19 NOVEMBER 2020. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke regering tot goedkeuring van het richtplan van aanleg 'Voormalige kazernes van Elsene' - Usquare De Brusselse hoofdstedelijke regering, Gelet op artikel 39 van de Grondwet; Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen, inzonderheid op artikelen 6, § 1, I, 1° en 20; Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen, inzonderheid zijn artikel 8; Gelet op het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO), inzonderheid zijn artikelen 30/1 tot 30/11 ingevoegd door de ordonnantie van 30 november 2017 tot hervorming van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening en de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen en tot wijziging van aanverwante wetgevingen; Overwegende dat de voornoemde bepalingen van het BWRO een nieuw gewestelijk planningshulpmiddel invoeren in het recht van ruimtelijke ordening in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, genaamd het Richtplan van Aanleg (RPA); Dat dit hulpmiddel bedoeld is als samenvatting van de bestaande hulpmiddelen, met integratie van de strategische roeping van de Richtschema's en van een reglementair luik gericht op het verzekeren van de realisatie van de strategische doelstellingen van het Gewest door ze in letterlijke en grafische voorschriften te formaliseren; Dat het RPA onder meer de grote principes van ordening, het programma van de bestemmingen, de structurering van de wegen, de openbare ruimten en het landschap, de kenmerken van de bouwwerken, de bescherming van het erfgoed, de mobiliteit en de parkeermogelijkheden aanduidt. Gelet op het ministerieel besluit van 8 mei 2018Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031015 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Voormalige kazerne van Elsene" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031017 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Delta-Herrmann-Debroux" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031021 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Mediapark" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031019 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Josaphat" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031016 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Weststation" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031014 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Bordet" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031018 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Heyvaert" sluiten houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het richtplan van aanleg voor de zone 'voormalige kazernes van Elsene' (BS van 14 mei 2018) Rekening houdend met de klachten en opmerkingen die werden gemaakt tijdens het openbaar onderzoek over het richtplan van aanleg 'Voormalige kazernes van Elsene' dat heeft plaatsgevonden van 6 februari tot 8 april 2019; Gelet op het advies van de Gemeenten uitgebracht door de gemeenteraden: De gemeenteraad van Elsene van 21 maart 2019; De gemeenteraad van Etterbeek van 25 februari 2019; Gelet op het advies van 21 februari 2019 van de Economische en Sociale Raad voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest; Gelet op het advies van 20 februari 2019 van de Raad voor het Leefmilieu voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest; Gelet op het advies van 4 maart 2019 van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen; Gelet op het advies van 25 februari 2019 van de Gewestelijke Mobiliteitscommissie; Gelet op het advies van 5 maart 2019 van de met ruimtelijke ordening belaste administratie; Gelet op het advies van 25 februari 2019 van het Brusselse Instituut voor Milieubeheer (Leefmilieu Brussel); Gelet op het advies van 19 november 2019 van de Gewestelijke Ontwikkelingscommissie; Gelet op het advies van de afdeling wetgeving van de Raad van State van 23 september 2020; Inhoudstafel van de preambule I. Perimeter van de site van de 'voormalige kazernes van Elsene', ook Usquare genoemd - algemene overwegingen II. Procedure voor uitwerking en opvolging van het RPA III. Inhoud en gevolgen van het RPA IV. Voorafgaand informatie- en participatieproces V. Het ontwerp van RPA en zijn ambities VI. Stedenbouwkundige principes van het ontwerp van RPA VII. Milieueffectrapport (MER) VIII. Adviezen 1. Advies van de Raad voor het Leefmilieu 2.Advies van de Economische en Sociale Raad 3. Advies van de Gewestelijke Mobiliteitscommissie 4.Advies van de gemeente Etterbeek 5. Advies van Leefmilieu Brussel 6.Advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen 7. Advies van perspective.brussels 8. Advies van de gemeente Elsene 9.Advies van de Adviesraad voor huisvesting IX. Openbaar onderzoek X. Advies van de Gewestelijke Ontwikkelingscommissie XI. Samenvatting van de adviezen en van de bezwaren geformuleerd in het kader van het openbaar onderzoek - Motivatie van het besluit van de Regering dat het RPA goedkeurt XII. Diversen XIII. Aan het ontwerp van RPA aangebrachte wijzigingen STRATEGISCH LUIK REGLEMENTAIR LUIK - KAARTEN REGLEMENTAIR LUIK - SCHRIFTELIJK XIV. Samenvatting van de manier waarop de milieuoverwegingen in het plan werden geïntegreerd XV. Samenvatting van de manier waarop rekening werd gehouden met de adviezen, bezwaren en opmerkingen die tijdens de procedure waren geformuleerd XVI. Redenen van de keuzen van het plan zoals het is goedgekeurd, rekening houdend met de andere beschouwde redelijke oplossingen XVII. Opvolging van het RPA XVIII. EFRO XIX. Evaluatierapport `gelijkekansentest' Bijlagen I. Perimeter van de site van de 'voormalige kazernes van Elsene', ook Usquare genoemd - algemene overwegingen Overwegende dat huidig RPA betrekking heeft op het grondgebied inbegrepen tussen de Generaal Jacqueslaan, de Kroonlaan, de Juliette Wytsmanstraat en de Fritz Toussaintstraat te Elsene, hierna ook 'de site' genoemd; Overwegende dat de site de voormalige rijkswachtkazernes omvat en overeenstemt met de perimeter bedoeld in het ministerieel besluit van 8 mei 2018Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031015 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Voormalige kazerne van Elsene" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031017 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Delta-Herrmann-Debroux" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031021 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Mediapark" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031019 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Josaphat" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031016 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Weststation" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031014 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Bordet" type ministerieel besluit prom. 08/05/2018 pub. 14/05/2018 numac 2018031018 bron brussels hoofdstedelijk gewest Ministerieel besluit houdende instructie om over te gaan tot de uitwerking van het Richtplan van Aanleg voor de zone "Heyvaert" sluiten houdende instructie aan perspective.brussels om over te gaan tot de uitwerking van een ontwerp van richtplan van aanleg voor de zone 'voormalige kazernes van Elsene'; Dat dit ministerieel besluit melding maakt van
- i)de aanhoudende bevolkingsgroei in het Brussels Gewest, die zal voortduren tot het midden van de 21e eeuw,
- ii)de noodzaak om bouwgrond te mobiliseren en een antwoord te bieden aan de huidige en toekomstige behoeften op het gebied van huisvesting, voorzieningen en aanverwante diensten, iii) de reconversiemogelijkheden die de voormalige rijkswachtkazerne biedt om er een internationale universitaire wijk en een nieuwe wijk te vestigen met een gediversifieerd academisch aanbod, woningen en voorzieningen ten gunste van de studenten, de academische wereld en de bewoners;
- iv)de belangrijke grootstedelijke uitdaging die wordt gevormd door de ontwikkeling van universitaire polen, wetende dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de grootste studentenstad van België is met ongeveer 90.000 studenten, van wie ongeveer 20 % uit het buitenland afkomstig is;
- v)het beperkte karakter van de mogelijkheden op het vlak van gemengde stedenbouwkundige ontwikkeling van de site als gebied van voorzieningen van collectief belang of openbare diensten;
- vi)het patrimoniale karakter van de stedenbouw van het militaire type van de voormalige rijkswachtkazerne te Elsene, vii) de aanwezigheid van meerdere universitaire polen en polen van hoger onderwijs op het grondgebied van Elsene of in de nabijheid, viii) de waarschijnlijke aanzienlijke stijging van de populatie van studenten en onderzoekers de komende jaren, rekening houdend met de demografische ontwikkeling, de maatschappelijke trends en de gewestelijke aantrekkelijkheid,
- ix)de goede bereikbaarheid van de site met zowel het openbaar vervoer als over de weg,
- x)het dicht bebouwde karakter en het gebrek aan openbare ontmoetings- en ontspanningsruimten in het stadsweefsel rondom,
- xi)het potentieel van de site voor dit soort openbare ruimten (plein, groene ruimte ...), xii) het project dat onder leiding van de universiteiten VUB en ULB gericht is op de reconversie van een deel van de bestaande gebouwen in universiteits- en buurtvoorzieningen vanuit een benadering die duurzame ontwikkeling bevordert. Overwegende dat in het kader van de omschrijvingsstudie voor de reconversie van de voormalige rijkswachtschool van Elsene, die in maart 2016 werd uitgevoerd, het Begeleidingscomité het eens was geworden over de volgende algemene principes:
- i)een nieuwe bestemming van de site als internationale studentenwijk in het centrale gedeelte, aangevuld door een programma van gezinswoningen aan de noordelijke en de westelijke rand van de site,
- ii)rekening houden met het erfgoed (gebouwen en voorziening van samenstelling van de site) als matrix en richtlijn van de reconversie van de site, iii) rekening houden met het feit dat de maximale bouwprofielen worden bepaald afhankelijk van het referentieniveau dat overeenstemt met de nok van de daken van de verschillende originele verblijven,
- iv)invoering van een netwerk van openbare ruimten in de oost-west- en de noord-zuidrichting, waardoor de site voor iedereen toegankelijk en overkomelijk is,
- v)creatie van een sterke polariteit rond de centrale ruimte met collectieve functies, actieve gevels en universitaire programma's,
- v)lokalisatie van het EFRO-project op de plaats van de gebouwen D en E, met een renovatieprincipe van gebouw D en een afbraak-heropbouw van gebouw E,
- vi)het principe van de aanleg van ondergrondse parkeergarages onder de nieuwe gebouwen aan de rand. Overwegende dat in de Gewestelijke Beleidsverklaring 2014-2019 melding wordt gemaakt van een ontwikkelingsstrategie voor de site met een gediversifieerd academisch aanbod, de bouw van woningen en voorzieningen ten behoeve van de studenten en de academische wereld, met inachtneming van het erfgoedkundig belang van de site; Overwegende dat het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling dat op 12 juli 2018 werd goedgekeurd, in dezelfde richting gaat en met name stelt dat: "Het project van de Kazernes van Elsene ten goede zal komen aan het hele Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dit project maakt het mogelijk om een internationaal netwerk van academische en professionele contacten te creëren, dat is gericht op de erkenning van het feit dat Brussel een studentenstad is en dat voorbijgaat aan het gebruikelijke kader van filosofische en/of taalkundige segmentering. Meer in het bijzonder biedt deze site dicht bij de universiteitscampussen van de VUB en de ULB, maar ook op het kruispunt van een aantal belangrijke lijnen van het openbaar vervoer, de mogelijkheid tot een reconversie tot een internationale studentenwijk. De Kazernes van Elsene beslaan een oppervlakte van 3,9 ha. Een definitiestudie bepaalt de contouren van het concept van de internationale studentenwijk en verkent de mogelijke stedelijke integratie van het project"; Dat het GPDO ook nog het volgende verduidelijkt: "U-Square bevindt zich dicht bij de universiteitscampussen van de Université Libre de Bruxelles (ULB) en de Vrije Universiteit Brussel (VUB), op het kruispunt van belangrijke lijnen van het openbaar vervoer. Hierdoor heeft U-Square, de site van de kazernes in Elsene, een groot reconversiepotentieel dat de ontwikkeling van een toekomstige open, gemengde, universitaire en internationale wijk mogelijk maakt. Als gevolg van de geplande verhuizing van de federale politie komen de Kazernes van Elsene geleidelijk leeg te staan. In 2018 kocht het Brussels Hoofdstedelijk Gewest deze site met een oppervlakte van ongeveer 44.000 m2. Gelijktijdig werd het 'Studentenhuisvestingsplan' goedgekeurd, dat tien maatregelen omvat die bedoeld zijn om de huisvesting voor studenten in Brussel verder te ontwikkelen. De ontwikkeling van nieuwe centra van studentenwoningen vormt een van de belangrijkste assen van dat plan. De inrichting van de site van de Kazernes van Etterbeek en Elsene vormen in die context een prioritair gewestelijk project. Het project van de kazernes zal ten goede komen aan het hele Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dit project maakt het mogelijk om een internationaal netwerk van academische en professionele contacten te creëren, dat is gericht op de erkenning van Brussel als studentenstad, die voorbijgaat aan het gebruikelijke kader van filosofische en/of taalkundige segmentering. In de geest van de definitiestudie die in 2016 werd goedgekeurd, waarin de contouren van het concept van internationale studentenstad werden vastgelegd, werd voorgesteld om een centrum op te richten op de binnenplaats van de Kazernes, waar verschillende functies volgens een 'social court'-model met elkaar kunnen worden verbonden. Daarbij zouden gedeelde en collectieve infrastructuren rond de binnenplaats worden opgesteld: een hoogwaardige openbare ruimte; internationale universitaire voorzieningen met uitstraling tot in de gebouwen langs de Generaal Jacqueslaan; een 'food court' gericht op duurzame voeding in de oude manege; incubators en horecazaken. Dit scenario voorziet bovendien een gemengde programmering met ongeveer 600 studentenwoningen in het centrale gedeelte van de site en randen ingenomen door nieuwe residentiële ontwikkelingen (bijna 20.000 m2 openbare huisvesting voor gezinnen). De herbestemming van de Kazernes van Elsene maakt deel uit van de EFRO-projecten. De financiële steun, die zowel aan de ULB als de VUB binnen de BUA (Brussels University Alliance) zijn wordt toegekend, zal worden besteed aan de creatie van internationale universitaire voorzieningen en de