Artikel 2:334c BW – Gevolgen van splitsing voor de splitsende rechtspersoon
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 7. Fusie en splitsing › Afdeling 4. Algemene bepalingen omtrent splitsingen · niet-officieel opschrift
1Indien het gehele vermogen van de splitsende rechtspersoon overgaat, houdt hij door het van kracht worden van de splitsing op te bestaan.
2Lid 1 geldt niet, indien ten minste een verkrijgende rechtspersoon een bij de splitsing opgerichte naamloze of besloten vennootschap is en de splitsende rechtspersoon daarvan bij de splitsing alle aandelen verkrijgt.
Rechtspraak over Artikel 2:334c BW
3
2019-02-27
2019-02-27
2002-02-05
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:334aZuivere splitsing, afsplitsing en partijen bij splitsing
- Artikel 2:334bRechtsvormvereisten bij splitsing
- Artikel 2:334dMinimumwaarde verkregen vermogen bij splitsing
- Artikel 2:334eLidmaatschap of aandeelhouderschap bij splitsing
- Artikel 2:334fVoorstel tot splitsing
- Artikel 2:334gToelichting en tussentijdse vermogensopstelling bij splitsing
- Artikel 2:334hNederlegging en openbaarmaking van splitsingsstukken
- Artikel 2:334iInlichtingenplicht over wijzigingen in activa en passiva
- Artikel 2:334jOvergang van rechtsverhoudingen bij splitsing
- Artikel 2:334kZekerheidstelling voor schuldeisers bij splitsing
- Artikel 2:334lVerzet tegen het splitsingsvoorstel
- Artikel 2:334mBesluit tot splitsing
- Artikel 2:334nAkte van splitsing en inschrijving
- Artikel 2:334oPandrecht en vruchtgebruik bij splitsing