het bij artikel 17 ingevoegde hoofdstuk IVundecies wordt een artikel 15/28 ingevoegd, dat als volgt luidt: "Art. 15/28.Onverminderd artikel 15/26, § 4 kan de Federale Overheidsdienst Financiën, bij ontstentenis van betaling of laattijdige betaling van het bedrag bedoeld in artikel 15/26, § 1 de beheerder van het aardgasvervoersnet, na hem te hebben gehoord of naar behoren te hebben opgeroepen, een verhoging van de bijdrage opleggen van maximum 10 % van het bedrag bedoeld in artikel 15/26, § 2. Deze verhoging wordt ingevorderd zoals de bijdrage bedoeld in artikel 15/26, § 1.". Art. 21.Dit hoofdstuk treedt in werking de dag waarop deze wet in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
TITEL 4. - Werk HOOFDSTUK 1. - Aanwezigheidsregistratie voor onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten Afdeling 1. - Definities
Art. 22.Voor de toepassing van dit hoofdstuk, wordt verstaan onder: 1° "natuurlijke persoon": elke natuurlijke persoon bedoeld in artikel 23 van dit hoofdstuk;2° "onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten": elke onderhouds- en/of reinigingsactiviteit van onroerende goederen in de zin van artikel 20, § 2, van het koninklijk besluit nr.1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde en die onderworpen zijn aan een verklaring met toepassing van artikel 30bis, § 7, van de
wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten6 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders; 3° "arbeidsplaats": elk onroerend goed waar onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten worden verricht;4° "registratiesysteem": elektronisch aanwezigheids- registratiesysteem;5° "aannemer": - eenieder die zich ertoe verbindt om tegen een prijs voor een opdrachtgever onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten uit te voeren of te laten uitvoeren; - de aannemer, bedoeld in artikel 30bis, § 7, vijfde lid, a) en b), van de
wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten6 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders; - iedere onderaannemer ten overstaan van de na hem komende onderaannemers; 6° "onderaannemer": eenieder die zich ertoe verbindt, hetzij rechtstreeks, hetzij onrechtstreeks, in welke fase ook, tegen een prijs de aan de aannemer toevertrouwde onderhouds- en/of reinigingsactiviteit of een onderdeel ervan uit te voeren of te laten uitvoeren of daartoe werknemers ter beschikking te stellen. Afdeling 2. - Toepassingsgebied
Art. 23.Dit hoofdstuk is van toepassing op: 1° de werknemers die opdrachten uitvoeren voor de in 2° bedoelde werkgevers; Voor de toepassing van dit hoofdstuk worden gelijkgesteld met de werknemers: a) de personen die, anders dan krachtens een arbeidsovereenkomst, arbeid verrichten onder het gezag van een ander persoon, behoudens de personen die prestaties leveren tot het verkrijgen van de vergoeding overeenkomstig artikel 90, eerste lid, 1° bis, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992;b) de gedetacheerde werknemers en de gedetacheerde zelfstandigen, bedoeld in artikel 137 en volgende van de programma
wet van 27 december 2006Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
05/03/1998
numac
1997015211
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake internationale uitwisseling van gegevens op het gebied van de burgerlijke stand, ondertekend te Istanbul op 4 september 1958, en Bijlage, gedaan te Patras op 6 september 1989
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
sluiten4;c) de personen die een beroepsopleiding volgen waarvan het studieprogramma voorziet in een vorm van arbeid die al dan niet in de opleidingsinstelling wordt verricht;d) de personen verbonden door een leerovereenkomst;e) de stagiairs;f) de leerlingen en studenten die een studierichting volgen waarvan het opleidingsprogramma voorziet in een vorm van arbeid die in de onderwijsinstelling wordt verricht;g) de zelfstandigen en hun helpers bedoeld in het koninklijk besluit nr.38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen; 2° de werkgevers en de daarmee gelijkgestelde personen die in de hoedanigheid van aannemer of onderaannemer onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten verrichten;3° de aannemers en onderaannemers. Dit hoofdstuk is van toepassing op de arbeidsplaatsen waar onderhouds- en/of reinigingsactiviteit worden verricht. Afdeling 3. - Elektronisch aanwezigheidsregistratiesysteem