reconversie van de centrale hal als verenigende voorziening die gericht is op duurzame ontwikkeling met respect voor hun erfgoedwaarde. Een Richtplan van Aanleg (RPA) van het project zal de intenties in een plan omzetten. In afwachting van de definitieve planning van de site worden in de Kazernes van Elsene tijdelijke activiteiten uitgeoefend, die de opening van de site voorafspiegelen. Om Brussel als studentenstad te valoriseren, zal men ook de nodige aandacht moeten besteden aan de zichtbaarheid van de universiteitswijken. Die identiteit zal op een concrete en zichtbare manier worden gekenmerkt (bijzondere bewegwijzering, heraanleg van de as tussen beide campussen enz.) en zal op alle plattegronden van Brussel worden weergegeven, net als in de grote Angelsaksische steden. Het Gewest wil op die manier het culturele, economische en maatschappelijke belang van de aanwezigheid van de studenten in de stad en hun band met het plaatselijke stadsweefsel duidelijk tonen. Naast de site van de kazernes zal de opkomst van nieuwe polen van studentenwoningen op de plaatsen waar dat opportuun lijkt, worden ondersteund." Overwegende dat de nota die de perimeter, de diagnose, de uitdagingen en de doelstellingen van het ontwerp van RPA voorstelt, zoals bepaald in artikel 2, § 1, 2, 2° van het besluit van 3 mei 2018 in verband met het proces van informatie en participatie van het publiek, onder meer met betrekking tot de diagnose stelt dat de kazernes worden geïdentificeerd als sites van gewestelijk belang met kansen voor stedenbouwkundige ontwikkeling in een bewoonde wijk, die vlot bereikbaar is door de verschillende vervoerwijzen en die wordt gekenmerkt door zijn universitaire karakter, bestaande uit een coherent en ingesloten stedenbouwkundig geheel, bestaande uit een dertigtal gebouwen die in verschillende perioden werden opgetrokken, in hoge mate verhard, gelegen in de onmiddellijke nabijheid van de VUB en de ULB, waarvan het internationale karakter steeds meer wordt geaccentueerd, gelegen in de nabijheid van de wijk van de Begraafplaats van Elsene, die beschikt over een winkel- en woonaanbod bestemd voor studenten, onderzoekers en docenten in het hart van netwerken die de mobiliteit structureren van het zuidoostelijke kwadrant van het Gewest, dat meer bepaald wordt gekenmerkt door een tekort aan sociale woningen en studentenwoningen. Dat dezelfde nota meer bepaald op het vlak van de uitdagingen en de doelstellingen verwijst naar de ambitie om de site om te vormen tot een open en dynamische, stedelijke en gezellige, universitaire en internationale, duurzame en innoverende wijk, die studentenwoningen, ruimten voor onderzoekers, ondernemingen, hogescholen, handelszaken en kantoren zou kunnen omvatten en gelijktijdig een nieuwe wijk creëren die verbonden is met het bestaande stadsweefsel via de constructie van gezinswoningen en wijkvoorzieningen; Dat de nota nog verduidelijkt dat het ontwerp van RPA de mogelijkheden zal onderzoeken om op de site een pioniersproject van de ULB en de VUB onder te brengen dat gericht is op de duurzame ontwikkeling en die uit verschillende componenten zal bestaan: onderzoek, verspreiding en deling van kennis, internationale uitwisselingen, ondernemerschap en innovatie, voeding enz. Daarbij is het de bedoeling om de ontwikkeling mogelijk te maken van een internationaal netwerk van academische en professionele relaties gericht op de erkenning van Brussel als studentenstad. De uitdagingen waarop het ontwerp van RPA een antwoord zou moeten vinden, kunnen dan ook als volgt worden omschreven:
- i)de site voor het publiek openstellen door er de oversteekbaarheid van te verzekeren en de site te verbinden met de naburige wijken en straten,
- ii)een volwaardig stuk stad en niet een campus creëren, iii) voldoende huisvesting voorzien (voor studenten en gezinnen), om op die manier een antwoord te bieden op de schaarste aan studentenkoten en een deel van de huisvesting in de nabijheid van de universiteit vrij te maken en intussen de huur en de kwaliteit van de woningen werkelijk onder controle te houden,
- iv)voorzieningen creëren met een zeer belangrijk aandeel universitaire voorzieningen,
- v)de interactie bevorderen van de nieuwe site met de universiteiten ULB/VUB (Campus de la Plaine) en van Solbosch,
- vi)de aantrekkelijkheid en de leefbaarheid van de site verzekeren door er commerciële functies en buurtdiensten te installeren die zich ook richten tot de omwonenden, vii) het erfgoed valoriseren, viii) kwalitatieve en gezellige openbare ruimten ontwikkelen. Overwegende dat de hierboven uiteengezette motieven mutatis mutandis en behalve motivering van het tegendeel, gelden voor het RPA zoals dat definitief wordt goedgekeurd; Overwegende dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest begin 2018 de site van de voormalige kazernes van Elsene heeft gekocht; Dat de site 3,9 ha groot is met een bebouwde oppervlakte van ongeveer 51.896 m2 in de huidige toestand; Overwegende dat die perimeter overeenstemt met een knooppunt van intermodaliteiten en een kruising van trein-, tram- en buslijnen; Overwegende dat de Gemeente Elsene op haar grondgebied meerdere belangrijke universiteits- en hogeschoolcentra telt; dat er nog andere in de buurt liggen en dat het dus bijzonder coherent is om het universiteitscentrum in het zuidoosten van het Gewest te vervolledigen; Overwegende dat de perimeter van het RPA momenteel slechts één kadastraal perceel telt dat in het Gewestelijk Bestemmingsplan als gebied voor uitrustingen van collectief belang of van openbare diensten wordt bestemd, waar de mogelijkheden op het vlak van gemengde stedenbouwkundige ontwikkeling beperkt zijn en de geplande ontwikkeling van de site niet mogelijk is. II. Procedure voor uitwerking en opvolging van het RPA Overwegende dat de Brusselse Hoofdstedelijke Regering een RPA kan goedkeuren voor een deel van het gewestelijke grondgebied (art. 30/1 van het BWRO); Overwegende dat, voordat het ontwerp van RPA door de Regering wordt goedgekeurd, het bestuur dat belast is met de territoriale planning (Perspective.brussels) een informatie- en participatieproces met het betrokken publiek organiseert (art. 30/3, § 2 van het BWRO); Overwegende dat de Regering vervolgens het ontwerp van RPA uitwerkt, evenals een milieueffectenrapport (MER) (art. 30/3, § 1 van het BWRO); Overwegende dat de Regering het ontwerp van RPA en het MER voorlegt aan
- i)de adviezen van het bestuur dat belast is met de territoriale planning (Perspective.brussels), Leefmilieu Brussel, de Economische en Sociale Raad, de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, de Raad voor het Leefmilieu, de Gewestelijke Mobiliteitscommissie, de Adviesraad voor Huisvesting, de gemeenteraden en
- ii)de raadpleging van het publiek (art. 30/5, § 1 van het BWRO); Overwegende dat de Regering het ontwerp van plan en het MER evenals de adviezen en de opmerkingen of bezwaren aan de Gewestelijke Ontwikkelingscommissie voorlegt, waarvan het advies, samen met de adviezen, opmerkingen en bezwaren aan het Parlement van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt bezorgd (art. 305, § 2 van het BWRO); Beschouwende dat de Regering, na kennis te hebben genomen van de resultaten van het onderzoek en van de geformuleerde adviezen, het RPA definitief kan goedkeuren of wijzigen (art. 30/6 van het BWRO); Dat in de veronderstelling van wijzigingen aan het ontwerp van RPA en behalve als die wijzigingen klein zijn en niet van dien aard zijn dat ze merkbare effecten op de omgeving zullen hebben, het ontwerp van RPA opnieuw aan de onderzoeksakten wordt onderworpen (art. 30/6 van het BWRO); Beschouwende dat het besluit dat het RPA definitief goedkeurt, zijn beslissing motiveert voor elk punt waarvoor werd afgeweken van de adviezen of de bezwaren en de opmerkingen die tijdens het onderzoek werden geformuleerd (art. 30/6 van het BWRO); Beschouwende dat het besluit dat het RPA definitief goedkeurt, in zijn motivatie de manier samenvat waarop de milieuoverwegingen in het plan werden geïntegreerd, de manier waarop het MER, de adviezen, de bezwaren en de opmerkingen die tijdens de procedure werden geformuleerd, in overweging werden genomen, de redenen van de keuzen van het goedgekeurde plan, rekening houdend met de andere beschouwde redelijke oplossingen (art. 30/6 van het BWRO); Beschouwende dat het besluit dat het RPA definitief goedkeurt, in het Belgisch Staatsblad wordt gepubliceerd, waarin gelijktijdig het advies wordt weergegeven van de gewestelijke ontwikkelingscommissie en waarin de modaliteiten voor de opvolging van het plan worden verduidelijkt (art. 30/7 van het BWRO); Dat het RPA dat definitief door de Regering wordt goedgekeurd, ook ter beschikking wordt gesteld van het publiek op de website van het Gewest en het gemeentehuis en daarnaast aan de geraadpleegde besturen en instanties wordt overgemaakt (art. 30/7 van het BWRO). Beschouwende dat de Regering de ambtenaren benoemt van het bestuur dat belast is met de territoriale planning die bij haar om de vijf jaar vanaf de goedkeuring van het plan, een verslag voorleggen over de opvolging van de noemenswaardige effecten op het milieu van de uitvoering van het RPA teneinde meer bepaald in een vroeg stadium de onvoorziene negatieve impact en de eventuele corrigerende te treffen maatregelen te identificeren (art. 30/11 van het BWRO). III. Inhoud en rechtseffecten van het RPA Beschouwende dat het RPA uitgaat van de richtsnoeren van het gewestelijk ontwikkelingsplan dat van kracht is op de dag dat het wordt goedgekeurd en de grote principes aangeeft voor de inrichting of de herinrichting van het grondgebied waarop het betrekking heeft, met name op het vlak van programmering van de bestemmingen, structurering van de wegen, de openbare ruimten en het landschap, kenmerken van de constructies, bescherming van het erfgoed en mobiliteit en parkeren (art. 30/2 van het BWRO); Beschouwende dat het RPA een strategisch luik omvat, met geschreven aanwijzingen en aanbevelingen en schema's (art. 30/9 van het BWRO); Dat dit strategisch luik een indicatieve waarde heeft en richtlijnen bevat om initiatiefnemers van projecten te gidsen, zonder echter de uitvoering van projecten die er niet exact mee overeenstemmen te verhinderen, omdat er desgevallend, mits motivatie, van afgeweken kan worden, waarbij de inhoud zelf van de opgestelde strategische opties geëerbiedigd wordt; Dat de strategische opties ruimtelijk worden gemaakt en uitgewerkt worden ofwel op het niveau van de perimeter, ofwel op het niveau van de verschillende nauwkeurig geïdentificeerde sites; Dat dit strategisch luik de ambities van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest weerspiegelt voor dit gebied van gewestelijk belang, waarvan de principes toegepast zullen worden in het kader van de uitvoering van meer uitgewerkte projecten; Beschouwende dat dit ontwerp van RPA een verplicht reglementair luik bevat, samengesteld uit geschreven voorschriften en grafische voorschriften die op het gepaste niveau de invariabele elementen beschrijft waaraan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een verplichtend karakter wil geven om de samenhang van de nagestreefde ontwikkeling te verzekeren (art. 30/9 van het BWRO); Dat de reglementaire bepalingen van het RPA voor de betreffende perimeter afwijken van de bepalingen van het gewestelijk bestemmingsplan, het bijzonder bestemmingsplan en de stedenbouwkundige verordening en de reglementaire bepalingen van de gewestelijke en gemeentelijke mobiliteitsplannen en de verkavelingsvergunningen, die er tegen indruisen. Dat enkel een gecombineerde lezing van de twee strategische en reglementaire luiken het overzicht van de opties van dit ontwerp van RPA biedt. Dat de reglementaire voorschriften van het RPA beperkingen met zich mee kunnen brengen met betrekking tot het gebruik van eigendom, met inbegrip van een verbod om er te bouwen (art. 30/10 van het BWRO). IV. Voorafgaand informatie- en participatieproces IV.I. Regelingen voor voorafgaande informatie en participatie Gelet op artikel 30/3, § 1, lid 2 van het BWRO, dat het ontwerp van RPA onderwerpt aan een voorlichtings- en participatieprocedure met het betrokken publiek, georganiseerd door het Bestuur belast met de territoriale planning voordat het door de Regering wordt aangenomen; Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 mei 2018Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 03/05/2018 pub. 09/05/2018 numac 2018030985 bron brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende het informatie en participatieproces voor het publiek voorafgaand aan de uitwerking van de ontwerpen van richtplan van aanleg sluiten over de voorlichtings- en participatieprocedure voor het publiek voorafgaand aan de uitwerking van de ontwerpen van richtplan van aanleg; Gelet op de stappen en vergaderingen in het kader van de voorlichtings- en de participatieprocedure van het RPA Kazernes, die als volgt kunnen worden samengevat: - online plaatsen van de eigen website van het project in december 2017: www.usquare.brussels; - organisatie van een eerste openbare voorlichtingsvergadering op woensdag 13 december 2017, die door een honderdtal geïnteresseerden werd bijgewoond. De vergadering werd aangekondigd door folders in de brievenbussen, communicatie op de websites van perspective.brussels, de gemeente Elsene en de website van Usquare; - publicatie op 17 mei 2018 van een volle pagina in de Brusselse edities van drie Franstalige kranten (Le Soir, La Libre Belgique en La Capitale) en twee Nederlandstalige kranten (Het Laatste Nieuws, Het Nieuwsblad) met informatie voor de burgers over de organisatie van informatie- en participatievergaderingen; - verzending van een e-mailbericht op 18 mei naar de gemeenten die binnen de perimeter van het ontwerp van RPA vallen met betrekking tot de informatie- en participatievergaderingen, voor publicatie op de gemeentelijke aankondigingsborden en op hun websites; - online plaatsen op 18 mei 2018 van een formulier waarmee het betrokken publiek bezwaren, opmerkingen en suggesties kan indienen; - publicatie op 2 juni 2018 van een kwart pagina in de Brusselse edities van drie Franstalige kranten (Le Soir, La Libre Belgique en La Capitale) en twee Nederlandstalige kranten (Het Laatste Nieuws, Het Nieuwsblad) met informatie voor de burgers over de beschikbaarheid op de website van perspective.brussels van: * de opdracht van de Minister-President aan perspective.brussels om over te gaan tot het opstellen van een RPA; * een toelichting met een samenvatting van de perimeter van het geplande project, de diagnose, de belangrijkste geïdentificeerde problemen en de nagestreefde doelstellingen; * het e-mailadres, het postadres en het telefoonnummer van het