Artikel 2:154 BW
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 4. Naamloze vennootschappen › Afdeling 6. De raad van commissarissen bij de grote naamloze vennootschap
1De artikelen 158-164 van dit Boek zijn van toepassing op een vennootschap waaromtrent een opgaaf als bedoeld in het vorige artikel gedurende drie jaren onafgebroken is ingeschreven; deze termijn wordt geacht niet te zijn onderbroken, indien een doorhaling van de opgaaf, welke tijdens die termijn ten onrechte heeft plaatsgevonden, is ongedaan gemaakt.
2De doorhaling van de inschrijving op grond van de omstandigheid dat de vennootschap niet meer voldoet aan de voorwaarden, genoemd in het tweede lid van het vorige artikel, doet de toepasselijkheid van de artikelen 158-164 van dit Boek slechts eindigen, indien drie jaren na de doorhaling zijn verstreken en de vennootschap gedurende die termijn niet opnieuw tot het doen van de opgaaf is verplicht geweest.
3De vennootschap brengt haar statuten in overeenstemming met de artikelen 158-164 welke voor haar gelden, uiterlijk met ingang van de dag waarop die artikelen krachtens lid 1 op haar van toepassing worden.
4In de eerstvolgende vergadering nadat de vennootschap waarop de artikelen 158 tot en met 164 of 158 tot en met 161 en 164 van toepassing zijn gaat voldoen aan de voorwaarden bedoeld in de artikelen 153 lid 3 , 154 lid 2 , 155 of 155a , doet het bestuur aan de algemene vergadering het voorstel in de statuten de wijze van benoeming en ontslag van commissarissen en de taak en bevoegdheden van de raad van commissarissen te regelen zonder toepassing van de artikelen 158 tot en met 164 respectievelijk de artikelen 158 tot en met 161 en 164 , dan wel het voorstel deze artikelen geheel of met uitzondering van artikel 162 te blijven toepassen. Het besluit wordt genomen met volstrekte meerderheid van stemmen. De bevoegdheid van de algemene vergadering tot het nemen van een besluit ter uitvoering van dit artikel kan niet worden beperkt.
5Uiterlijk twaalf maanden nadat het besluit bedoeld in lid 4 is genomen, legt het bestuur aan de algemene vergadering een voorstel tot wijziging van de statuten voor. Indien de algemene vergadering geen besluit tot statutenwijziging neemt, stelt de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam op verzoek van degene die daartoe krachtens het volgende lid bevoegd is, de statuten vast. De laatste twee zinnen van lid 4 zijn van overeenkomstige toepassing.
6Een verzoek tot vaststelling van de statuten kan worden ingediend door een daartoe aangewezen vertegenwoordiger van het bestuur of van de raad van commissarissen en door degene die gerechtigd is tot agendering ingevolge artikel 114a .
7De ondernemingskamer regelt zo nodig de gevolgen van de door haar genomen beslissing. De griffier van de ondernemingskamer doet ten kantore van het handelsregister een afschrift van de beschikking van de ondernemingskamer neerleggen.
Verwijzingen in dit artikel
6
- Artikel 2:114aAgendering van onderwerpen door aandeelhouders
- Artikel 2:153Opgaaf van toepasselijkheid structuurregeling
- Artikel 2:158Raad van commissarissen bij grote vennootschap
- Artikel 2:161Aftreden, ontslag en schorsing van commissarissen
- Artikel 2:162Benoeming en ontslag van bestuurders
- Artikel 2:164Goedkeuring van bestuursbesluiten door de raad van commissarissen
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
4
- Artikel 2:153Opgaaf van toepasselijkheid structuurregeling
- Artikel 2:155Uitzondering op toepasselijkheid structuurregeling bij internationale deelneming
- Artikel 2:155aUitzondering voor vennootschap met één kapitaalverschaffer
- Artikel 2:157
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:152Begrip afhankelijke maatschappij
- Artikel 2:153Opgaaf van toepasselijkheid structuurregeling
- Artikel 2:155Uitzondering op toepasselijkheid structuurregeling bij internationale deelneming
- Artikel 2:155aUitzondering voor vennootschap met één kapitaalverschaffer
- Artikel 2:156Ontheffing van structuurbepalingen
- Artikel 2:157
- Artikel 2:158Raad van commissarissen bij grote vennootschap
- Artikel 2:159Benoeming van commissarissen bij ontstentenis
- Artikel 2:160Onverenigbaarheden voor het commissariaat
- Artikel 2:160aSamenstelling bezoldigingscommissie raad van commissarissen
- Artikel 2:161Aftreden, ontslag en schorsing van commissarissen
- Artikel 2:161aVertrouwensopzegging raad van commissarissen
- Artikel 2:162Benoeming en ontslag van bestuurders
- Artikel 2:163