Art. 24.§ 1. Voor elke arbeidsplaats, worden de aanwezigheid en de rustpauzes van elke natuurlijke persoon, geregistreerd: 1° door middel van een registratiesysteem;of 2° door een andere automatische registratiewijze, indien dit apparaat of deze apparaten gelijkwaardige waarborgen bieden als het registratiesysteem bedoeld in 1°, en het bewijs geleverd wordt van het feit dat het begin en het einde van de activiteiten van de natuurlijke personen op de arbeidsplaats daadwerkelijk worden geregistreerd. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de gelijkwaardige waarborgen waaraan de in het eerste lid, 2° bedoelde registratie ten minste moet beantwoorden. § 2. Het registratiesysteem, bedoeld in § 1, eerste lid, 1°, omvat: 1° een gegevensbank beheerd door de overheid die bepaalde gegevens verzamelt met het oog op de controle en de exploitatie van deze gegevens;2° een registratieapparaat waarin de gegevens kunnen geregistreerd worden en dat toelaat om deze gegevens door te zenden naar de gegevensbank of een systeem dat toelaat om de voormelde gegevens te registreren en door te zenden naar de gegevensbank;3° een registratiemiddel dat elke natuurlijke persoon moet gebruiken om zijn identiteit te bewijzen bij de registratie. Afdeling 4. - Registratiegegevens en verwerking ervan
Onderafdeling 1. - Registratiegegevens Art. 25.§ 1. Het registratiesysteem bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, 1°, en de registratiewijze, bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, 2°, geven de volgende gegevens weer: 1° de identificatiegegevens van de natuurlijke persoon;2° al naargelang het geval, het adres of de geografische omschrijving van de arbeidsplaats;3° de hoedanigheid waarin een natuurlijke persoon zich bevindt op de arbeidsplaats;4° de identificatiegegevens van de werkgever, wanneer de natuurlijke persoon een werknemer is;5° wanneer de natuurlijke persoon een zelfstandige is, de identificatiegegevens van de natuurlijke persoon of rechtspersoon in wiens opdracht een werk wordt verricht;6° het tijdstip van de registratie van aankomst op de arbeidsplaats en dat van vertrek van de arbeidsplaats evenals rustpauzes. § 2. De gegevens, bedoeld in § 1, zijn sociale gegevens van persoonlijke aard als bedoeld in artikel 2, eerste lid, 6°, van de
wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten4 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid. § 3. Na advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit, bepaalt de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de voorwaarden en de nadere regels waaraan het registratiesysteem moet beantwoorden inzonderheid: 1° de eigenschappen van het registratiesysteem;2° de nadere regels betreffende het bijhouden van het registratiesysteem;3° de inlichtingen die het registratiesysteem moet bevatten betreffende de op te nemen gegevens;4° de nadere regels voor het doorsturen van de gegevens, inzonderheid het tijdstip van doorsturen;5° de verschillende registratiemiddelen en hun technische specificaties die toegelaten zijn om zich te registreren;6° welke gegevens niet moeten geregistreerd worden indien ze reeds op elektronische wijze elders beschikbaar zijn voor de overheid en gebruikt kunnen worden in het kader van deze wet. Onderafdeling 2. - Verwerkingsverantwoordelijke Art. 26.De gegevens worden doorgestuurd naar een gegevensbank die bijgehouden wordt door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid en de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg zijn de verwerkingsverantwoordelijken bedoeld in artikel 4, 7), van de Verordening 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) van de gegevens waarover zij beschikken of die haar worden meegedeeld krachtens artikel 5, § 1, van dezelfde verordening.
Onderafdeling 3. - Finaliteiten van de aanwezigheidsregistratie Art. 27.De in artikel 24 bedoelde aanwezigheidsregistratie heeft tot doel de veiligheid van de natuurlijke personen te verbeteren, zwartwerk en sociale fraude te bestrijden en de administratieve lasten voor aannemers en onderaannemers in verband met de bekendmaking van de arbeidsuren te verlichten.
De Rijksdienst voor Sociale Zekerheid en de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociale Overleg kunnen, in overstemming met de bepalingen van de
wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten4 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid, de in toepassing van deze wet verwerkte gegevens verder verwerken om hun andere wettelijke bevoegdheden uit te oefenen met het oog op de preventie, de vaststelling, de vervolging en de bestraffing van de inbreuken op de reglementering die tot hun respectieve bevoegdheden behoren en met het oog op de inning en invordering van de bedragen die tot hun respectieve bevoegdheden behoren.
