Artikel 5:46 Awb – Hoogte van de bestuurlijke boete
Algemene wet bestuursrecht (Awb) · Hoofdstuk 5. Handhaving › Titel 5.4. Bestuurlijke boete › Afdeling 5.4.1. Algemene bepalingen · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Artikel 5:46 Awb bepaalt dat de wet het maximum vastlegt voor een bestuurlijke boete wegens een bepaalde overtreding. Is de hoogte van de boete niet bij wettelijk voorschrift vastgesteld, dan stemt het bestuursorgaan de boete af op de ernst van de overtreding en de mate van verwijtbaarheid, en houdt het zo nodig rekening met de omstandigheden waaronder de overtreding is gepleegd. Is de hoogte wel wettelijk vastgesteld, dan legt het bestuursorgaan toch een lagere boete op als de overtreder aannemelijk maakt dat die vastgestelde boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is. Artikel 1, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht is van overeenkomstige toepassing.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
Rechtspraak over Artikel 5:46 Awb
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 5:40Begrip bestuurlijke boete
- Artikel 5:41Verwijtbaarheid als voorwaarde voor boeteoplegging
- Artikel 5:42Overlijden van de overtreder
- Artikel 5:43Una via-beginsel bij bestuurlijke boete
- Artikel 5:44Samenloop met strafrechtelijke handhaving
- Artikel 5:45Vervaltermijn bevoegdheid bestuurlijke boete
- Artikel 5:47