Artikel 7:521a BW – Terugbetaling van elektronisch geld
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 7b. Betalingstransactie › Afdeling 1. Algemene bepalingen · niet-officieel opschrift
1Een elektronischgeldinstelling betaalt, wanneer de houder van het elektronisch geld daarom verzoekt, de nominale waarde van het elektronisch geld terug.
2In de overeenkomst tussen de elektronischgeldinstelling en de houder van het elektronisch geld worden de terugbetalingsvoorwaarden duidelijk en opvallend vermeld en de houder van het elektronisch geld wordt in kennis gesteld van deze voorwaarden, voordat hij wordt gebonden door een overeenkomst of een aanbod.
3Voor terugbetaling kan slechts een vergoeding worden gevraagd, indien dit in de overeenkomst is vermeld overeenkomstig lid 2 en uitsluitend in de volgende gevallen:
a)indien wordt gevraagd om terugbetaling vóór de dag waarop de overeenkomst eindigt;
b)indien de overeenkomst voorziet in een dag waarop de overeenkomst eindigt en de houder van het elektronisch geld vóór die dag tot beëindiging van de overeenkomst overgaat; of
c)indien het verzoek tot terugbetaling meer dan een jaar na de dag van de beëindiging van de overeenkomst wordt gedaan.
Een vergoeding als hier bedoeld staat in redelijke verhouding tot de kosten die de elektronischgeldinstelling feitelijk heeft gemaakt.
4Indien de houder van het elektronisch geld verzoekt om terugbetaling vóór de beëindiging van de overeenkomst, kan hij hetzij gedeeltelijke, hetzij volledige terugbetaling verlangen.
5Indien de houder van het elektronisch geld terugbetaling verzoekt op de dag waarop de overeenkomst is beëindigd of binnen één jaar na die dag:
a)betaalt de elektronischgeldinstelling hem de volledige monetaire waarde van het uitgegeven elektronische geld terug; of
b)betaalt de elektronischgeldinstelling hem alle middelen terug waarom de houder van het elektronisch geld verzoekt, indien deze instelling een of meer andere bedrijfsactiviteiten dan de uitgifte van elektronisch geld met inachtneming van de daarvoor geldende regels uitoefent en het vóór het aangaan van de overeenkomst niet duidelijk was welk deel van die middelen zou worden gebruikt als elektronisch geld.
6De terugbetalingsrechten van een persoon die elektronisch geld aanvaardt en die geen consument is, worden, onverminderd de leden 3, 4 en 5, beheerst door wat is overeengekomen tussen de elektronischgeldinstelling en die persoon.
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 7:514Begripsbepalingen betalingstransacties
- Artikel 7:515Territoriaal toepassingsgebied betalingstransactie
- Artikel 7:515aBeperkte toepasselijkheid op rekeninginformatiedienstverleners
- Artikel 7:516Recht op informatie betaaldienstgebruiker
- Artikel 7:517Wijziging van de raamovereenkomst
- Artikel 7:518Beëindiging van de raamovereenkomst
- Artikel 7:519Valuta en valutawisseldienst bij betalingstransacties
- Artikel 7:520Kosten van betaaldiensten
- Artikel 7:521Betaalinstrumenten met lage uitgavenlimiet
- Artikel 7:521bBewijslast van de betaaldienstverlener