Onderafdeling 4. - Bewaartermijn van de gegevens Art. 28.Voor de doeleinden bedoeld in artikel 27, worden de in artikel 25 bedoelde persoonsgegevens niet langer bewaard dan noodzakelijk, met een maximale bewaartermijn die één jaar na de verjaring van alle vorderingen die tot de bevoegdheid van de verwerkingsverantwoordelijken behoren en, in voorkomend geval, de integrale betaling van alle hiermee verbonden bedragen niet mag overschrijden.
Onderafdeling 5. - Consultatie en meedelen van de gegevens Art. 29.Onverminderd de toepassing van artikel 14 van de
wet van 15 januari 1990Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten4 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid, mogen de sociale inspecteurs en de instellingen van sociale zekerheid, op voorwaarde van een voorafgaande beraadslaging vanwege de kamer sociale zekerheid en gezondheid van het informatieveiligheidscomité, bedoeld in artikel 41 van voormelde wet, de gegevens die opgenomen zijn in het registratiesysteem raadplegen, onderling uitwisselen en gebruiken in het kader van de uitoefening van de hun krachtens de wet toegewezen opdrachten. Art. 30.Onverminderd de toepassing van de artikelen 182 en 183 van de
wet van 30 juli 2018Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003367
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003368
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet tot wijziging van de wet van 29 oktober 1846 op de inrichting van het Rekenhof
sluiten0 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens mogen de sociale inspecteurs, op eigen initiatief of op verzoek, de in artikel 29 bedoelde gegevens meedelen aan buitenlandse inspectiediensten.
Onderafdeling 6. - Recht tot toegang en rechtzetting Art. 31.De Koning bepaalt, na advies van de Gegevens-beschermingsautoriteit en bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de voorwaarden en de nadere regels waaronder de gegevens in de gegevensbank kunnen geraadpleegd en rechtgezet worden door: 1° elke natuurlijke persoon, voor zijn eigen gegevens;2° elke aannemer voor zijn eigen werknemers die optreden op de arbeidsplaats waar hij zelf tewerkgesteld is om onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten uit te oefenen. Onderafdeling 7. - Transparantie Art. 32.De Koning kan, na het advies van de Gegevens-beschermingsautoriteit, bepalen op welke wijze en onder welke voorwaarden de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg of de overige verantwoordelijken voor de verwerking die gegevens leveren of gebruiken, verplicht zijn om hun informatieplicht overeenkomstig artikelen 36 en 37 van de
wet van 30 juli 2018Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003367
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003368
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet tot wijziging van de wet van 29 oktober 1846 op de inrichting van het Rekenhof
sluiten0 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens na te leven zodat elke persoon wordt ingelicht wanneer gegevens die op hem betrekking hebben, worden opgeslagen of wanneer het voornemen bestaat deze gegevens aan derden door te geven.
In de verstrekte mededeling moet de identiteit van de voor de verwerking van de gegevens verantwoordelijke instantie worden gepreciseerd, alsook het type verwerkte gegevens en de redenen voor zulke verrichtingen.
Onderafdeling 8. - Veiligheid Art. 33.De verwerkingsverantwoordelijken, treffen de passende technische en organisatorische maatregelen die nodig zijn voor de bescherming van de persoonsgegevens tegen toevallige of ongeoorloofde vernietiging, tegen toevallig verlies, evenals tegen de wijziging van of de toegang tot, en iedere andere niet toegelaten verwerking van persoonsgegevens.
Deze maatregelen verzekeren een passend beveiligingsniveau, rekening houdend, enerzijds, met de stand van de techniek ter zake en de kosten voor het toepassen van de maatregelen en, anderzijds, met de aard van de te beveiligen persoonsgegevens en de potentiële risico's.
Het registratiesysteem waarborgt dat de gegevens niet meer onmerkbaar gewijzigd kunnen worden na het doorsturen ervan en dat hun integriteit gehandhaafd wordt.
De Koning kan, na advies van de Gegevens-beschermingsautoriteit, de maatregelen bedoeld in deze paragraaf nader bepalen.