contactpunt waar het betrokken publiek informatie kan krijgen over het geplande RPA en kan vragen om te worden uitgenodigd op de informatie- en participatievergaderingen van 4 tot en met 11 juni; * het online formulier waarmee het betrokken publiek kan vragen om te worden uitgenodigd op de informatie- en participatievergadering; - Sturen van een kennisgeving op 6 juni 2018 naar de gemeenten die binnen de perimeter van het ontwerp van RPA vallen met informatie over de beschikbaarheid op de website van perspective.brussels van: * de opdracht van de Minister-President aan perspective.brussels om over te gaan tot het opstellen van een RPA; * een toelichting met een samenvatting van de perimeter van het geplande project, de diagnose, de belangrijkste geïdentificeerde problemen en de nagestreefde doelstellingen; * het e-mailadres, het postadres en het telefoonnummer van het contactpunt waar het betrokken publiek informatie kan krijgen over het geplande RPA en kan vragen om te worden uitgenodigd op de informatie- en participatievergaderingen van 4 tot en met 11 juni; * het online formulier waarmee het betrokken publiek kan vragen om te worden uitgenodigd op de informatie- en participatievergadering; - Vanaf 24 mei 2018 huis-aan-huisbedeling van 4.000 postkaarten in de wijk van het RPA met een uitnodiging voor de burgers op de informatie- en participatievergaderingen en met info over de verschillende manieren om informatie te verkrijgen en deel te nemen (spreekuren, contactpunten); Gelet op de dienstverlening die perspective.brussels op 21 juni 2018 in de gemeente Elsene organiseerde, waar het publiek vragen kon stellen en opmerkingen en suggesties kon formuleren; Gelet op de dienstverlening die perspective.brussels vanaf 18 mei 2018 30 dagen lang organiseerde in zowel zijn kantoren als via zijn website, waar het publiek vragen kon stellen en opmerkingen en suggesties kon formuleren; Overwegende dat het publiek op 4 en 5 juni 2018 op de hoogte werd gebracht en werd geconsulteerd tijdens de vergaderingen die plaatsvonden in de kantoren van het Bestuur belast met territoriale planning; Overwegende dat naar aanleiding van die voorlichtings- en participatiefase een PV werd opgesteld, waarin de opmerkingen van het publiek waren opgenomen; Overwegende dat er vervolgens een syntheserapport werd opgesteld over deze voorlichtings- en participatiefase, dat dit rapport onder meer de synthese van de belangrijkste opmerkingen van het betrokken publiek over het RPA bevat; Overwegende dat dit rapport de verschillende gebruikte communicatiemiddelen vermeldt om het betrekken publiek te informeren, namelijk: een internetsite, een openbare informatievergadering, publicatie van meningen in kranten, een online deelnameformulier, uitdelen van informatiebriefkaarten over de voorlichtings- en participatiefase, georganiseerde dienstverlening bij perspective.brussels en de gemeente Elsene; IV.II. Opmerkingen geformuleerd tijdens de voorafgaande voorlichtings- en participatiefase voor het ontwerp van RPA en de antwoorden die daarop werden gegeven door het ontwerp van RPA Overwegende de opmerkingen geformuleerd tijdens de voorlichtings- en participatiefase voorafgaand aan de goedkeuring van het ontwerp van RPA en de antwoorden die het ontwerp van RPA erop bood, die mutatis mutandis en zonder motivering van het tegendeel, gelden voor het RPA dat definitief wordt goedgekeurd. IV.III. Opmerkingen inzake de keuze voor het RPA in termen van planningsinstrumenten en de procedure Overwegende dat burgers melding maken van voorbije ontmoetingsfases met het publiek en zich afvragen of hun mening en klachten in aanmerking worden genomen in het kader van dit ontwerp van RPA; Dat bepaalde deelnemers menen dat ze niet gehoord werden; Dat bepaalde burgers de indruk hebben dat de RPA's binnenskamers worden opgesteld en dat de uitwerking ervan weinig transparant is; Dat bepaalde burgers vinden dat het ontwerp van RPA, dat gedeeltelijk gewijzigd is ten opzichte van de originele versie, globaal gezien positief is, aangezien het de mogelijkheid biedt om een toekomst te geven aan de site in het kader van een positieve dynamiek, wat betreft de aspecten van het EFRO-project; Dat bepaalde burgers zich vragen stellen over het nieuwe instrument RPA en het nut ervan, tenzij om gemakkelijker en sneller te kunnen afwijken van het gewestelijk bestemmingsplan en de stedenbouwkundige reglementen; Dat bepaalde burgers het spijtig vinden dat het RPA zich niet op het GPDO en Good Move baseert; Dat bepaalde burgers zich vragen stellen bij de door de uitwerking van een RPA gegenereerde meerwaarde en minderwaarde; Dat anderen de modaliteiten voor raadpleging van het publiek tijdens de participatiefase en de latere fasen van het project wensen te kennen; Dat een burger wijst op de noodzaak om online een synoptische kaart van het ontwerp ter beschikking te stellen, met de gebouwen die behouden blijven en gerenoveerd worden, en de bestemming ervan; Dat bepaalde burgers zich vragen stellen bij de werken en met name over de termijnen ervan en de aannemer voor het gebouw in de Juliette Wytsmanstraat, tegenover de site van de voormalige kazernes van Elsene; Dat een burger navraag doet over de mogelijkheid om zich te inspireren op het Natuurplan. Overwegende dat het RPA een recent en hybride planningsinstrument is dat het mogelijk maakt om de stadsvernieuwing te versnellen en de verschillende ontwikkelingen te omkaderen; Dat het RPA een gewestelijk instrument voor ruimtelijke ordening is, dat het mogelijk maakt om in één document de strategische en reglementaire aspecten van een stedenbouwkundige strategie te definiëren; Dat Perspective.brussels de instructie heeft ontvangen om over te gaan tot de uitwerking van het RPA voor de zone 'oude kazernes van Elsene'; Dat de uitwerking van dit planningsinstrument onderworpen is aan het geheel van regels bepaald door het BWRO en de toepasselijke regelgevingen inzake de evaluatie van de aanmerkelijke milieueffecten en bijzondere reclamemaatregelen, waaronder een openbaar onderzoek van 60 dagen en het advies van instanties; Dat de periode van het openbaar onderzoek geopend wordt na goedkeuring van het ontwerp door de Regering in eerste lezing; Dat de Regering bovendien via het besluit van 8 mei 2018 de uitvoeringsmodaliteiten van de voorafgaandelijke voorlichtings- en participatie fase voorzien heeft, ingevoerd door het BWRO, en waarbij geïnteresseerden kennis kunnen nemen van de ontwerpen van RPA voor hun eerste lezing voor de Regering; Dat deze fase aangekondigd wordt door een in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd ministerieel besluit en door de publicatie van informatie op de site van het Bestuur; Dat de voorafgaande participatiefase georganiseerd werd in overeenstemming met de bepalingen van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 mei 2018Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 03/05/2018 pub. 09/05/2018 numac 2018030985 bron brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende het informatie en participatieproces voor het publiek voorafgaand aan de uitwerking van de ontwerpen van richtplan van aanleg sluiten over de voorlichtings- en participatieprocedure voor het publiek voorafgaand aan de uitwerking van de ontwerpen van richtplan van aanleg; Dat tijdens deze participatiefase, waarvan de informatie openbaar gemaakt werd via publicatie in de pers, op het internet, door deur-aan-deur-verzending, elke geïnteresseerde persoon zijn opmerkingen zowel mondeling, tijdens dienstverleningen of de openbare presentaties of via het internet te kennen kan geven; Dat de Regering kennisneemt van alle elementen die tijdens deze voorlichtings- en participatiefase werden aangevoerd en ze in aanmerking neemt bij haar beslissing; Dat ze de beslissingen die ze neemt over punten waarbij ze afwijkt van de opmerkingen van het publiek motiveert; Ook dat het ongefundeerd zou zijn te beweren dat het proces voor de uitwerking van het RPA ondoorzichtig zou zijn in de mate dat de diagnose, de uitdagingen, doelstellingen, perimeter van dit ontwerp voorgesteld en besproken werden met het belanghebbende publiek dat zich nauwkeurig heeft kunnen uitlaten over deze elementen." Overwegende dat dit ontwerp van RPA nog voorgelegd zal worden aan een openbaar onderzoek waarbij de buurtbewoners zich kunnen uitspreken; Dat de participatie van het publiek op die manier optimaal is verzekerd. Overwegende dat de strategische visie van dit ontwerp van RPA en de globale oriëntatie ervan kaderen in de strategische visie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zoals gedefinieerd in het RPA, in de gewestelijke beleidsverklaring van 20 juli 2014 en in het GPDO, dat voor die laatste ook werd voorgelegd aan een openbaar onderzoek; Dat de bevoegde regionale instanties voor de ontwikkeling van het Gewestelijk Mobiliteitsplan Good Move betrokken werden bij de ontwikkeling van dit ontwerp van RPA om de samenhang tussen beide te verzekeren; Dat het ontwerp van RPA en het MER voor advies worden voorgelegd aan adviesorganen; Dat het toekomstig Gewestelijk Mobiliteitsplan (GMP) een transversaal document is dat compatibel is met het GPDO; Dat het RPA en dit ontwerp van RPA op die manier de sectorale en lokale uitwerking vormen van het GPDO; Overwegende dat dit ontwerp van RPA talrijke verklarende kaarten omvat, met daarop de gebouwen die mogen worden behouden, gerenoveerd, neergehaald, en hun bestemmingen; Overwegende dat de termijnen van de werken afhankelijk zullen zijn van de verschillende projecten; Overwegende dat de gevarieerde ontwikkeling van de goederen in hun perimeter niet tot de bevoegdheid van het ontwerp van RPA hoort; Dat de site van de voormalige kazernes van Elsene bovendien een uniek perceel is, eigendom van het Gewest sinds begin 2018; Dat er hoe dan ook niet redelijkerwijs mag worden beweerd dat het ontwerp van RPA de eigendommen op de rand zou onderwaarderen; dat door zijn doelstellingen, zoals die hierboven werden toegelicht, er daarentegen reden is om te denken dat de genoemde eigendommen zullen worden opgewaardeerd ten gevolge van de uitvoering van het RPA. Overwegende dat dit ontwerp van RPA uiteindelijk is ingeschreven in de doelstellingen van het Natuurplan (NP) zodat de toekomstige bewoners over een kwaliteitsvolle groene ruimte zullen beschikken, vlakbij en te midden van het stadscentrum, waardoor het groene netwerk van het Gewest wordt uitgebreid, door middel van groene zones of door eventuele tuinbouw of landbouwproductie op daken. IV.IV. Opmerkingen omtrent de perimeter Overwegende dat burgers zich vragen stellen over de geschiktheid van de perimeter in de zin dat hij geen rekening zou houden met de ontwikkeling van gebouwen in de omgeving (oude gebouwen van de rijkswacht, die in gebruik zijn door FEDASIL of beheerd worden door de BGHM, gebouw in de Kroonlaan 352), het gebruik van de gebouwen in de omgeving (sociale woningen in Etterbeek, het voormalige militaire hospitaal) of over andere sites in de buurt (gebouw van het Wetenschappelijk Instituut voor de Volksgezondheid); Dat andere deelnemers zich vragen stellen bij de toekomst van de andere kazernes, die zich in Etterbeek bevinden; Dat bepaalde burgers een globale en geïntegreerde langetermijnvisie wensen. Overwegende dat dit ontwerp van RPA afgebakend wordt door de Juliette Wytsmanstraat, de Fritz Toussaintstraat, de Generaal Jacqueslaan en de Kroonlaan; Dat deze perimeter overeenkomt met de oppervlakte van de oude rijkswachtkazerne van Elsene, die een samenhangend stedelijk geheel vormt; Dat deze coherentie versterkt wordt door het huidige gesloten karakter van de site, door de aanwezigheid van een enkel kadastraal perceel dat eigendom is van het Gewest; Dat de site van de voormalige kazernes van Elsene zich in het midden van een dichte en diverse stedelijke structuur bevindt, met de militaire installaties van Etterbeek, de campus van de VUB-ULB en het oude residentiële weefsel; Dat een uitbreiding van de studieperimeter niet gerechtvaardigd zou zijn, rekening houdend met het doel van het RPA en de erg bijzondere context van de site, zoals hierboven beschreven; Dat een RPA met een uitgebreide perimeter niet coherent, noch doeltreffend zou zijn, een uitgebreide perimeter voor het RPA zou immers niet aan de behoeften beantwoorden en zou geen coherente planning bijbrengen; De site van de kazernes vormt inderdaad een homogeen stedelijk ensemble, dat lange tijd afgezonderd bleef van de evoluties van de wijk en waarvan de omschakelingsdynamiek uniform moet zijn en op een specifieke manier moet worden aangepakt; Dat het gaat om één enkel kadastraal perceel dat toebehoort aan het Brussels Gewest, in tegenstelling tot de naburige, meervoudige, kleine percelen met een gewone stedelijke ontwikkelingsdynamiek; Dat bovendien de studies met betrekking tot het RPA rekening houden met de site en de integratie ervan in de wijk, in overeenstemming met de ambitie van de regering; Dat de opmerking dus niet in aanmerking kan worden genomen; Dat het MER daarentegen gekozen heeft voor een brede analyse van de impact van het RPA, buiten de strikte perimeter ervan; Dat de oorspronkelijke perimeter van het RPA behouden blijft, waarbij echter verduidelijkt wordt dat het een van de ambities ervan is om de site van de voormalige kazernes van Elsene te verbinden met de omringende wijken. IV.V. Opmerkingen omtrent de bevolkingsdichtheid Overwegende dat talrijke burgers zich zorgen maken over de voorziene dichtheid op de site en dat bepaalde burgers het nu al erg dichte karakter van de buurt benadrukken; Dat een burger vraagt om de cijfers inzake het aantal voorziene koten en woningen te verduidelijken; Dat een burger vraagt om rekening te houden met de nieuwe private studentenwoningen die gebouwd worden rond de site; Dat bepaalde burgers het cijfer van 770 koten dat vermeld wordt in het ontwerp van GPDO - voorzien voor studenten, maar in bepaalde gevallen ook voor hun gezinnen - te hoog vinden, met kans op een slechte kwaliteit van de woningen; Dat ze vinden dat het onthaal van 2.500 personen voorzien is op het terrein, zonder de gevolgen hiervan te meten; Dat ze een beperkte dichtheid vragen (180 woningen of een vermindering met 40 % van het oorspronkelijke programma of 50 eenheden met koten), wat een positief effect zou hebben op de afmetingen en mobiliteitsvraagstukken; Dat bepaalde burgers zich vragen stellen bij de marge die het Gewest laat en dat ze pleiten voor een diffuse dichtheid in de volledige wijk; Dat een burger zich verheugt over deze dichtheid in een reeds gebouwd gedeelte van de stad; Dat sommige burgers bezorgd zijn over het uitzicht van de J. Wytsmanstraat en de F. Toussaintstraat in het licht van de verdichting en de gevolgen