Artikel 7:438 BW – Einde van de agentuurovereenkomst door overlijden
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 7. Opdracht › Afdeling 4. Agentuurovereenkomst · niet-officieel opschrift
1De agentuurovereenkomst eindigt door het overlijden van de handelsagent.
2In geval van overlijden van de principaal zijn zowel zijn erfgenamen als de handelsagent bevoegd, mits binnen negen maanden na het overlijden, de overeenkomst te doen eindigen met een opzeggingstermijn van vier maanden. Wanneer de nalatenschap van de principaal ingevolge artikel 13 van Boek 4 wordt verdeeld, komt de bevoegdheid van de erfgenamen, bedoeld in de vorige zin, toe aan zijn echtgenoot of geregistreerde partner.
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 7:428Begrip agentuurovereenkomst
- Artikel 7:429Aansprakelijkheid van de handelsagent bij delcredere
- Artikel 7:430Verplichtingen van de principaal jegens de handelsagent
- Artikel 7:431Provisie van de handelsagent
- Artikel 7:432Aanvaarding van order en recht op provisie
- Artikel 7:433Opgave van provisie en inzage van bewijsstukken
- Artikel 7:434Opeisbaarheid van de provisie
- Artikel 7:435Beloning van de handelsagent bij gebrek aan dienstgebruik
- Artikel 7:436Voortzetting van de agentuurovereenkomst
- Artikel 7:437Opzegging van de agentuurovereenkomst
- Artikel 7:439Schadeplicht bij onregelmatige beëindiging van agentuur
- Artikel 7:440Ontbinding van de agentuurovereenkomst door de kantonrechter
- Artikel 7:441Schadeloosstelling bij beëindiging agentuurovereenkomst
- Artikel 7:442Klantenvergoeding bij einde agentuurovereenkomst
- Artikel 7:443Non-concurrentiebeding bij agentuurovereenkomst
- Artikel 7:444Verjaring van rechtsvorderingen agentuur
- Artikel 7:445