Onderafdeling 9. - Verplichtingen van de aannemers en onderaannemers Art. 34.De aannemer stelt het registratiesysteem ter beschikking van de onderaannemers op wie hij een beroep doet, tenzij er onderling werd overeengekomen dat de aannemer en zijn eventuele onderaannemers een andere gelijkwaardige registratiewijze, bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, 2°, toepassen.
Elke aannemer op wie een onderneming of een overheidsdienst een beroep doet voor onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten is ertoe gehouden het registratiesysteem te gebruiken.
Dit geldt ook voor de aannemer die zelf persoonlijk onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten verricht.
Elke onderaannemer op wie een aannemer bedoeld in het eerste lid een beroep doet is ertoe gehouden het hem door de aannemer ter beschikking gestelde registratiesysteem te gebruiken en het ter beschikking te stellen van de onderaannemers waarop hij een beroep doet, of de registratiewijze, bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, 2°, toe te passen.
Elke onderaannemer op wie een onderaannemer bedoeld in het vierde lid, of op wie elke volgende onderaannemer een beroep doet is ertoe gehouden het hem door de onderaannemer waarmee hij een overeenkomst heeft gesloten ter beschikking gestelde registratiesysteem te gebruiken en het ter beschikking te stellen van de onderaannemers waarop hij een beroep doet, of de registratiewijze, bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, 2°, toe te passen. Art. 35.De in artikel 34 bedoelde personen zijn verantwoordelijk voor de levering, de plaatsing en de goede werking van het registratieapparaat op de arbeidsplaats.
De Koning kan, na advies van de Gegevens-beschermingsautoriteit, de maatregelen bedoeld in deze paragraaf nader bepalen. Art. 36.Elke aannemer en elke onderaannemer zorgt ervoor dat de in artikel 25, § 1, bedoelde gegevens die betrekking hebben op zijn onderneming, daadwerkelijk en correct worden geregistreerd en doorgestuurd naar de gegevensbank.
Elke aannemer en elke onderaannemer die een beroep doet op een onderaannemer, neemt maatregelen opdat zijn medecontractant alle gegevens daadwerkelijk en correct registreert en doorstuurt naar de gegevensbank.
Elke aannemer en elke onderaannemer zorgt er voor dat elke natuurlijke persoon die in zijn opdracht activiteiten verricht, het begin en het einde van zijn activiteiten op de arbeidsplaats evenals de rustpauzes registreert op het ogenblik dat deze activiteiten beginnen en dat ze eindigen.
De Koning kan, na advies van de Gegevens-beschermingsautoriteit, de maatregelen, bedoeld in het tweede lid, nader bepalen. Art. 37.De werkgever is verantwoordelijk voor de aflevering van het registratiemiddel aan zijn werknemers, dat compatibel is met het op de arbeidsplaats gebruikte registratieapparaat.
De aannemer of de onderaannemer die een beroep doet op een zelfstandige, moet zich ervan vergewissen dat deze zelfstandige in het bezit is van een registratiemiddel dat compatibel is met het registratieapparaat op de arbeidsplaats.
Zo niet dient de aannemer of de onderaannemer er hem een te bezorgen of contractueel te bepalen dat hij de registratie van de zelfstandige zal uitvoeren via een andere registratiewijze, bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, 2°.
De aannemer die zelf in persoon onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten verricht draagt de verantwoordelijkheid voor het registratiemiddel dat compatibel is met het op de arbeidsplaats gebruikte registratieapparaat.
De Koning bepaalt, na advies van de gegevensbeschermingsautoriteit, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, wat er onder deze compatibiliteit wordt verstaan.
Onderafdeling 10. - Verplichtingen ten hoofde van de natuurlijke personen Art. 38.Elke natuurlijke persoon bedoeld in artikel 23, 1°, die zich aanbiedt op een arbeidsplaats, is ertoe gehouden het begin en het einde van zijn activiteiten op de arbeidsplaats evenals zijn rustpauzes te registreren op het ogenblik dat deze activiteiten beginnen en dat ze eindigen.
Elke natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 23, 2° en 3°, die zich aanbiedt op een arbeidsplaats, is ertoe gehouden zijn aankomst op en vertrek van de arbeidsplaats te registreren op het ogenblik dat ze aankomt en de arbeidsplaats.
