Artikel 254 Rv – Bevoegdheid tot voorlopige voorziening bij spoedeisend belang
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Artikel 254 Rv bepaalt dat de voorzieningenrechter in alle spoedeisende zaken, gelet op de belangen van partijen, bevoegd is een onmiddellijke voorziening bij voorraad te geven. Op verzoek kan hij de dagvaarding bevelen tegen een zelf te bepalen dag en uur, ook op zondag, eventueel elders dan in het gerechtsgebouw, met voorwaarden die uit de dagvaarding moeten blijken. De zaak kan ook worden aangebracht op daartoe bepaalde zittingsdagen. De artikelen 127a en 128 lid 2 en 6 zijn niet van toepassing. De kantonrechter heeft dezelfde bevoegdheid in zaken die hij ten gronde behandelt, en bij personen- en familierechtzaken is artikel 803 van overeenkomstige toepassing.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
Rechtspraak over Artikel 254 Rv
Verwijzingen in dit artikel
- Artikel 127aNiet-tijdige betaling van griffierecht
- Artikel 128Eerste conclusie van de gedaagde
- Artikel 803Mondelinge behandeling met gesloten deuren