hiervan op bepaalde ruimtes van de site (de percelen in het noorden en het westen, die in contact staan met de openbare ruimte); Dat bepaalde burgers vragen dat de vloer/terreinverhouding vermeld zou worden; Dat bepaalde burgers vragen om zich te baseren op eerder uitgevoerde globale dichtheidsstudies; Dat een burger vraagt om het begrip 'vergelijkbare dichtheid met die van de omgeving' te rechtvaardigen en referenties te geven; Dat een burger vraagt om de dichtheid van de site te beperken tot de dichtheid van een wijk type Flagey, namelijk 22.000 inwoners/km2. Overwegende dat de gewestelijke beleidsverklaring de wens uitspreekt om de site te ontwikkelen in de richting van een verscheiden academisch aanbod, de bouw van woningen en voorzieningen voor studenten en voor de academische wereld, zonder daarbij de erfgoedkundige waarde van de gebouwen uit het oog te verliezen; In dat kader werd in een definitiestudie, die tijdens de uitwerking van het ontwerp van RPA geanalyseerd en verduidelijkt werd, vooruitgelopen op het reconversiepotentieel; Dat dit ontwerp van RPA in een maximumoppervlakte van 20.000 m2 woningen voorziet om te bouwen in de woonzone en 18.000 m2 woningen te bouwen in de gemengde zone; Dat de zone met universitaire voorzieningen ook kan worden gebruikt als huisvesting, maar dan enkel, indien nodig, als een zeer bijkomende maatregel. Dat dit ontwerp van RPA de bebouwbaarheid omkadert en beperkt via een beperking van de maximaal toegelaten hoogte en door de beperkte opening van de bebouwbare oppervlakte voor bouwen en renovatie; Dat in het MER werd bewezen dat de beoogde dichtheid vergelijkbaar is met de dichtheid van de omringende wijken, doordat de site zijn oorspronkelijk stedelijke structuur behoudt, een groot aantal gebouwen van beperkte omvang uit 1906 bewaart en twee belangrijke openbare ruimtes op het niveau van de wijk openstelt voor het publiek; Dat het ontwerp van RPA een geschikt volume voor bebouwing voorstelt langs de J. Wytsmanstraat; Dat dit geschikte volume op illustratieve wijze het kader aangeeft waarin de programma's zich zullen integreren; Dat deze omkaderd zullen worden door de reglementaire voorschriften van de site die de goede stedenbouwkundige integratie ervan en de aanleg van achteruitbouwzones en doorzichten opleggen; Dat de aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning bekeken zullen worden in het kader van de goede inrichting van de ruimtes; Dat het te vroeg en ongepast lijkt om een bevolkingsdichtheid per km2 te promoten voor de site; Dat de recente demografische vooruitzichten voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest overeenstemmen en besluiten tot een aangroei van de Brusselse bevolking op korte, middellange en lange termijn; Dat er een consensus bestaat inzake stedenbouwkundige ontwikkeling die erop gericht is om het gebruik van gezamenlijke voorzieningen te optimaliseren en het ruimtebeslag, de toename van door de stadsuitbreiding te beperken; Dat in Brussel meerdere studies en verklaringen van de Regering hebben uitgewezen dat de behoefte bestaat om de stedelijke structuur te verdichten, om een polycentrisch gewest te creëren dat de levenskwaliteit van de inwoners en gebruikers ervan verzekert; Dat de verhouding V/T een van de middelen is om de dichtheid van een site te berekenen; Dat het MER in het stedenbouwkundig gedeelte dichtheden vermeldt, voor het voorkeursscenario, van een netto V/T tussen 1,51 en 1,53 en deze vergelijkt met de netto V/T van 1,25 (op de huidige site) en van 1 tot 2,5 in de omgeving; Dat de studie 'Inventaris van de potentiële verdichtingslocaties in het BHG', in 2013 uitgevoerd door Cooparch, een V/T aanbeveelt van 1,85 voor het desbetreffende blok; Dat het ontwerp van RPA dus een beperktere dichtheid zou hebben dan wordt aanbevolen door de voornoemde studie; Dat dit ontwerp van RPA een verbetering voorstelt tussen verdichting van de site, die trouwens opvallend goed bereikbaar is met het openbaar vervoer, respect voor het architectonisch erfgoed en openbare ruimtes; Dat het MER bovendien de kenmerken van het ontwerp van RPA heeft bestudeerd in het licht van de relevante thema's (lucht, mobiliteit, schaduw, stedenbouwkundige en socio-economische aspecten ...) en vindt dat het project voldoet aan alle onderzochte criteria en bovendien aanbevelingen doet om de milieukwaliteit ervan nog te verbeteren; Overwegende dat bepaalde burgers vinden dat het samenleven van studenten en andere bevolkingsgroepen (ouderen, kinderdagverblijven)harmonieuzer en gunstiger is dan met gezinnen; Dat burgers vragen dat een belangrijk deel van de overwogen woningen intergenerationeel/gegroepeerde woonvorm voor ouderen zou zijn, waarbij onder meer studenten, werkende jongeren, alleenstaanden en ouderen zouden kunnen deelnemen aan een samenlevingsproject dat gunstig is voor allen, isolement tegengaat en het delen bevordert; Dat bepaalde burgers zich verzetten tegen de concentratie van de woonbestemming op enkele percelen en deze monofunctionaliteit negatief beoordelen. Overwegende dat het de ambitie van het RPA is om verschillende functies te doen samenkomen binnen een ruimte met uitzonderlijke erfgoed- en stedenbouwkundige kwaliteiten; Dat het programma, zoals het MER het aanbeveelt, de functies op de site wil variëren (woningen, voorzieningen van universitaire en lokale aard, winkels, productieve activiteiten en parkzone), waarbij ongepaste interacties zoveel mogelijk vermeden worden; Dat in dat opzicht, maar ook om een goede ruimtelijke ordening van de site en een optimale architecturale integratie van de woningen (nieuwe gebouwen) te bereiken en om voldoende interactie te bieden van de woningen met de residentiële wijken in de omgeving, de woonzones zich aan de rand van de site bevinden; Dat het niet gefundeerd lijkt om te spreken over monofunctionaliteit, terwijl de wijk erg divers is en de woonzones plaats kunnen bieden aan voorzieningen en, in beperkte mate, kantoren, evenals productieve activiteiten en winkels; Dat de typologie van de te ontwikkelen woningen op de site geen onderdeel is van het ontwerp van RPA `voormalige kazernes van Elsene', dat de globale territoriale ontwikkeling van de site plant (bestemmingen, afmetingen, erfgoed...), maar van latere stappen, vergunningen en machtigingen die door de projectontwikkelaars worden beheerd. IV.VI. Opmerkingen omtrent de stedelijke vorm en de integratie Overwegende dat bepaalde burgers het niet op prijs stellen dat dit ontwerp van RPA een aaneengesloten bebouwing voorziet en vinden dat deze stedelijke vorm tot een getto kan leiden; Dat ze diversiteit vragen inzake het type woningen per gebouw en dat dit principe wordt opgenomen in het RPA; Dat bepaalde burgers vragen dat architecturale voorzorgsmaatregelen opgelegd zouden worden in het kader van het RPA zelf om de integratie van 200 gezinswoningen en 600 koten te verzekeren; Dat anderen vinden dat het programma voor de Juliette Wytsmanstraat de kwaliteiten van het centrale plein en het open karakter van de straat zal beperken; Dat een burger vraagt welke toekomst voorbestemd wordt voor de gebouwen C'' en R bij de omheiningsmuur; Dat bepaalde burgers vragen dat er een alternatief met aaneengesloten bebouwingen bestudeerd wordt voor de gebouwen in de Fritz Toussaintstraat; Dat een burger vraagt dat het RPA een alternatieve locatie bestudeert voor de woongebouwen in de Toussaintstraat, in de vorm van een reeks gebouwen tegen de straat veeleer dan 3 geïsoleerde gebouwen die de stedelijke structuur van de kazerne overnemen; Dat deze configuratie gerechtvaardigd zou zijn op stedenbouwkundig niveau en met betrekking tot geluids- en zonhinder; Dat een burger openingen vraagt langs de Generaal Jacqueslaan; Dat burgers zich vragen stellen over de toekomst van het erfgoed op de site door te verwijzen naar het precedent van het vroegere militair hospitaal; Dat een burger vraagt dat de site meer geopend zou worden om 'buitenstaanders' uit te nodigen, bijvoorbeeld door een grotere ingang aan een van de zijden; Overwegende dat dit ontwerp van RPA een plan van de inplantingen voorstelt dat de zones aangeeft waarin gebouwen mogen komen; Dat deze zones niet volledig bebouwd zullen worden; Dat de vorm, de maatanalyse en het uiteindelijk uitzicht van de te bouwen gebouwen nog niet gekend zijn en het voorwerp zullen uitmaken van latere procedures van vergunningsaanvragen, vergezeld van eventuele bijzondere reclamemaatregelen indien nodig; Dat de bestaande gebouwen die behouden worden een erfgoedkundige kwaliteit hebben en niet alleen de mogelijkheid bieden om het Brussels erfgoed - dat het ontwerp van RPA nog wil benadrukken - te bewaren, maar ook de mogelijkheid biedt om een nieuwe ontmoetingsruimte te creëren; Dat dit ontwerp van RPA het behoud en de ontwikkeling van het erfgoed van de oude kazernes van Elsene mogelijk maakt door de reconversie en activering van de site; Dat het bovendien vermeldt welke gebouwen bewaard moeten blijven en de ontwikkeling van de site in zijn verschillende (culturele, architecturale, historische, stedenbouwkundige) dimensies aanmoedigt; Dat de configuratie van zone 1 van de woonzone werd bepaald op basis van de historische structuur, de mogelijkheden van de site inzake reconversie van gebouwen, de ontwikkeling van het bestaande, het comfort, maar ook werffasering; Dat deze inplanting het beste compromis biedt; Dat het MER niet enkel de toelating heeft gegeven om een optimaal evenwicht te bepalen tussen de reconversie van de site en de garantie op gebruikscomfort en de beperking van negatieve milieueffecten, maar ook om de functies en de belangrijkste inplantingen te spreiden om de levenskwaliteit van de gebruikers en de bewoners van de wijk te verbeteren; Dat de studie over de in het MER beschreven alternatieve inplantingen redelijkerwijs niet alle inplantingshypotheses kan voorzien en dat ze gericht is op de inplantingen die de meeste voordelen heeft m.b.t. de beoogde doelstellingen en voldoet aan de basisambitie die het Gewest formuleerde; Dat dit ontwerp van RPA verder een belangrijk deel van de ruimtes voorbehoudt aan kwalitatieve open ruimtes, de toegang tot de site voor motorvoertuigen beperkt en tegelijk de toegang en het parkeren van actieve vervoerswijzen toelaat; Dat dit ontwerp van RPA de aanleg van nieuw openbare doorgangen en de opening van de bestaande toegangen oplegt, waardoor de site wordt opengetrokken naar de omringende wijken, waardoor niet alleen de gebruikers, maar iedereen zich thuis voelt op de site; Dat deze doorgangen verdeeld worden over de Kroonlaan, de F. Toussaintstraat, de J. Wytsmanstraat en de Generaal Jacqueslaan en geschikt lijken; Dat door een verscheidenheid aan functies te bieden, veel mensen dankzij dit ontwerp van RPA elkaar kunnen ontmoeten en de site van animatie kunnen voorzien zodat wordt vermeden dat mensen binnen blijven; Dat het ontwerp van RPA de aanleg van een park voor de site en de wijk voorziet; Dat de oppervlakte niet te verwaarlozen is op het niveau van de site en van de wijk; Dat dit ontwerp van RPA het publieke gebruik van het centrale plein dat uitziet op de oude manege (gebouw M) bestendigen; Dat er bovendien landschapskwaliteit vereist zal zijn voor de wegen van de site; Dat de typologie van de te ontwikkelen woningen geen onderdeel is van het toepassingsgebied van dit ontwerp, maar van latere stappen en beslissingen; IV.VII. Opmerkingen omtrent de afmetingen Overwegende dat bepaalde burgers vragen stellen over de beoogde afmetingen; Dat bepaalde burgers benadrukken dat de straten die de perimeter afsluiten ongastvrij zijn en waarschuwen voor een potentiële opening in het kader van hoge en dichte gebouwen; Dat ze vinden dat de beoogde ontwikkelingen in de J. Wytsmanstraat hoog zijn (5 tot 7 verdiepingen naargelang de kant van de straat), dat ze mogelijk een canyoneffect creëren en de verluchting en de goede indeling van de site belemmeren; Dat ze om het project te verbeteren suggereren om de bestaande afmetingen niet te overstijgen of de gebouwen te beperken tot 6 verdiepingen aan de kant van de Kroonlaan en 4 verdiepingen in de J. Wytsmanstraat of het programma te verspreiden over de site; Dat anderen de gegrondheid van de beoogde afmetingen bestrijden wegens het hoogteverschil op de site; Overwegende dat het ontwerp van RPA, rekening houdend met de noodzaak om het erfgoed te beschermen en de site goed in te richten en om een duurzame wijk te creëren en stedelijke landbouw toe te laten, de toegelaten hoogte voor nieuwe of te renoveren gebouwen beperkt; Dat deze beperkingen, vanaf het gelijkvloers (gelijk aan het grondniveau van het centrale plein) 23 m bedragen voor de woonzone en 16,5 m en 13,5 m voor de gebouwen in de gemengde zone; Dat als dit ontwerp van RPA het mogelijk maakt om de voornoemde maximale hoogtes te overschrijden, hier enkel toestemming voor wordt gegeven als ze compatibel zijn met de doelstellingen van het strategisch luik in termen van structuur, inrichting en ruimtelijke perspectieven, en op voorwaarde dat ze een beperkte impact hebben op het microklimaat en de zichtbaarheid van de elementen van het erfgoed; Dat het strategische luik inderdaad verduidelijkt dat de ontwikkeling van de site de nadruk moet leggen op het bestaande erfgoed, de stedelijke structuur moet bestaan uit gebouwen met een beperkte hoogte, vergelijkbaar tussen de gebouwen (met uitzondering van gebouw R dat later werd gebouwd en dat herbouwd moest worden in het kader van het ontwerp van RPA) en aangelegd conform een typisch militaire structuur; Dat deze maximale hoogte in aanmerking moet worden genomen in het licht van het hoogteverschil op de site en het verschil in topografische hoogte tussen de site en de omringende wegen; Dat dit echter niet de werkelijke hoogte veronderstelt van de toekomstige gebouwen die toestemming moeten krijgen; Dat de afmetingen van de gebouwen van erfgoedkundig belang de bestaande grootsheid zullen bewaren; Dat bovendien de kenmerken van de te bouwen gebouwen in de J. Wytsmanstraat en de F. Toussaintstraat omkaderd worden door het reglementair luik van het RPA; Dat dit laatste een typologie in open opstelling (zone 1 - woonzone) of in de geïdentificeerde zones (zone 2 en 3 - woonzone) oplegt; Dat deze voorschriften leiden tot de creatie van groene open ruimtes en licht doorlaten of bij gebrek hieraan van doorgangen; Dat de inplantingsregels in de J. Wytsmanstraat een gevarieerde inplanting van de gebouwen en een eventuele beplante achteruitbouw van 3 m ten opzichte van de rooilijn opleggen; Dat het in de woonzone in elk geval van belang is dat de buitenkant van de te creëren gebouwen coherent en verzorgd is; Dat de geformuleerde opmerking over het vermeende gebrek aan lucht en het canyoneffect ongefundeerd