Onderafdeling 11. - Verplichtingen ten hoofde van de gebruiker Art. 39.De verplichtingen in verband met de aanwezigheidsregistratie, die met toepassing van dit hoofdstuk berusten bij de werkgever zijn, overeenkomstig artikel 19 van de
wet van 24 juli 1987Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
05/03/1998
numac
1997015211
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake internationale uitwisseling van gegevens op het gebied van de burgerlijke stand, ondertekend te Istanbul op 4 september 1958, en Bijlage, gedaan te Patras op 6 september 1989
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
sluiten6 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers, ten laste van de gebruiker. Afdeling 5. - Sancties
Onderafdeling 1. - Toezicht Art. 40.De inbreuken op de bepalingen van dit hoofdstuk en van de uitvoeringsbesluiten ervan worden opgespoord, vastgesteld en bestraft overeenkomstig het Sociaal Strafwetboek.
De sociaal inspecteurs beschikken over de in de artikelen 23 tot 39 van het Sociaal Strafwetboek bedoelde bevoegdheden wanneer zij, ambtshalve of op verzoek, optreden in het kader van hun opdracht tot informatie, bemiddeling en toezicht inzake de naleving van de bepalingen van dit hoofdstuk en van de uitvoeringsbesluiten ervan.
Onderafdeling 2. - Wijzigingen van het Sociaal Strafwetboek Art. 41.In boek 2, hoofdstuk 1, afdeling 5, van het Sociaal Strafwetboek, wordt een artikel 137/3 ingevoegd, luidende: "Art. 137/3.Aanwezigheidsregistratie op de arbeidsplaatsen waar onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten worden uitgevoerd Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft: 1° de aannemers en de onderaannemers, hun aangestelden of lasthebbers die een inbreuk hebben gepleegd op artikel 24, op artikel 34, op artikel 35, op artikel 36 en op artikel 37, tweede, derde en vierde lid, van de programmawet van 26 december 2022 en de uitvoeringsbesluiten;2° de werkgever, zijn aangestelde of lasthebber die een inbreuk heeft gepleegd op artikel 37, eerste lid, van de programmawet van 26 december 2022 en de uitvoeringsbesluiten. Voor de inbreuken, bedoeld in het eerste lid, wordt de geldboete vermenigvuldigd met het aantal bij de inbreuk betrokken personen.". Art. 42.In dezelfde afdeling 5 wordt een artikel 137/4 ingevoegd, luidende: "Art. 137/4.Aanwezigheidsregistratieplicht van de werknemers en van andere natuurlijke personen op de arbeidsplaatsen waar onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten worden uitgevoerd.
Met een sanctie van niveau 1 wordt bestraft: 1° de werknemer, bedoeld in artikel 23, 1° van de programmawet van 26 december 2022 die zich, in strijd met artikel 38, eerste lid, van dezelfde programmawet van 26 december 2022, aanbiedt op een arbeidsplaats en het begin en het einde van zijn activiteiten op de arbeidsplaats evenals zijn rustpauzes niet registreert op het ogenblik ze beginnen en eindigen; 2° de werkgever, de aannemer, de onderaannemer, bedoeld in artikel 23, 2° en 3° van de programmawet van 26 december 2022 die zich, in strijd met artikel 38, tweede lid, van dezelfde programmawet van 26 december 2022, aanbiedt op een arbeidsplaats en zijn aankomst op en vertrek van de arbeidsplaats niet registreert op het ogenblik dat ze aankomt en de arbeidsplaats.". Afdeling 6. - Wijzigingen van de
programmawet van 22 december 1989Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/2003
pub.
31/12/2003
numac
2003021247
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
sluiten8
Art. 43.Artikel 157 van de
programmawet van 22 december 1989Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/2003
pub.
31/12/2003
numac
2003021247
bron
federale overheidsdienst kanselarij van de eerste minister
Wet houdende diverse bepalingen
sluiten8, laatstelijk gewijzigd bij de
wet van 5 maart 2017Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
14/01/2002
pub.
