Artikel 8:12b Awb – Schriftelijke opmerkingen door derden
Algemene wet bestuursrecht (Awb) · Hoofdstuk 8. Bijzondere bepalingen over de wijze van procederen bij de bestuursrechter › Titel 8.1. Algemene bepalingen over het beroep in eerste aanleg › Afdeling 8.1.2b. Opmerkingen door anderen dan partijen · niet-officieel opschrift
1De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het bedrijfsleven kunnen in zaken die bij hun college in behandeling zijn bij een meervoudige of grote kamer, anderen dan partijen in de gelegenheid stellen binnen een door het college te bepalen termijn schriftelijke opmerkingen te maken.
2De aankondiging hiervan geschiedt op een door het college te bepalen wijze.
3Van het voornemen om toepassing te geven aan het eerste lid doet het college mededeling aan partijen. Het college kan partijen in de gelegenheid stellen om hun wensen omtrent dat voornemen binnen een door hem te bepalen termijn schriftelijk aan hem kenbaar te maken.
4Partijen kunnen binnen vier weken na de dag van verzending aan hen van de schriftelijke opmerkingen schriftelijk hun zienswijze met betrekking tot die opmerkingen naar voren brengen. Het college kan deze termijn verlengen.
5Het college kan degenen die schriftelijke opmerkingen hebben gemaakt, uitnodigen ter zitting te verschijnen teneinde over hun opmerkingen te worden gehoord.
6Indien het college toepassing geeft aan het vijfde lid, wordt daarvan aan partijen mededeling gedaan in de uitnodiging, bedoeld in artikel 8:56 .
Rechtspraak over Artikel 8:12b Awb
10
2026-01-16
Verwijzingen in dit artikel
1