is. IV.VIII. Opmerkingen omtrent de typologie van de woningen Overwegende dat een burger vragen stelt bij de definitie van 'gezinswoning' en het gebruik ervan om te spreken over sociale woning; Dat bepaalde burgers vinden dat er een overzicht op het niveau van de wijk en van de stad op toekomstige te bouwen woningen (en de typologie ervan) nodig is en dat ze benadrukken dat een sterke homogeniteit van de bevolking niet wenselijk is; Dat bepaalde burgers het gebrek aan duidelijkheid van het Gewest bekritiseren, dat het project als gemengd project voorstelt, hoewel het dat niet is en stellen dat de voormalige kazernes van Elsene niet tot doel hebben om de gemeentelijke statistieken op het vlak van sociale woningen te verbeteren, noch om alle studenten van de VUB te ontvangen; Dat een burger zich afvraagt of gezinswoningen van 75 tot 80 m2 werkelijk groot genoeg zijn voor gezinnen en vreest dat het hierbij enkel gaat om koppels met een jong kind die het gewest zo snel mogelijk zullen verlaten; Dat bepaalde burgers zich zorgen maken over de creatie van een getto voor studenten, wegens de dichtheid en het gesloten karakter van de site en de waarschijnlijke afwezigheid van sociale controle; Dat een burger het jammer vindt dat het RPA uiteindelijk een project is voor de universiteiten en niet voor de wijk; Dat burgers vragen stellen over de mogelijkheid voor hen om zich uit te spreken over het thema sociale huisvesting en over de momenten waarop ze dat kunnen doen, ze wensen de positie van de gemeente hieromtrent te kennen; Dat ze zich zorgen maken over de precedenten (Juliettelaan) en over het potentieel om talrijke sociale woningen te bouwen; Dat sommigen de overheid oproepen om een sociale diversiteit te verzekeren door een verdeling te voorzien van goedkope woningen, woningen met een gemiddelde kostprijs en sociale woningen, om dezelfde valkuilen als bij de aanleg van de site van het oude militair hospitaal te voorkomen, waar de bouw van een groot, gesloten complex met sociale woningen geleid heeft tot een achteruitgang van de sociale cohesie en een gevoel van relatieve onveiligheid in de openbare ruimtes rond deze woningen; Dat een burger vindt dat de ongerustheden van de buurtbewoners over de sociale woningen neerkomt op een communicatieprobleem en het debat over de uitdagingen van deze woningen en als voorbeeld de goede integratie van 24 % sociale woningen in Watermaal-Bosvoorde geeft; Dat hij de overheid ertoe aanspoort een dergelijk debat te voeren; Dat bepaalde burgers vragen om de vooroordelen ten aanzien van sociale woningen en de bewoners ervan te ontkrachten; Dat bepaalde burgers vaststellen dat de urbanisatie van de voormalige kazernes van Elsene een mogelijkheid vormt om het percentage sociale woningen in de gemeente te verhogen, zoals dat het geval zou moeten zijn op elk openbaar terrein op het volledige grondgebied van het gewest; Dat bepaalde burgers wensen dat de site niet verkocht zou worden aan de privésector om er luxewoningen te bouwen; Dat bepaalde burgers vragen dat het debat over sociale diversiteit openbaar en uitgebreid wordt gevoerd, op het niveau van het volledige Gewest, met deelnemers uit de academische wereld en het verenigingsleven (BBRoW) en dat de conclusies ervan openbaar worden gemaakt; Overwegende dat dit ontwerp van RPA niet de typologie van de woningen beschrijft, maar de verdeling van de woningen voor gezinnen en studenten voorziet; Dat het Gewest over dit aspect op een later tijdstip zal beslissen; Dat het Departement 'Territoriale Kennis' van perspective.brussels samen met de referentiepartner Huisvesting voor het Gewest een analyserooster uitwerkt met de bedoeling om de soorten openbare woningen op het gewestelijke grondgebied beter te verdelen; Dat dit ontwerp van RPA geen behoefte heeft aan een specifieke verdeling van de typologieën in het project, terwijl de verschillende vormen van bebouwbare zones en de toegelaten afmetingen diverse typologieën zullen toelaten in het project; Dat de term 'gezinswoning' verwijst naar geïsoleerde woningen die zich onderscheiden van gedeelde woningen (studentenwoningen) en deze opdeling verduidelijkt zonder dat het een specifieke betekenis heeft; Dat de weerhouden bestemmingen in dit opzicht woningen, productieve activiteiten, voorzieningen, winkels en openbare ruimtes mogelijk maken; Dat het universitair programma, dat belangrijk is in het kader van de creatie van een internationale studentenwijk en een nieuwe woonwijk, geen deel uitmaakt van het algemene programma; Dat de diversiteit van de functies ertoe zal bijdragen dat de site opengesteld wordt voor andere gebruikers van de stad en dat het hele jaar door verschillende bevolkingsgroepen aangetrokken worden; Dat de universiteiten bovendien op de site van de voormalige kazernes van Elsene universitaire voorzieningen voor de Brusselaars en met name een Fab Lab, een bezoekerscentrum, voorzien; Dat deze programmatie vergezeld wordt van voorzieningen voor de wijk of met een gewestelijke uitstraling; Dat de beoogde reconversie van de oude manege (gebouw M) in de voedingshal die openstaat voor iedereen andere bevolkingsgroepen zal aantrekken; Dat het internationale karakter niet vermeld wordt in dit ontwerp van RPA maar verondersteld wordt in het licht van de programmatie, namelijk de universitaire, en de goede toegankelijkheid van de site met de trein en het vliegtuig; Dat deze verschillende factoren (openheid, diversiteit, vermenging van functies en bevolkingsgroepen ...) het gesloten karakter van de site of de exclusieve toe-eigening ervan door een bepaalde bevolkingsgroep zullen beperken; Dat het niet de taak is van het RPA om de technische modaliteiten voor het onderhoud en de netheid van de site te voorzien; Dat het debat over sociale huisvesting in het Brussels gewest, over de inplantingsmodaliteiten of het beheer het voorwerp van dit ontwerp overstijgt. IV.IX. Opmerkingen omtrent de publieke voorzieningen Overwegende dat bepaalde burgers dit ontwerp van RPA oproepen om openbare ruimtes zonder commercieel oogmerk te voorzien die de uitwisseling en de interactie bevorderen; Dat bepaalde burgers vragen dat er vooraf verschillende aannemers zouden worden benaderd (aanbestedingen); Dat anderen verduidelijkingen zouden willen krijgen over de schoolmogelijkheden van de kinderen die op de site van de voormalige kazernes van Elsene wonen; Dat bepaalde burgers vragen dat de universiteit zich toelegt op de doordringbaarheid van haar installaties en met een open karakter en democratische tarieven; Dat bepaalde burgers de inplanting vragen van uitgebreide sportinfrastructuur en suggereren dat een zwembad wordt bestudeerd; Dat bepaalde burgers vragen dat er voorzieningen voor de buurtbewoners voorzien zouden worden, bijvoorbeeld kinderdagverblijven, sportvoorzieningen (klimmuur, multifunctionele sportzaal ...), ruimtes voor culturele activiteiten (bibliotheek - ludotheek, dansschool, kinderdagverblijf, yoga), buurtwinkels, cafés en restaurants die ook 's avonds open zijn om een minimale animatie van de site te verzekeren die niet enkel specifiek op studenten gericht is; Dat een burger vraagt dat er een becijferde doelstelling inzake buurtvoorzieningen wordt bepaald; Overwegende dat dit ontwerp van RPA ongeveer 10.000 m2 openbare en universitaire voorzieningen voorziet; Dat de diversiteit van de functies ertoe zal bijdragen dat de site opengesteld wordt voor andere gebruikers van de stad en dat het hele jaar door verschillende bevolkingsgroepen aangetrokken worden; Dat het hierbij gaat om een aangename ontmoetingsruimte; Dat voorzieningen als kinderdagverblijven, buurthuizen, culturele voorzieningen ... geïnstalleerd kunnen worden op de site; Dat de site van de voormalige kazernes van Elsene een beperkte oppervlakte heeft en al meerdere grote voorzieningen kan ontvangen; dat de vestiging van een school in dit opzicht niet mogelijk is door de vereiste nodige oppervlakte voor zo een instelling; Dat er zich op de Pleincampus in de buurt al een zwembad bevindt en dit dus niet opportuun lijkt; Dat het zoeken naar aannemers, het vaststellen van tarieven of heffingen niet tot de bevoegdheden van het richtplan van aanleg behoort, maar van de uitvoeringsmaatregelen ervan; Dat commerciële ruimtes kunnen worden gebruikt voor economische activiteiten; Dat er een activering van het centrale plein voorzien is, met name door de aanwezigheid van winkels en horeca. IV. X. Opmerkingen omtrent de mobiliteit Overwegende dat een burger wenst dat het RPA oplossingen aanreikt voor voertuigdelen; Dat bepaalde burgers verduidelijkingen willen over de ratio parkeerplaatsen / gebouwde woning, evenals een objectivering van het aantal nodige parkeerplaatsen in functie van de dichtheid van de woningen; Dat een burger verduidelijkingen wenst over het aantal aangelegde parkeerterreinen; Dat bepaalde burgers verwijzen naar de rampzalige situatie van het parkeren op de weg, omdat er parkeerplaatsen verdwenen zijn die niet gecompenseerd werden, en de moeilijkheid om een parkeerplaats te vinden. Dat sommige burgers vrezen dat de toestroom van nieuwe gebruikers en bewoners, die noodzakelijkerwijs verkeer zullen genereren, de situatie nog zal verergeren (verzadiging, parkeren), in het bijzonder als de dichtheid erg hoog is; Dat bepaalde burgers oplossingen vragen, bijvoorbeeld een gedeeld parkeerterrein, eventueel tegen betaling en toegankelijk voor het publiek en bezoekers, voor de hele wijk, bovenop de ambities voor actieve vervoerswijzen; Dat sommigen erop aandringen dat de toegang tot het parkeerterrein adequaat is en de hinder niet versterkt; Dat bepaalde burgers het bezit van een parkeerplaats willen koppelen aan het niet afleveren van een residentiële parkeerkaart voor op de weg; Dat bepaalde burgers vragen om het verkeersvolume intra muros te verminderen en dus de parkeergelegenheid te beperken en op en rond de site de alternatieve vervoerswijzen te promoten, waarbij de continuïteit van het gebruik ervan met name naar het stadscentrum en de tewerkstellingscentra verzekerd worden; Dat sommige burgers vragen dat er afwijkingen (omlaag) voorzien worden op de GSV (dat op dit moment twee voertuigen per huishouden toelaat); Dat bepaalde burgers vragen dat de universiteitswijk een model vormt op het vlak van mobiliteit (parkeerplaatsen voor deelauto's, minstens een fietsstalling per kamer ...); Dat een burger vraagt dat het RPA de principes van het GewOP en het GPDO zou integreren voor fietsers; Dat deze burgers zich verheugen over de promotie van actieve vervoerswijzen, maar vragen dat deze promotie sterker benadrukt wordt en met name dat de site voldoende parkeermogelijkheden voor fietsen biedt voor de gebruikers en de bezoekers van de site, zowel binnen als buiten de gebouwen; Dat een burger vindt dat er geen bijkomende mobiliteitsmogelijkheden voor auto's moeten gecreëerd worden in Brussel, wegens de verzadiging en de sterke vervuiling en dat hij uitkijkt naar de voorstellen van het RPA; Dat een burger het onlosmakelijk verband tussen mobiliteit en dichtheid vermeldt; Dat bepaalde burgers oproepen tot een versterking van het aanbod van bus 95; Dat bepaalde burgers vragen dat de ULB en de VUB hun bedrijfsmobiliteitsplannen zouden bekendmaken (modale aandelen, aantal gebruikte parkeerplaatsen op hun campus, het aantal auto's per 100 studenten/professoren/administratief personeel/bezoekers enz.); Overwegende dat dit ontwerp van RPA voorziet dat de parkeerterreinen georganiseerd worden in ondergrondse eenheden onder de randgebieden van de noordwestelijke perimeter, zonder dat het RPA het aantal verdiepingen beperkt; Dat de parkeerterreinen bereikbaar zullen zijn via de Juliette Wytsmanstraat en de Fritz Toussaintstraat; Dat dit ontwerp van RPA voorziet om de site af te sluiten voor gemotoriseerde privévoertuigen, behalve sporadische behoeften; Dat de GSV een ratio van 1 parkeerplaats/woning voorziet, dus het equivalent van 205 plaatsen; Dat het ontwerp van RPA desondanks de volgende ratio kan hanteren: 0,77 plaats/woning naargelang de goede toegankelijkheid van de site met het openbaar vervoer; Dat het resterende saldo van 0,23 plaats/woning bestemd is voor de woningen in de wijk; Dat het saldo van de parkeerplaatsen na aftrek van de parkeerplaatsen voor de woningen en de wijk gebruikt zal worden door de andere activiteiten op de site; Dat een gedeelte of een van beide parkeerterreinen dus toegewezen kunnen worden aan de behoeften van de gebruikers van de site: overdag voor de innovatiecentra en andere activiteiten (onderzoekscentrum, voedingshal) en 's avonds voor de voedingshal, de voorzieningen met gewestelijke uitstraling of de eventuele bioscoop (gebouw H); Dat het aantal parkeerplaatsen later verfijnd zal worden in het volgende stadium van vergunningen, naargelang de functies die geïnstalleerd worden op de site; Dat er mogelijk parkeerplaatsen voor gedeelde auto's voorzien kunnen worden op de site; dat dit ontwerp van RPA dit echter niet in detail wil behandelen; Dat het ontwerp van RPA het gebruik van actieve vervoerswijzen en in de eerste plaats de fiets promoot; Dat het RPA daarom de volgende aanbevelingen doet: ? 1 fietsstalling per studentenwoning; ? 1 fietsstalling per kamer voor de woningen (of gelijkgestelde studio'