22/02/2002
numac
2002022093
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg
sluiten2, wordt aangevuld met een tweede lid, luidend als volgt: "Het eerste lid is niet van toepassing wanneer de onderneming een aanwezigheidsregistratiesysteem toepast als bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, van de programmawet van 26 december 2022, op voorwaarde dat de gegevens bedoeld in het eerste lid, zijn opgeslagen in de gegevensbank bijgehouden door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, bedoeld in artikel 24, § 2, van voormelde wet en dat het afschrift van de arbeidsovereenkomst van de deeltijdse werknemer of het uittreksel van deze arbeidsovereenkomst, bedoeld in het eerste lid, bij controle onverwijld in elektronische vorm aan de sociale inspecteurs kan worden voorgelegd.". Art. 44.Artikel 159 van dezelfde wet, vervangen bij de
wet van 5 maart 2017Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
14/01/2002
pub.
22/02/2002
numac
2002022093
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg
sluiten2 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 7 oktober 2022 wordt aangevuld met een vierde lid, luidend als volgt: "Het derde lid is niet van toepassing wanneer de onderneming een aanwezigheidsregistratiesysteem toepast als bedoeld in artikel 24, § 1, eerste lid, van de programmawet van 26 december 2022, op voorwaarde dat de gegevens bedoeld in het tweede lid zijn opgeslagen in de gegevensbank bijgehouden door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, bedoeld in 24, § 2, van dezelfde wet.". Art. 45.Artikel 164 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de
wet van 5 maart 2017Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
14/01/2002
pub.
22/02/2002
numac
2002022093
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg
sluiten2, wordt aangevuld met een tweede lid, luidend als volgt: "Onder de hierboven bedoelde voorwaarden kan ook een aanwezigheidsregistratiesysteem in de zin van artikel 24, § 1, eerste lid, van de programmawet van 26 december 2022, het bij artikel 160 bedoelde document vervangen, indien de gegevens bedoeld in het eerste lid zijn opgeslagen in de gegevensbank bijgehouden door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid bedoeld in artikel 24, § 2, van voormelde wet.". Art. 46.Artikel 169 § 1, van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de
wet van 5 maart 2017Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
14/01/2002
pub.
22/02/2002
numac
2002022093
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg
sluiten2, wordt vervangen als volgt: " § 1. De documenten, controlemiddelen, systemen van tijdsopvolging, registers, bedoeld bij de artikelen 162 tot 165, en de gegevensbank bedoeld in artikel 24, § 2, van de programmawet van 26 december 2022, worden voor de toepassing van deze afdeling, gelijkgesteld met het document, bedoeld in artikel 160.". Afdeling 7. - Slotbepaling en inwerkingtreding
Art. 47.Afdeling 4 van Hoofdstuk V van de
wet van 4 augustus 1996Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
04/08/1996
pub.
21/10/1999
numac
1999015088
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking
Wet houdende instemming met het Protocol tussen de regering van het Koninkrijk België en de regering van de Franse Republiek betreffende het kraamgeld, ondertekend te Brussel op 26 april 1993
type
wet
prom.
04/08/1996
pub.
30/06/1998
numac
1998015016
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst over het Wegvervoer tussen het Koninkrijk België, de Republiek Estland, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, ondertekend te Athene op 11 juni 1992
type
wet
prom.
04/08/1996
pub.
24/07/1997
numac
1996015142
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Arabische Republiek Egypte tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen, ondertekend te Kaïro op 3 januari 1991
type
wet
prom.
04/08/1996
pub.
08/06/2005
numac
2005015073
bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en de Republiek Gabon tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting inzake belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, ondertekend te Brussel op 14 januari 1993
type
wet
prom.
04/08/1996
pub.
19/05/1999
numac
1999015018
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende goedkeuring van de Overeenkomst over het wegvervoer tussen het Koninkrijk België, de Republiek Estland, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, ondertekend te Athene op 11 juni 1992. - Addendum
sluiten betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk is niet van toepassing op de natuurlijke personen en activiteiten, bedoeld in artikel 23. Art. 48.Dit hoofdstuk treedt in werking op de door de Koning bepaalde datum, en uiterlijk op 1 januari 2024. HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van de
wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten6 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders Afdeling 1. - Aangifte van activiteiten in de Sector van onderhoud
Art. 49.In artikel 30bis, § 9, van de
wet van 27 juni 1969Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/12/1998
pub.
