Artikel 7:59 BW – Oneerlijke handelspraktijk bij reclame voor krediet
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 2a. Consumentenkredietovereenkomsten › Afdeling 1. Bepalingen ter uitvoering van richtlijn nr. 2008/48/EG van 23 april 2008 inzake kredietovereenkomsten voor consumenten › Onderafdeling 2. Informatieverstrekking en handelingen voorafgaand aan het sluiten · niet-officieel opschrift
1Een kredietgever die in reclame voor kredietovereenkomsten, overeenkomsten betreffende effectenkrediet niet daaronder begrepen, artikel 4 van de Richtlijn betreffende de in reclame op te nemen standaardinformatie niet in acht neemt, verricht een oneerlijke handelspraktijk als bedoeld in de artikel 193b van Boek 6 .
2Een kredietgever verricht een oneerlijke handelspraktijk als bedoeld in artikel 193b van Boek 6 , indien hij in reclame voor overeenkomsten betreffende effectenkrediet:
a. niet vermeld dat een doorlopend krediet wordt verleend of toegezegd tegen onderpand van een effectenportefeuille, en de kredietlimiet afhankelijk is van de waarde daarvan, of
b. artikel 4 leden 1, 2 onderdeel a, 3 of 4 van de Richtlijn betreffende de in reclame voor kredietovereenkomsten op te nemen standaardinformatie niet in acht neemt.
Rechtspraak over Artikel 7:59 BW
1
Verwijzingen in dit artikel
1
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1