- s)+ 1 fietsstalling/5 woningen voor de bezoekers; ? 2 fietsstallingen/100 m2 vloeroppervlakte voor winkels en voorzieningen; ? de installatie van fietsstallingen voor de polyvalente zaal en de universitaire voorzieningen op basis van een modaal aandeel van 20 % fietsen op korte en 50 % op lange termijn; ? de installatie van fietsstallingen voor de kantoren, aanverwante activiteiten en werknemers op basis van een modaal aandeel van 7,5 % fietsen op korte en 20 % op lange termijn; Dat inzake openbaar vervoer het MER de versterking van lijn 25 aanbeveelt; Dat de praktische modaliteiten van de MIVB-lijnen niet tot de bevoegdheid van het RPA behoren; Dat de door de universiteiten ondernomen stappen in het kader van het BWLKE (bedrijfsvervoerplannen) niet tot de bevoegdheden van het RPA behoren. IV.XI. Opmerkingen omtrent milieu Overwegende dat bepaalde burgers zich verheugen over de aanwezigheid van een nieuwe groene zone in een stedelijke context die er een gebrek aan heeft, maar zouden willen dat het hierbij om een kwalitatief hoogstaande zone gaat, die een goede samenwerking bevordert; Dat bepaalde burgers vragen dat de zone open, zichtbaar en eenvoudig toegankelijk zou zijn vanuit de omliggende wegen en vinden dat de huidige configuratie ingesloten is of dient om de waarde van de woningen te verhogen; Dat sommigen daarom een studie voor een alternatieve locatie (in combinatie met alternatieve afmetingen) vragen of suggereren dat de locatie wordt uitgebreid tot aan het kruispunt Wytsman-Toussaint, als grote en zichtbare groene ruimte; Dat een burger verduidelijkingen vraagt over de locatie en de oppervlakte van de groene zone; Dat bepaalde burgers wensen dat het RPA ook voorziet in de vergroening van het centrale plein; Dat bepaalde burgers de aandacht vestigen op het goede gebruik van hulpmiddelen, ongeacht de bestemming van de gebouwen, en daarom het onderhoud van gebouw R vragen; Dat een burger wil dat het RPA ingegraven containers voorziet voor het verzamelen van afval; Dat bepaalde burgers meer details willen over het efficiënt beheer van de openbare ruimtes (met name de netheid, rekening houdend met het gedrag van studenten) en studentenwoningen (conciërge); Dat bepaalde burgers de aandacht vestigen op het waterbeheer op het niveau van de site en verwijzen naar de voorschriften van Leefmilieu Brussel hieromtrent; Dat sommige burgers het nuttig achten om waterrecyclage te voorzien, met name voor het onderhoud van de groene zones; Dat bepaalde burgers vragen dat het RPA zoveel mogelijk neigt naar energieonafhankelijkheid en toch coherent blijft op middellange en lange termijn; Overwegende dat het ontwerp van RPA in de aanleg van een park voor de site en de wijk voorziet; Dat de oppervlakte niet te verwaarlozen is op het niveau van de site en van de wijk; Dat het bereikbaar zal zijn via openingen naar de Fritz Toussaintstraat en de Juliette Wytsmanstraat; Dat het anderzijds zal aangevuld worden door een vergroening van de openbare ruimte en door het 'landschappelijk' karakter van de wegen op de site; Dat het ontwerp van RPA bepaalt dat het centrale plein de belangrijkste verbindende ruimte wordt en dat het overwegend verhard blijft om deze ruimte voor te behouden voor de organisatie van sporadische evenementen; Dat dit ontwerp van RPA kadert binnen de principes van het Gewestelijk plan voor circulaire economie; Dat het MER bovendien de kenmerken van het project bestudeerd heeft inzake verschillende relevante thema's (lucht, mobiliteit, microklimaat, stedenbouwkundige en socio-economische aspecten enz.) en zijn conclusies bekendgemaakt heeft; Dat het het project als bevredigend beschouwt voor alle criteria en aanbevelingen heeft gedaan om de milieukwaliteit ervan nog te verbeteren; Dat het ontwerp van RPA niet als doel heeft om de beheermethoden voor de site te bepalen, aangezien het RPA een plan van aanleg is; Dat het niet de taak is van het RPA om de technische modaliteiten voor het onderhoud en de netheid van de site te voorzien. IV.XII. Opmerkingen omtrent lawaaihinder Overwegende dat bepaalde burgers zich vragen stellen bij de gevolgen van de fysieke opening van de site inzake geluid en met name over eventuele dempende maatregelen; Dat bepaalde burgers zich zorgen maken over geluidsoverlast van buiten (FEDASIL) en binnen de site (talrijke studenten); Overwegende dat het RPA een aantal openingen voorziet in de omheiningsmuur, maar deze muur niettemin behoudt; Dat het aantal toegangen beperkt moet blijven op bepaalde strategische punten; Dat de architectuur van de openingen geïntegreerd moet worden om de continuïteit van de muur, noch de globale samenhang ervan, noch een toekomstige aanpassing ervan in gevaar te brengen; Dat de aanleg van doorgang(
- en)naar de Generaal Jacqueslaan begeleid wordt met maatregelen die de geluidshinder beperken; Dat deze op het gepaste moment worden bepaald; Dat het ontwerp van RPA, in overeenstemming met de aanbevelingen van het MER, de inplanting van studentenwoningen voorziet in het midden van de site, om de geluidshinder te beperken in en buiten de site om zo de levenskwaliteit te verzekeren. IV.XIII. Opmerkingen omtrent socio-economische aspecten Overwegende dat een burger zich vragen stelt bij het feit dat voorrang gegeven zal worden aan buitenlandse studenten, terwijl tal van studenten die in België wonen ook behoefte hebben aan koten tegen een redelijke prijs; Dat bepaalde burgers zich vragen stellen bij de werkingsmodaliteit van de voedingshal (openingsuren, openingsdagen, hoeveel personen...); Dat sommigen ertoe oproepen om het potentieel van dit gebouw niet te onderbenutten; Dat sommige burgers wensen dat het RPA de mogelijkheid biedt om de economische en sociale rijkdom van de wijk te ontwikkelen en bijdraagt tot het scheppen van werkgelegenheid: horeca, toerisme; Dat een burger vraagt om beter rekening te houden met Congolese, Afrikaanse en buitenlandse studenten en de actoren van Matonge als passanten en tussenpersonen met de universiteiten; Dat een burger de overheden oproept om het analfabetisme en de taalkloven beter te integreren in het ontwikkelingsproces. Overwegende dat het universitaire programma, dat belangrijk is in het kader van de creatie van een internationale studentenwijk en een nieuwe woonwijk, geen deel uitmaakt van het programma; Dat de diversiteit van de functies ertoe zal bijdragen dat de site opengesteld wordt voor andere gebruikers van de stad en dat het hele jaar door verschillende bevolkingsgroepen aangetrokken worden; Dat de universiteiten bovendien op de site van de voormalige kazernes van Elsene universitaire voorzieningen voor de Brusselaars voorzien; Dat dit ontwerp van RPA de mogelijkheid voorziet om een bedrijfsincubator te installeren op de site; Dat de reconversie van de oude manege (gebouw M) naar een voedingshal voor iedereen wordt overwogen; Dat de verschillende functies van de site werkgelegenheid zullen creëren; Dat het RPA niet als doel heeft om de beheermethoden voor de site te bepalen, aangezien het een plan van aanleg is. V. Van het ontwerp van RPA en zijn ambities Gelet op het ontwerp van RPA: Gelet op de goedkeuring van het ontwerp van RPA bij een eerste lezing door de Regering op 20 december 2018; Overwegende dat de hierna geformuleerde motieven met betrekking tot het ontwerp van RPA mutatis mutandis gelden voor het RPA dat definitief wordt goedgekeurd, met uitzondering van
- i)motieven met betrekking tot het ontwerp van RPA die zouden worden vervangen door nieuwe geformuleerde motieven ter ondersteuning van het definitieve RPA en
- ii)wijzigingen die door het definitieve RPA aan het ontwerp van RPA worden aangebracht; Overwegende dat het ontwerp van RPA uitgaat van de richtsnoeren van het gewestelijk ontwikkelingsplan dat van kracht is op de dag dat het wordt goedgekeurd en de grote principes aangeeft voor de inrichting of de herinrichting van het grondgebied waarop het betrekking heeft, met name op het vlak van programmering van de bestemmingen, structurering van de wegen, de openbare ruimten en het landschap, kenmerken van de constructies, bescherming van het erfgoed en mobiliteit en parkeren; Overwegende dat het ontwerp van RPA vijf ambities nastreeft: - Een innoverend universiteitsproject voor Brussel; - Een nieuwe ontmoetingsruimte voor de wijk; - Een innoverend en gemengd programma; - Een project dat aansluit op de historische identiteit en de toekomstige behoeften van de site; Een duurzaam project dat op de kringloopeconomie is gericht; Ambitie I: een innoverend universiteitsproject voor Brussel Overwegende dat het ontwerp van RPA de creatie mogelijk maakt van een universiteitscentrum dat inspeelt op de gewestelijke doelstellingen op het vlak van openheid naar de wereld, academische en culturele aantrekkelijkheid, antwoorden op de uitdagingen van de internationalisering en bijdrage tot de economie en de werkgelegenheid. Overwegende dat Brussel het belangrijkste academische centrum van België en een belangrijk centrum in Brussel vormt; Dat de bevolking aangroeit en steeds internationaler wordt; Dat de aanleg van een innoverende universiteitscampus die openstaat voor de stad, dus beantwoordt aan een behoefte die door de universiteiten wordt geformuleerd; Dat het programma van de universiteiten ook beantwoordt aan de ambities van openstelling van de universiteiten ten opzichte van de stad voor zover het voorzieningen toelaat en bevordert die voor iedereen toegankelijk zijn (Fab Lab, tolkcentrum enz.); Dat het programma van de universiteiten overigens beantwoordt aan de ambitie om een wetenschappelijk beleid uit te werken dat gericht is op technologieën die kunnen leiden tot economische groei, voor zover het een onderzoekscentrum toelaat en bevordert op basis van het thema van duurzame ontwikkeling. Ambitie II: een nieuwe ontmoetingsruimte voor de wijk Overwegende dat het stadsweefsel in de onmiddellijke omgeving dicht bebouwd is en weinig openbare ruimtes biedt waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en waar ze zich kunnen ontspannen; Overwegende dat het universitaire luik van het ontwerp van RPA toeziet op de diversiteit van functies en doelgroepen en daarom geen gesloten campus creëert, maar wel een volwaardige leefwijk die beschikt over alle voorzieningen die een hoge levenskwaliteit waarborgen; Dat de functionele mix van de site op die manier duidelijk een impact zal hebben op de sociale, intergenerationele en culturele mix en daardoor rechtstreeks zal bijdragen tot de maatschappelijke cohesie en het samenleven; Dat de ontwikkeling van die troef niet alleen bijdraagt tot de plaatselijke integratie, maar ook tot het algemeen belang; Overwegende dat deze ambitie zal leiden tot de inrichting van een wijk - plaats van convergenties en kruising van stromen van actieve verplaatsingswijzen - maar ook een stedelijke polariteit waarin heel wat elementen zijn samengebracht die nodig zijn voor het dagelijkse leven in de wijk; Dat het ontwerp van RPA de site van de voormalige kazernes omschrijft als een verbinding tussen ruimtelijk gescheiden wijken via de fysieke opening van de site, de aanleg van paden en de aanleg van openbare ruimtes; Dat het ontwerp van RPA ernaar streeft om een hoogwaardige stedelijke ruimte te bieden met plaats voor het plaatselijke leven, die gemakkelijker bereikbaar is en verbonden is met de plaatselijke structuur, waar de functionele doeltreffendheid van de ruimten wordt gewaarborgd en waar een overzichtelijk stramien van openbare ruimten en hoogwaardige private buitenruimten wordt aangeboden in een optiek van duurzaamheid; Dat het ontwerp van RPA op die manier bijdraagt tot de algemene doelstellingen van inclusie en algemeen belang; Dat dat streven gebaseerd is op de wensen van de Regering om de site een nieuwe configuratie te bezorgen als internationale universitaire wijk van de 21e eeuw; Ambitie III: een innoverend en gemengd programma Overwegende dat dit streven werd bevestigd door de Regering, via onder meer overeenkomsten tussen de universiteiten en het Gewest en via de aankoop van de site; Dat het ontwerp van RPA ten aanzien van deze ambitie een universitaire en plaatselijke programmering aanbiedt die samen met de universitaire wereld werd opgebouwd, waarbij de werking van de wijk draait rond openbare ruimtes en functies en daarom gevarieerde doelgroepen ontvangt; Ambitie IV: een project dat aansluit op de historische identiteit en de toekomstige behoeften van de site; Overwegende dat het ontwerp van RPA naast de eigen identiteit en de historiek van de site ook de identiteit ervan in de huidige stad onderstreept; Dat het de uitdagingen aangaat van een reconversie van een functioneel gemarkeerd erfgoed, de integratie van nieuwe gebruiken, een nieuwe stedelijkheid, samenhang en afstemming van de historische identiteit van de site en de toekomstige behoeften van de wijk; Dat het ontwerp van RPA door zich te baseren op het erfgoed en de identiteit van de site om ze nieuw leven in te blazen, binnen de perimeter bijdraagt tot de opkomst van een inclusieve maatschappij; Ambitie V: bijdragen tot de duurzaamheid en de opkomst van de kringloopeconomie in het Gewest Overwegende dat deze algemene ambitie zowel in de voorstellen als de referenties voor het ontwerp van RPA als in zijn reglementaire aspecten wordt vertaald; Dat het ontwerp van RPA zo met respect voor de plaatselijke evenwichten voorbeeldige ontwikkelingen en de integratie van milieuaspecten mogelijk maakt en aanmoedigt; Dat daaruit een meerwaarde op plaatselijk, gewestelijk en globaal niveau van het project voortvloeit met betrekking tot de beheersing van de energie, de productie van afval en voorbeeldig waterbeheer en op het vlak van (al dan niet zelf geproduceerde) duurzame voeding, ecologisch verantwoorde architectuur en het hergebruik van materialen; Dat het ontwerp van RPA in de perimeter van de kazernes van Elsene ook bijdraagt tot de verbetering van de algemene toestand van de omgeving en de goede werking van de stad; VI. De stedenbouwkundige principes van het ontwerp van RPA Overwegende dat de hierna geformuleerde motieven met betrekking tot het ontwerp van RPA mutatis mutandis gelden voor het RPA dat definitief wordt goedgekeurd, met uitzondering van
- i)motieven met betrekking tot het ontwerp van RPA die zouden worden vervangen door nieuwe geformuleerde motieven ter ondersteuning van het definitieve RPA en
- ii)wijzigingen die door het definitieve RPA aan het ontwerp van RPA worden aangebracht; VI.I. Het stedenbouwkundige principe van een verbonden en toegankelijke site; Overwegende dat door de site van de voormalige kazernes opnieuw in zijn historische morfologie te plaatsen, dit ontwerp de kern vormt van een netwerk van stromen; Dat dit ontwerp van RPA door de site gedeelte te openen en de reconversie ervan te omkaderen, de site integreert in de bestaande stromen en er de rol van actieve mobiliteitsschakel aan toekent die het station van Etterbeek met het Flageyplein verbindt, de intercampus-verbinding (Plein - Ter Kameren); Dat dit ontwerp van RPA het kader voor intern verkeer inricht op basis van een hoofddiagonaal naar het station van Etterbeek vanuit de ingang van het kruispunt Wytsman/Toussaint naar de kruising J. Wytsman en F. Toussaint; Dat deze mobiliteitsdiagonaal voor actieve vervoersmiddelen enerzijds aansluit bij de verschillende functies van de site en deze anderzijds verbindt met de omringende wijken en daardoor bijdraagt aan de goede werking van de stad; Dat dit ontwerp van RPA de aanleg van herkenbare en logische toegangspunten tot de site voorziet; Dat het op die manier dit stedenbouwkundig principe op een evenwichtige manier omzet door een strategische vertaling van de grote lijnen van de inrichting (harmonieuze toegankelijkheid van de site en de omgeving, concentratie van de stromen) en door een reglementaire vertaling van strikte elementen die cruciaal zijn voor de reconversie; Dat die verschillende stedenbouwkundige principes de animatie van de site, de sociale controle en de goede werking van de functies verzekeren. VI.II. Het stedenbouwkundige principe van een herkenbare stedelijke morfologie; Overwegende dat de site ingericht is volgens de ruimtelijke organisatieprincipes van een militaire site, namelijk een duidelijke rooilijn met gebouwen omkaderd door hoekconstructies; Dat de architectuur van de gebouwen bijdraagt tot deze inrichting en de bijzonderheid van de site; Dat dit ontwerp van RPA er zich op toelegt om de stedenbouwkundige structuur te bewaren, via het strategisch luik en het bestemmingsplan, de gediversifieerde ontwikkeling van bestaande gebouwen toestaat - door afbraak-heropbouw uit te sluiten, toe te staan of te verbieden; Dat de omheiningsmuur van de voormalige kazernes van Elsene een identiteitselement van die kazernes vertegenwoordigen; Dat er minstens één onderbreking van deze muur wordt voorzien om een eenvoudigere verbinding met de omliggende wijken mogelijk te maken; Dat dit ontwerp van RPA in dezelfde optiek principes van strategisch ruimtegebruik hanteert voor de (weder