15/01/1999
numac
1998003665
bron
ministerie van financien
Wet houdende fiscale en andere bepalingen
sluiten6 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, vervangen door de wet van 8 december 2013 en gewijzigd door de wet van 20 juli 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt aangevuld als volgt: "De mogelijke beperking van toepassing van § 7, geldt niet voor onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten."; 2° het tweede lid wordt aangevuld als volgt: "De mogelijke beperking van toepassing van § 7, geldt niet voor onderhouds- en/of reinigingsactiviteiten.". Afdeling 2. - Gelegenheidswerk in de begrafenissector
Art. 50.In artikel 2/4 van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 21 december 2018Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003367
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat
type
wet
prom.
22/05/2003
pub.
03/07/2003
numac
2003003368
bron
federale overheidsdienst budget en beheerscontrole en federale overheidsdienst financien
Wet tot wijziging van de wet van 29 oktober 1846 op de inrichting van het Rekenhof
sluiten1, wordt het tweede lid aangevuld als volgt: "- rouwdrukwerk klaarmaken voor verzending: plooien, in omslagen steken; - kleine werkzaamheden op de begraafplaats uitvoeren, zoals accessoires plaatsen of wegnemen; - kleine, niet-regelmatige onderhoudswerkzaamheden in en aan gebouwen in functie van bezoeken en ceremonies uitvoeren.". Afdeling 3. - Verlenging verjaringstermijn fraude
Art. 51.In artikel 42 van dezelfde wet, laatst gewijzigd bij de
wet van 30 september 2017Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
14/01/2002
pub.
22/02/2002
numac
2002022093
bron
ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu
Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg
sluiten5, wordt in het eerste en in het vierde lid het woord "zeven" vervangen door het woord "tien". Afdeling 4. - Inwerkingtreding
Art. 52.Artikel 49 treedt in werking op de datum die de Koning bepaalt.
De artikelen 50 en 51 treden in werking op 1 januari 2023. HOOFDSTUK 3. - Onrechtmatig betaalde uitkeringen in geval van tijdelijke werkloosheid Art. 53.Indien de werkgever zich steunt op artikel 26, 49, 50, 51 of 77/4 van de
wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
05/03/1998
numac
1997015211
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst inzake internationale uitwisseling van gegevens op het gebied van de burgerlijke stand, ondertekend te Istanbul op 4 september 1958, en Bijlage, gedaan te Patras op 6 september 1989
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
07/02/2014
numac
2014000085
bron
federale overheidsdienst binnenlandse zaken
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 168 betreffende de bevordering van de werkgelegenheid en de bescherming tegen werkloosheid, aangenomen te Genève op 21 juni 1988 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar vijfenzeventigste zitting. - Duitse vertaling
sluiten8 betreffende de arbeidsovereenkomsten, om zijn werknemer geen arbeid te verschaffen terwijl er, al naar gelang het geval, geen sprake is van overmacht, technische stoornis, slecht weer of gebrek aan werk wegens economische oorzaken, is de werkgever ertoe gehouden om het normale loon te betalen aan zijn werknemer voor de dagen tijdens welke er geen sprake is van een schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst op grond van een van voormelde artikelen.
De werkgever kan het nettobedrag van de uitkeringen die hij moet betalen aan de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening overeenkomstig artikel 54, inhouden op het aan de werknemer verschuldigd nettoloon. Art. 54.De Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening kan de aan de werknemer onrechtmatig betaalde brutosommen terugvorderen bij zijn werkgever indien de werkgever zijn werknemer in tijdelijke werkloosheid heeft geplaatst terwijl er geen sprake was van tijdelijke werkloosheid in de zin van artikel 26, 49, 50, 51 of 77/4 van de
wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
13/12/1997
numac
1997015121
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met het Verdrag nr. 171 betreffende nachtarbeid, aangenomen te Genève op 26 juni 1990 door de Internationale Arbeidsconferentie tijdens haar zevenenzeventigste zitting
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
25/06/1997
numac
1997009353
bron
ministerie van justitie
Wet betreffende de wedden van titularissen van sommige openbare ambten
type
wet
prom.
03/04/1997
pub.
05/03/1998
numac
1997015211
bron
ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
Wet houdende instemming met de Overeenkomst betreffende de afgifte van meertalige uittreksels uit akten van de burgerlijke stand, en Bijlagen, gedaan te Wenen op 8 september 1976, en het Aanvullend Protocol bij de Overeenkomst …
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.