Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Artikel 198 Rv – Behandeling van verzoek tot voorlopig bewijs

Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) · niet-officieel opschrift

Kort uitgelegd

Artikel 198 Rv bepaalt dat op een verzoek om voorlopige bewijsverrichtingen pas wordt beslist nadat een behandeling heeft plaatsgevonden, waarvoor de verzoeker en de wederpartij worden opgeroepen. Een mondelinge behandeling mag achterwege blijven als de wederpartij onbekend is, bij onverwijlde spoed, of als de opgeroepen wederpartij schriftelijk heeft laten weten geen bezwaar te hebben tegen toewijzing. Staat de rechter het verzoek toe, dan bepaalt hij de dag waarop de verzoeker uiterlijk een afschrift van het verzoekschrift, voor zover nog niet verzonden, en van de beschikking aan de bekende wederpartij moet laten toekomen, via aangetekende brief of exploot.

Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.

1Op het verzoek om een of meer voorlopige bewijsverrichtingen wordt pas beslist nadat een behandeling heeft plaatsgevonden, waartoe de verzoeker en de wederpartij worden opgeroepen. Een mondelinge behandeling kan achterwege blijven als de wederpartij onbekend is, in geval van onverwijlde spoed of als de opgeroepen wederpartij schriftelijk heeft meegedeeld geen bezwaar te hebben tegen inwilliging van het verzoek.
2Als de rechter het verzoek om een of meer voorlopige bewijsverrichtingen toestaat, bepaalt hij de dag waarop de verzoeker uiterlijk een afschrift van het verzoekschrift, als dit nog niet is toegezonden, en van de beschikking aan de wederpartij, als die bekend is, moet doen toekomen. Een afschrift van het verzoekschrift en van de beschikking wordt bij aangetekende brief verzonden of bij exploot betekend.

Officiële bron: wetten.overheid.nl · Geldend: · Volledige tekst · Inhoudsopgave

Rechtspraak over Artikel 198 Rv

205

Artikelen die naar dit artikel verwijzen

3

Tekst volgens de officiële bron. Alleen de officiële bekendmaking is rechtsgeldig.