- op)te bouwen gebouwen; Dat bepaalde bepalingen een reglementaire waarde krijgen om de samenhang van de ontwikkelingen en de stedelijke integratie rekening houdend met de omringende gebouwen te verzekeren; Dat de ontwikkeling van de site omkaderd wordt door regels gehanteerd voor de maximaal toegelaten grootte en de ordening van de te bouwen gebouwen, die worden vastgesteld met betrekking tot de bestaande structuur; Dat bepaalde bestemmingen beperkt worden in bebouwbare vloeroppervlakte om een optimaal evenwicht te bereiken tussen de gewenste dichtheid en comfortabel gebruik van de site en de omliggende buurten; Dat de verhouding van deze bepalingen het mogelijk maakt om het erfgoed te ontwikkelen zonder de introductie van nieuwe functies of de architecturale vrijheid te belemmeren; Dat deze in het RPA aangeboden flexibiliteit de architecturale coherentie van heel het ontwerp van RPA zal bevorderen door een sterkere interactie met de wijk te ontwikkelen; VI.III. Het stedenbouwkundige principe van de aanwezigheid van openbare ruimtes van verbindende aard Overwegende dat dergelijke ruimtes onderverdeeld zullen worden in twee openbare ruimtes met een verschillende karakter en een verschillende sfeer; Dat de eerste bestaat in de omvorming van de erekoer van de voormalige kazernes in een centraal plein, wegens de omvang en de historische rol ervan omtrent het oorspronkelijke gebruik van de site als militaire kazerne; Dat het RPA verschillende oplossingen voorstelt voor de behandeling ervan en voor de omgevende gebouwen; Dat het RPA op die manier stedenbouwkundige principes vastlegt, in het bijzonder inzake de afmetingen in het kader van eventuele afbraak- en heropbouwwerken of zware reconversies; Dat het de ambitie uitspreekt om benedenverdiepingen te activeren via onder meer de visuele doorlatendheid en de transparantie van de gebouwen. Dat het de uitvoering aanmoedigt van programma's om de benedenverdiepingen van de gebouwen F, E en A te animeren en referenties geeft van bestaande projecten die dezelfde ambitie hebben; Dat het strategische luik eveneens illustratieve referenties omvat voor de reconversie van de gebouwen I en H, in lijn met hun positie ten opzichte van het centraal gelegen plein en gebouw M; Dat dit ontwerp van RPA de belangrijkste inrichtingsvisies definieert van het centrale plein (doorlatendheid, mogelijkheid om er tijdelijke bestemmingen aan te geven ...); Dat het reglementaire luik van het RPA van deze ruimte bovendien een structurerende ruimte maakt die begrensd is door een lint van actieve gevels; Dat de benaming 'structurerende ruimte' een inrichtingskwaliteit oplegt op grond van de toepassing van de desbetreffende regels; Dat de linten van actieve gevels de bezieling van de gevels en hun actieve deelname aan het leven de site verzekeren en het commerciële gebruik mogelijk maken; Dat een tweede belangrijke openbare ruimte voorzien wordt door dit ontwerp van RPA in de vorm van een wijkpark; Dat dit ontwerp van RPA aanbeveelt om voor de inrichting van deze ruimte de voorkeur te geven aan intensieve vegetatie en het beheer van reenwater dat eventueel de opvang en de infiltratie van water mogelijk maakt; Dat de inrichting en de kwaliteit van deze ruimte verzekerd worden via de bestemming ervan als zone voor het Usquare-park; Dat dit ontwerp van RPA bovendien het statuut van de open ruimtes vaststelt, ongeacht of ze bestemd zijn om door het publiek bezocht te worden of privé zijn; Dat de vastgestelde voorschriften inzake de toegang gerechtvaardigd zijn in het licht van de fysieke kenmerken van de site en de sociale controle; Dat het bijgevolg voorziet om het groene karakter en het gebruik ervan als pedagogische ruimte, als ruimte voor ontspanning of landbouwproductie te maximaliseren; Dat dit ontwerp van RPA verder aanspoort tot een voorbeeldige inrichting van de wegen van de site om het gebruikscomfort ervan te optimaliseren; Dat het strategische luik derhalve oplossingen aanreikt voor de configuratie ervan; Dat het reglementaire luik de belangrijkste kenmerken bepaalt van deze landschappelijke wegen, aan de hand van specifieke voorschriften; Dat dit ontwerp van RPA ten slotte het gebruik van de openbare ruimtes van de site zeer sterk beperkt voor gemotoriseerde voertuigen, om het gebruikscomfort, de milieukwaliteiten en de veiligheid van de gebruikers ervan te optimaliseren, zonder echter het onderhoud, het beheer en de animatie van de site te beperken; Dat op die manier duidelijk de inrichting van comfortabele en veilige openbare ruimtes van verbindende aard beoogd wordt, om een aangenaam levenskader aan te bieden voor de gebruikers, bewoners en buurtbewoners. VI.IV. Het stedenbouwkundige principe van de uitvoering van een ambitieus programma Overwegende dat dit principe betrekking heeft op de verschillende functies die de site in de toekomst zal bekleden; Dat deze bestemmingen toegelicht worden in het strategische luik en dat de ontwikkeling ervan omkaderd wordt door het reglementaire luik van dit ontwerp van RPA, met name via het bestemmingsplan; Dat het strategische luik de verschillende door de Regering gewenste dimensies voor de site benadrukt en de mogelijke inrichting ervan in de ruimte illustreert; Dat een internationale wijk voorzien wordt met nuttige voorzieningen voor studenten, professoren en internationale onderzoekers; Dat dit ontwerp van RPA op die manier behoeften vermeldt inzake universitaire huisvesting en internationale voorzieningen; Dat het strategische luik bovendien wijst op de behoefte aan openheid van de universiteiten van de site naar de wijken en de stad en niet alleen voorzieningen vermeldt die nuttig zijn voor universitairen, maar ook voor andere bevolkingsgroepen (voedingshal in gebouw M, eventuele culturele voorziening in gebouw H, voorziening voor de omwonenden in blok P ...); Dat dit programma in het reglementaire luik bestaat uit de woonzones, een parkzone en een zone met een sterke diversiteit, specifiek voor de site; Dat het strategische luik, om de operationele uitwerking harmonieus en zo coherent mogelijk te doen verlopen, grote principes voorstelt voor de bestemming van de benedenverdiepingen en andere verdiepingen van de verschillende gebouwen van de site; Dat het de nadruk legt op bepaalde bestaande of nog te bouwen gebouwen wegens hun potentiële rol voor het leven in de wijk en de site van de voormalige kazernes van Elsene; Dat op die manier de hoekgebouwen, gebouw A en de toekomstige gebouwen in de Wytsmanstraat en de Toussaintstraat een fysieke rol zullen spelen als overgangsruimte tussen de binnenkant en de buitenkant van de site; Dat het strategisch luik verder ook mogelijke toekomstige inrichtingen van gebouwen F en G vermeldt en referenties geeft van incubatoren, fab lab en horecadiensten; Dat het een voorstel doet voor de verdeling van de woningen en voor het gebruik van gebouw H als culturele voorziening of met een bredere bestemming; Dat het reglementaire luik voorstellen specificeert voor de herbestemming van gebouw M als gebouw met een commerciële functie; Dat, rekening houdend met het karakter (ambitie om in dit grote gebouw met opvallende architectuur een voedselmarkt te maken gericht op duurzame ontwikkeling en korte afstanden en met een sterke aantrekkingskracht), dit gebouw bestemd zou zijn om een commerciële trekpleister van de site van de voormalige kazernes van Elsene te worden; Dat het gebruik ervan volgens het strategische luik samenhangt met een innovatieve commerciële strategie (wens om nieuwe manieren te ontwikkelen om producten te verhandelen die in lijn liggen met duurzame ontwikkeling, verwerkingsactiviteiten en horecafunctie rechtstreeks verbonden aan de markt ...) en verdeeld is over de ruimte (gebruik van beschikbare modulaire oppervlakte en die de constante animatie van het gebouw mogelijk maakt); Dat dit mogelijkheden suggereert om de aantrekkingskracht van de site, het gebruik van de verkeersdiagonaal door actieve vervoerswijzen, de diversiteit van het publiek en de animatie van de gemeenschappelijke ruimtes te versterken; Dat ten slotte ter indicatie verschillende referenties worden gegeven om de projectontwikkelaars te informeren over de bouw van hun aanbod en zo de kansen op succes en de verwezenlijking van de ambities maximaliseren; Dat de twee luiken van dit ontwerp van RPA in het licht van dit programma een evenwichtige visie en evenredige oplossingen aanreiken om een veilige en aangename stadswijk te creëren, waarvan zowel de gebruikers van de site als buitenstaanders zullen profiteren. VI.V. Het stedenbouwkundige principe van een site voorbehouden aan actieve milieuvriendelijke vervoerswijzen Overwegende dat de actieve milieuvriendelijke vervoerswijzen ter herinnering de verplaatsingswijzen zijn die een beroep doen op spierkracht; Dat het begrip actieve milieuvriendelijke vervoerswijzen uitgebreid moet worden tot de zwakste weggebruikers en met name tot personen met een beperkte mobiliteit; Dat de inrichtingen die door het ontwerp van RPA zijn voorzien, met name inzake mobiliteit, waarbij tegemoet wordt gekomen aan de behoeften van mensen die zich te voet of met de fiets verplaatsen, inderdaad voordelen hebben voor PBM (licht hellende strategen, geen drempels ...) en de site des te inclusiever maken; Dat het strategische luik van dit ontwerp van RPA herinnert aan de uitzonderlijk goede toegankelijkheid van de site van de 'voormalige kazernes van Elsene' en met name het openbaarvervoersaanbod (NMBS, MIVB, De Lijn, TEC, fiets, fietsdeelsysteem Villo); Dat de site dankzij de vlakke interne configuratie ervan en het behoud van verkeerswegen zonder verkeer en de parkeerplaatsen voor auto's geschikt is voor actieve vervoerswijzen; Dat de creatie van een wijk met talrijke voorzieningen zal bijdragen aan het ontstaan van de 'stad van korte afstanden'; Dat een gedeelte van het doelpubliek universitair is en ertoe geneigd zal zijn om actieve vervoerswijzen te gebruiken; Dat dit ontwerp van RPA de gewestelijke ambitie van de ontwikkeling van een actieve mobiliteit in de praktijk wil brengen; Dat deze vervoerswijzen inderdaad beschouwd worden als gunstig voor de gemeenschap en de gebruikers ervan, omdat ze het energieverbruik, vervuilende emissies, verkeersopstoppingen en het gebruik van de openbare ruimte als parkeerplaats beperken en bijdragen tot het welzijn en de gezondheid van allen; Dat het strategische luik daarom een ambitieuze visie uitspreekt inzake fietsgebruik door per woning of ander type gebouw stallingen aan te bevelen, alsook kwaliteitsvolle fietspaden ...; Dat dit ontwerp van RPA de toegang wil beperken voor gemotoriseerde voertuigen en voorstelt om parkeerplaatsen te voorzien onder de te bouwen gebouwen; Dat het strategische luik de globale parkeerratio's aanbiedt op basis van een ambitieuze doelstelling ten opzichte van de algemene regels; Dat het, om het aantal ongevallen op de bestaande openbare wegen te verminderen, ook mogelijke oplossingen voorstelt voor de organisatie van parkeerterreinen en op die manier de grote parkeerprincipes bepaalt op het niveau van de site; Dat de door het strategische luik bepaalde parkeergelegenheid anderzijds realistisch is en rekening houdt met de mogelijke behoeften van de verschillende functies van het programma inzake de uitzonderlijk goede toegankelijkheid van de site; Dat het reglementaire luik zich ertoe beperkt om de toegankelijkheid van de site voor gemotoriseerde voertuigen, de toegang tot de parkeerterreinen en de mogelijke locatie ervan te organiseren; Dat het strategische luik een groot mobiliteitsprincipe aanreikt op het niveau van de voormalige kazernes van Elsene, door de verwachte logistieke stromingen in de ruimte te spreiden en de grote organisatorische modaliteiten vast te leggen; Dat dit ontwerp van RPA zodoende, vanuit zijn stedenbouwkundige principe voor de site van de voormalige kazernes van Elsene als ruimte voorbehouden aan actieve vervoersmiddelen, rekening houdend met de stedenbouwkundige context met name op het vlak van mobiliteit (parkeren, logistieke stromen, bereikbaarheid met het openbaar vervoer), waarbij het ook de aanleg van een optimaal aantal ondergrondse parkeerplaatsen bevordert, op een evenwichtige manier voldoet aan het algemeen belang. VI.VI. Het stedenbouwkundige principe met betrekking tot de inrichting van het randgebied P in een samenhangend geheel Overwegende dat 'randgebied P' bestaat uit het gedeelte van de site van de voormalige kazernes van Elsene tussen het kruispunt van de J. Wytmanstraat en de F. Toussaintstraat en de open ruimte ten noorden van het hoekgebouw kruispunt Wytsmanstraat/Generaal Jacqueslaan; Dat dit randgebied P vlak is, terwijl de J. Wytsmanstraat omhoog loopt in de richting van de Generaal Jacqueslaan en afgesloten wordt door de oorspronkelijke omheiningsmuur; Dat het reglementair luik, in dit randgebied P, de ontwikkeling van het programma van de woningen en mogelijk van de voorzieningen en de winkels die de elementen van het erfgoed integreren, mogelijk maakt, en dat het opgenomen wordt in de site en de omgeving en ertoe bijdraagt om van de J. Wytsmanstraat een geanimeerde omgeving te maken (beperkte bouwafmetingen, mogelijke inspringende inplanting met vegetatie van de achteruitbouwzone, doorzichten ...); Dat het strategische luik de grote richtlijnen aangeeft voor de bebouwing van het randgebied P, deze uitbreidt naar het niveau van de site en hierbij de nodige rooilijnen en verkeersopties vermeldt voor de goede werking van de site; Dat het strategische luik ook het principe vermeldt van een versterking van de band tussen de site en de J. Wytsmanstraat en dit concept illustreert aan de hand van verschillende voorstellen; Dat het de potentiële integratie van de muur in de aanleg van de site benadrukt; Dat het principe van een randgebied P als coherent element geëxpliciteerd wordt door aanbevelingen inzake volumetrische doorlatendheid en de visuele samenhang en de