Artikel 4:17 Awb – Dwangsom bij niet tijdig beslissen
Algemene wet bestuursrecht (Awb) · Hoofdstuk 4. Bijzondere bepalingen over besluiten › Titel 4.1. Beschikkingen › Afdeling 4.1.3. Beslistermijn · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Als een bestuursorgaan niet tijdig beslist op een aanvraag, verbeurt het een dwangsom aan de aanvrager voor elke dag dat het in gebreke blijft, met een maximum van 42 dagen. De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen 23 euro per dag, de volgende veertien dagen 35 euro per dag en daarna 45 euro per dag. Zij gaat lopen twee weken na het verstrijken van de beslistermijn, mits het orgaan schriftelijk in gebreke is gesteld. Beroep tegen het uitblijven van de beschikking schort de dwangsom niet op. Geen dwangsom is verschuldigd bij onredelijk late ingebrekestelling, als de aanvrager geen belanghebbende is, of bij kennelijke niet-ontvankelijkheid of ongegrondheid. Bij meerdere aanvragers wordt de dwangsom gelijk verdeeld.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
a. het bestuursorgaan onredelijk laat in gebreke is gesteld,
b. de aanvrager geen belanghebbende is, of
c. de aanvraag kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is.
Rechtspraak over Artikel 4:17 Awb
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 4:13Beslistermijn voor beschikkingen
- Artikel 4:14
- Artikel 4:15Opschorting van de beslistermijn
- Artikel 4:18Vaststelling verschuldigdheid en hoogte van dwangsom
- Artikel 4:19Beschikking tot vaststelling van de dwangsom
- Artikel 4:20Terugvordering van dwangsommen
- Artikel 4:20aToepasselijkheid van deze paragraaf