Artikel 4:46 Awb – Vaststelling van de subsidie
Algemene wet bestuursrecht (Awb) · Hoofdstuk 4. Bijzondere bepalingen over besluiten › Titel 4.2. Subsidies › Afdeling 4.2.5. De subsidievaststelling · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Dit artikel bepaalt dat een bestuursorgaan, na een eerdere beschikking tot subsidieverlening, de subsidie moet vaststellen overeenkomstig die verlening. De subsidie kan echter lager worden vastgesteld als de gesubsidieerde activiteiten niet of niet volledig hebben plaatsgevonden, als de ontvanger de aan de subsidie verbonden verplichtingen niet is nagekomen, als onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt die bij juistheid tot een andere beschikking hadden geleid, of als de verlening anderszins onjuist was en de ontvanger dit wist of behoorde te weten. Hangt het subsidiebedrag af van werkelijke kosten, dan tellen bij de vaststelling alleen redelijkerwijs noodzakelijke kosten mee.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
a. de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden;
b. de subsidie-ontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
c. de subsidie-ontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid, of
d. de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidie-ontvanger dit wist of behoorde te weten.