afmetingen tussen de gebouwen van de voormalige kazernes van Elsene die behouden blijven, de gebouwen buiten de site en randgebied P; Dat het strategische luik aanvullingen bevat over de manier waarop de topografie van de site, de omgeving ervan en de toegang ertoe beheerd kunnen worden; Dat het strategische luik zodoende, bovenop de bestaande of door het ontwerp van RPA gepromote toegangen, het belang onderstreept van drie bijkomende toegangen voor dit gedeelte van de site; Dat er in dit opzicht verschillende mogelijkheden worden voorgesteld voor de locatie van toegangen of gebouwen; Dat het reglementaire luik voor randgebied P de voorwaarden inzake bestemming, afmetingen en locatie vermeldt om de projecten te omkaderen en de correcte aanleg van de ruimtes, rekening houdend met de topografie en met behoud van architecturale vrijheid, en het ontstaan van waardevolle projecten te verzekeren; Dat het inplantingsplan van het reglementaire luik het minimum bepaalt inzake doorgangen tussen de gebouwen van randgebied P; Dat het RPA, door een specifieke behandeling voor te behouden voor randgebied P, zowel wat betreft de aanbevelingen over de inrichting, de locatie en de functies ervan als inzake voorschriften die de kwaliteit van de interne of externe openbare ruimtes, de goede werking ervan, de oprichting van nieuwe gebouwen in overeenstemming met het stedelijke kader vlak naast het project, het aanwezige erfgoed en de fysieke werkelijkheid van het terrein verzekeren - dit ontwerp van RPA voldoet in het licht van de beoogde doeleinden aan de vereisten inzake verhoudingen; Dat dit ontwerp van RPA, in de mate dat zijn specifieke behandeling voor randgebied P, die doorzichten voorbehoudt, die duidelijke stromen implementeert, de site helder en begrijpelijk maakt, een sociale controle mogelijk zal maken die garant staat voor het vredig en veilig gebruik door alle bevolkingscategorieën; Dat het wat dit betreft voldoet aan het algemeen belang. VII. Milieueffectenrapport (MER) Gelet op Richtlijn 2001/42/EG van 27 juni 2001 over de beoordeling van de gevolgen voor het milieu van bepaalde plannen en programma's; Gelet op artikel 30/3 § 1, 1e lid van het BWRO, dat het ontwerp van het richtplan van aanleg onderwerpt aan een milieueffectenrapport (MER); Gelet op het advies van Leefmilieu Brussel over het ontwerp van bestek van het milieueffectenrapport; Gelet op het MER; Overwegende dat het MER parallel en op een iteratieve manier met het ontwerp van RPA werd uitgewerkt teneinde de impact van de ruimtelijke en programmatische voorstellen op het milieu te evalueren; Overwegende dat het RPA kadert in de aanbevelingen van het MER via een iteratief werk dat tijdens de volledige duur van het uitwerkingsproces plaatsvond. Overwegende dat de motieven van het MER mutatis mutandis ook gelden voor het RPA dat definitief zal worden goedgekeurd, met uitzondering van de motieven van het MER waarmee geen rekening zou zijn gehouden; Dat die motieven worden verondersteld volledig te zijn gereproduceerd ter ondersteuning van dit besluit; Overwegende dat het MER de volgende redelijke alternatieven voor de locatie heeft bestudeerd: site Josaphat, Reyers, voormalige kazernes van Elsene, kazernes van Etterbleek, Plaine lot 3, Deltadriehoek, en ten slotte heeft gekozen voor de voormalige kazernes van Elsene omdat ze in een gebied voor uitrustingen gelegen zijn, verbonden zijn met de stad en de universiteiten, vlot toegankelijk zijn en in het GPDO zijn ingeschreven; dat de voormalige kazernes van Elsene uiteindelijk werden gekozen omdat ze minder luidruchtig zijn, beter gelegen zijn, al verstedelijkt zijn, qua gronden door het Gewest worden beheerd, momenteel niet worden gebruikt en gebouwen met een sterk potentieel omvatten; Dat de analyse van dit ontwerp van RPA aantoont dat de beoogde filosofie voor de aanleg van de zone terug te vinden is in de filosofie van het document; Dat het strategische luik een volledige lezing biedt van het project, wat de doorgedreven reflectie en het herhaalde werk van het MER illustreert; Dat de voorschriften van het reglementair luik van dit ontwerp van RPA de grote lijnen van het voorkeursscenario beschrijven, voor de verschillende geanalyseerde thema's (stedelijke morfologie en dichtheid, diversiteit van de functies, mobiliteitsstrategie, gebruik en hiërarchie van de openbare ruimte, bijdrage van biodiversiteit, ontvankelijkheid van de openbare ruimtes ...). VIII. ADVIEZEN van instanties en administraties en adviezen van de betrokken gemeenteraden In overeenstemming met artikel 30/5 en het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de openbare onderzoeken op het gebied van ruimtelijke ordening, stedenbouw en milieu, legt de Regering het ontwerpplan tegelijkertijd voor advies voor aan de instanties en administraties en aan de betrokken gemeenteraden Het ontwerp van RPA moet worden onderworpen aan een openbaar onderzoek in elk van de gemeenten van het Gewest waarop het genoemde ontwerp betrekking heeft, overeenkomstig artikel 30/5, § 1 van het BWRO; Het begrip 'betrokken gemeente' moet worden geïnterpreteerd in het licht van het begrip 'betrokken publiek' of 'waarschijnlijk betrokken publiek' in de zin van richtlijn 2001/42/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2001 betreffende de beoordeling van de gevolgen voor het milieu van bepaalde plannen en programma's, en in het licht van het begrip 'betrokken publiek' in de zin van het Verdrag van Aarhus betreffende de toegang tot informatie, participatie van het publiek bij het besluitvormingsproces en toegang tot de rechter inzake milieuaangelegenheden; De betrokken gemeenten zijn dus de gemeenten waarvan de inwoners worden of kunnen worden getroffen door de milieueffecten die door het RPA kunnen worden veroorzaakt. Het MER heeft de gemeenten Elsene - op het grondgebied waarvan de perimeter van het RPA valt - en Etterbeek - waarvan sommige inwoners zicht zullen hebben op minstens een deel van de door het ontwerp van RPA in aanmerking komende bouwvolumes - aangewezen als bij het RPA betrokken gemeenten, zodat hun advies is ingewonnen overeenkomstig artikel 30, § 5 van het BWRO; 1. Advies van de Raad voor het Leefmilieu Gelet op het advies van de Raad voor het Leefmilieu van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 20 februari 2019 dat in de volgende termen is opgesteld: Dit richtplan van aanleg zet de herinrichting van de voormalige kazernes van Elsene voort, die momenteel zonder bestemming zijn en die door het Gewest werden gekocht. De voorgestelde inrichting streeft ernaar om de erfgoedwaarde van de site in haar meest opvallende aspecten te behouden en ze gelijktijdig te bewerken en aan nieuwe functies aan te passen. In dat opzicht wordt een prioritaire ontwikkelingspool beschouwd op basis van een mix van functies: - woningen met redelijke prijzen die specifiek voorzien zijn voor de studenten; - openbare huisvesting voor gezinnen; - ruimtes bedoeld voor universitaire voorzieningen (gelet op de nabijheid van de VUB en de ULB); - hoogwaardige openbare ruimtes en dan meer bepaald een park; - handelszaken; - enz. De Raad stelt vast dat de tekst weliswaar het thema duurzaamheid behandelt, maar anderzijds wordt geen enkele indicatie gegeven over het gebruik van de daken in een gecombineerde benadering van stadslandbouw, fotovoltaïsche zonnepanelen en opvang van regenwater. De Raad moedigt dan ook een duurzame benadering in die betekenis aan en de benutting van de universitaire competenties hiervoor die voor de site zijn voorzien. Bovendien is voorzien om de site voor gemengd gebruik te bestemmen, met onder meer winkels. Teneinde de samenhang met de handelszaken in de onmiddellijke omgeving te verzekeren, zou het verstandig zijn om een analyse uit te voeren van het bestaande commerciële aanbod in de wijk. Men zou ook ruimtes kunnen voorzien die voorbehouden zijn voor productieactiviteiten. Momenteel is het probleem van het gebrek aan onthaalinfrastructuur voor kleine kinderen bekend. Aangezien er sprake is van de inplanting van woningen voor gezinnen, zou men van de gelegenheid gebruik moeten maken om de inplanting van een kinderdagverblijf op de site te voorzien. Ten slotte wordt voorzien om openbare huisvesting op de site te voorzien, zonder dat daar meer duidelijkheid over wordt verschaft. Tijdens de presentatie werd niet duidelijk bepaald in welke mate die openbare huisvesting sociale woningen zou omvatten. Het lijkt ons verstandig dat het Gewest op dat vlak een voluntaristisch beleid voert. De Raad adviseert bijgevolg om: - de daken goed te benutten in het kader van een duurzaamheidsbeleid voor de site en om hiervoor gebruik te maken van de universitaire competenties; - een analyse uit te voeren van het commerciële aanbod met het oog op een maximale coherentie en om daarnaast in een ruimte voor productieactiviteiten te voorzien; - een kinderdagverblijf toe te voegen aan de voorzieningen die op die plaats zullen moeten worden ingeplant; - de sociale woningen niet uit het oog te verliezen in het beleid voor de herinrichting van de site." 2. Advies van de Economische en Sociale Raad Gelet op het advies van de Economische en Sociale Raad van 21 februari 2019, dat in de volgende termen werd gesteld: "1.Algemene beschouwingen Ten eerste wil de Raad de ambities die in dit ontwerp van RPA worden ontwikkeld positief benadrukken. Dit project is zowel gunstig voor de wijk (opening van de site) als voor het Gewest, gezien het zou moeten toelaten om verschillende gewestelijke doelstellingen te behalen (bouw van woningen, universitair project, ...). Voor de Raad heeft deze site van de 'Voormalige kazernes van Elsene' een zeker erfgoedkundig en historisch belang dat men moet behouden en versterken, terwijl terzelfder tijd openingen in de omheiningsmuur moeten worden toegestaan om de site voor de rest van de wijk open te stellen. Ten tweede formuleert de Raad de volgende aandachtspunten: 1.1 Woningen De Raad benadrukt op een positieve wijze de uitgesproken wens om publieke studentenwoningen te ontwikkelen tegen een betaalbare prijs (d.w.z. met een huurprijs die lager is dan de huurprijs die op de particuliere huurmarkt wordt gevraagd). Gelet op het tekort aan beschikbare en betaalbare studentenwoningen in het Brussels Gewest is de site van de 'Voormalige kazernes van Elsene' met de nabijheid van de twee universiteiten een echte opportuniteit. Hoewel het RPA niet het instrument is om te bepalen welk type huisvesting op de site moet worden ontwikkeld, is de Raad toch zo vrij om aan te dringen op de noodzaak om een mix te hebben in het type huisvesting dat wordt aangeboden: een duidelijk en op voorhand vastgesteld deel moet voor sociale huisvesting worden bestemd. 1.2 Collectieve diensten en voorzieningen Gelet op het aantal zowel universitaire als gezinswoningen dat op de site zal worden gebouwd, betreurt de Raad het dat er niet meer werd nagedacht over collectieve diensten en voorzieningen die juist het welzijen en de sociale cohesie van een wijk bevorderen. De Raad dringt aan op het feit dat deze gelijktijdig met de woningen moeten worden ontwikkeld en toegankelijk moeten zijn voor zowel studenten en gezinnen die zich op de site zullen vestigen als voor de huidige bewoners van de wijk. Aldus moet het ontwerp van RPA voor de Raad de creatie van het nu al geringe aantal kinderopvangplaatsen in de wijk, de ontwikkeling van de zorgdiensten (zoals een medisch centrum of dokterspraktijk), van culturele ruimten (zoals een bioscoop, bibliotheek, cultureel centrum ...) omvatten. In dit verband is de Raad van mening dat het nu al belangrijk zou zijn om de behoeften van de wijk op het gebied van collectieve diensten en voorzieningen te bepalen en om ermee rekening te houden bij de ontwikkeling van het RPA, teneinde het aanbod aan te passen aan de behoeften van zowel de wijk als van het toekomstige project dat op de site van de 'Voormalige kazernes' zal worden ontwikkeld. 1.3 Productieactiviteiten en handelszaken Om de banden tussen de academische wereld en de economische sfeer te versterken en gelet op het tekort aan plaatsen voor productieactiviteiten voor materiële goederen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, is de Raad van mening dat dit ontwerp van RPA zou moeten voorzien in bestemmingen zodat startups en spin-offs zich op de site van de 'Voormalige kazernes van Elsene' zouden kunnen ontwikkelen. Dit zou het ook mogelijk maken om de mix van functies op de site te versterken, met bijvoorbeeld de aanwezigheid van handelszaken en kleine ondernemingen op de gelijkvloerse verdieping en woningen op de bovenverdiepingen. Daarnaast voorziet het project dat de gelijkvloerse verdiepingen van de gebouwen commerciële functies zouden kunnen huisvesten. In dit verband vraagt de Raad om ervoor te zorgen dat er een commercieel aanbod zou worden ontwikkeld dat complementair is aan wat er al in de wijk bestaat. Hiertoe is het noodzakelijk om voor de wijk te bepalen wat het huidige aanbod is, wat de mogelijke leemten of zelfs het mogelijke overaanbod zijn en om het commercieel aanbod op de site van de 'Voormalige kazernes' dienovereenkomstig aan te passen, zodat het in overeenstemming met de behoeften zou zijn. Aldus pleit de Raad voor een globale en methodologische aanpak, door eventueel het Schema voor Handelsontwikkeling te gebruiken, om het nuttig en noodzakelijk commercieel aanbod te bepalen, onder meer ook voor de food court. 1.4 Mobiliteit De Raad benadrukt op een positieve wijze de bereidheid om de actieve mobiliteit op de site te bevorderen, gelet op het feit dat er een goede verbinding met het openbaar vervoer bestaat. De Raad vraagt dat er voor de hele wijk op de site van de 'Voormalige kazernes' beveiligde fietsenstallingen zouden worden voorzien en dat de verbinding met het openbaar vervoer eventueel zou kunnen worden versterkt (meer bepaald in termen van frequentie) in functie van het mogelijk aantal bijkomende pendelaars op de site. De Raad dringt erop aan dat naast de actieve mobiliteit ook de gedeelde mobiliteit op de voorgrond zou worden geplaatst en zou worden bevorderd: het creëren van parkeerplaatsen voor deelauto's, meer bepaald elektrische, moet in aanmerking worden genomen. Men moet de jonge generaties en studenten immers zo vroeg mogelijk bewust maken van alternatieven voor het individuele voertuig. Daarnaast stelt de Raad vast dat er een sterke druk op het parkeren in de wijk is, vooral sinds de werken die op de Generaal Jacqueslaan worden uitgevoerd. Aangezien het bijgevolg eerder de zachte en gedeelde mobiliteit is die op de site moet worden aangemoedigd, vraag de Raad om bij de beraadslaging over het parkeren rekening te houden met de parkeerbehoeften van de hele wijk en niet alleen van het RPA,