Artikel 8:624 BW – Aansprakelijkheid bij laden en lossen van gevaarlijke stoffen
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 8. Verkeersmiddelen en vervoer › Titel 6. Ongevallen › Afdeling 4. Gevaarlijke stoffen aan boord van een zeeschip · niet-officieel opschrift
1Indien de reder bewijst dat de gevaarlijke stof tijdens de periode bedoeld in artikel 621, tweede lid , is geladen of gelost onder de uitsluitende verantwoordelijkheid van een door hem bij name genoemde ander dan de reder of zijn ondergeschikte, vertegenwoordiger of lasthebber, zoals de afzender of ontvanger, is de reder niet aansprakelijk voor de schade als gevolg van een gebeurtenis tijdens het laden of lossen van de gevaarlijke stof en is die ander voor deze schade aansprakelijk overeenkomstig deze afdeling.
2Indien echter de gevaarlijke stof tijdens de periode bedoeld in artikel 621, tweede lid , is geladen of gelost onder de gezamenlijke verantwoordelijkheid van de reder en een door de reder bij name genoemde ander, zijn de reder en die ander hoofdelijk aansprakelijk overeenkomstig deze afdeling voor de schade als gevolg van een gebeurtenis tijdens het laden of lossen van de gevaarlijke stof.
3Indien is geladen of gelost door een persoon in opdracht of ten behoeve van de vervoerder of een ander, zoals de afzender of de ontvanger, is niet deze persoon, maar de vervoerder of die ander aansprakelijk.
4Indien een ander dan de reder op grond van het eerste of het tweede lid aansprakelijk is, kan die ander geen beroep doen op artikel 623, vierde lid en vijfde lid, onderdeel b .
5Indien een ander dan de reder op grond van het eerste of het tweede lid aansprakelijk is, zijn ten aanzien van die ander titel 7 alsmede de artikelen 642a tot en met 642z van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in geval van hoofdelijke aansprakelijkheid:
a. de beperking van aansprakelijkheid krachtens titel 7 van het Wetboek van Koophandel geldt voor het geheel der naar aanleiding van eenzelfde gebeurtenis ontstane vorderingen gericht tegen beiden;
b. een fonds gevormd door één van hen overeenkomstig artikel 642c van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt aangemerkt als door beiden te zijn gevormd en zulks ten aanzien van de vorderingen waarvoor het fonds werd gesteld.
6In de onderlinge verhouding tussen de reder en de in het tweede lid van dit artikel genoemde ander is de reder niet tot vergoeding verplicht dan in geval van schuld van hemzelf of van zijn ondergeschikten, vertegenwoordigers of lasthebbers.
Rechtspraak over Artikel 8:624 BW
1
Verwijzingen in dit artikel
2
- Artikel 8:621Toepassingsgebied gevaarlijke stoffen aan boord
- Artikel 8:623Aansprakelijkheid reder gevaarlijke stoffen zeeschip
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
2
- Artikel 8:623Aansprakelijkheid reder gevaarlijke stoffen zeeschip
- Artikel 8:627Hoofdelijke aansprakelijkheid bij meerdere betrokken schepen
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 8:620Definities gevaarlijke stoffen aan boord
- Artikel 8:621Toepassingsgebied gevaarlijke stoffen aan boord
- Artikel 8:622Plaats van gevaarlijke stof
- Artikel 8:623Aansprakelijkheid reder gevaarlijke stoffen zeeschip
- Artikel 8:625
- Artikel 8:626Niet-splitsbare schade door gevaarlijke stof
- Artikel 8:627Hoofdelijke aansprakelijkheid bij meerdere betrokken schepen