Artikel 1:410 BW – Overeenkomstige toepassing van voogdijbepalingen op bewind
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 1. Personen- en familierecht › Titel 18. Afwezigheid, vermissing en vaststelling van overlijden in bepaalde gevallen › Afdeling 1. Onderbewindstelling in geval van afwezigheid · niet-officieel opschrift
1Voor zover de kantonrechter niet anders bepaalt, vinden op het bewind van de bewindvoerder de artikelen 338 , 339 , 340 , 342-357 , 358 lid 1 en 359-363 van dit boek overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de bewindvoerder verplicht is jaarlijks bij de griffie van de rechtbank, een rekening in te dienen van zijn bewind.
2De bewindvoerder heeft aanspraak op beloning overeenkomstig de regels die daaromtrent bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie zijn vastgesteld.
3Goedkeuring van een ingediende rekening door de kantonrechter brengt geen nadeel toe aan de bevoegdheid van de rechthebbenden om na het einde van het bewind over dezelfde tijdruimte rekening en verantwoording te vragen, voor zover dit niet onredelijk is.
4De bewindvoerder kan ook voor andere dan vermogensbelangen van de afwezige opkomen, behoudens voor zover de kantonrechter zulks heeft uitgesloten.
5De kantonrechter kan te allen tijde de bewindvoerder ontslaan en door een ander vervangen.
Rechtspraak over Artikel 1:410 BW
1
2024-04-11
Verwijzingen in dit artikel
4
- Artikel 1:338Inventarisatie en boedelbeschrijving door de voogd
- Artikel 1:339Vereenvoudigde boedelbeschrijving minderjarige
- Artikel 1:340Termijn voor boedelbeschrijving of verklaring
- Artikel 1:342Toezicht op vermogen van minderjarige onder voogdij