Artikel 3:291 BW – Retentierecht tegen derden
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 10. Verhaalsrecht op goederen › Afdeling 4. Retentierecht · niet-officieel opschrift
1De schuldeiser kan het retentierecht mede inroepen tegen derden die een recht op de zaak hebben verkregen, nadat zijn vordering was ontstaan en de zaak in zijn macht was gekomen.
2Hij kan het retentierecht ook inroepen tegen derden met een ouder recht, indien zijn vordering voortspruit uit een overeenkomst die de schuldenaar bevoegd was met betrekking tot de zaak aan te gaan, of hij geen reden had om aan de bevoegdheid van de schuldenaar te twijfelen.
3De schuldeiser kan het retentierecht niet inroepen tegen de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap die op grond van artikel 6.15 van de Erfgoedwet een rechtsvordering instelt.
Rechtspraak over Artikel 3:291 BW
34
2025-04-01
2025-04-01
2024-05-21
2023-01-10
2021-07-13
2019-02-12
Verwijzingen in dit artikel
1