Artikel 3:67 BW – Noemen van de naam van de volmachtgever
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 3. Volmacht · niet-officieel opschrift
1Hij die een overeenkomst aangaat in naam van een nader te noemen volmachtgever, moet diens naam noemen binnen de door de wet, de overeenkomst of het gebruik bepaalde termijn of, bij gebreke hiervan, binnen een redelijke termijn.
2Wanneer hij de naam van de volmachtgever niet tijdig noemt, wordt hij geacht de overeenkomst voor zichzelf te hebben aangegaan, tenzij uit de overeenkomst anders voortvloeit.
Rechtspraak over Artikel 3:67 BW
52
2025-07-22
2025-07-15
2024-06-26
2024-01-17
2023-07-05
2022-05-24
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 3:60Begrip volmacht
- Artikel 3:61Verlening en vertrouwen op volmacht
- Artikel 3:62Omvang van de volmacht tot beschikken
- Artikel 3:63Bekwaamheid tot optreden als gevolmachtigde
- Artikel 3:64Substitutie van de volmacht
- Artikel 3:65Volmacht aan meerdere personen gezamenlijk
- Artikel 3:66Gevolgen van vertegenwoordiging en wilsgebreken
- Artikel 3:68Optreden gevolmachtigde als wederpartij
- Artikel 3:69Bekrachtiging van onbevoegd verrichte rechtshandeling
- Artikel 3:70Instaan voor bestaan en omvang van volmacht
- Artikel 3:71Bewijs van volmacht jegens de wederpartij
- Artikel 3:72Einde van de volmacht
- Artikel 3:73Voortduren van volmacht na dood of ondercuratelestelling
- Artikel 3:74Onherroepelijke volmacht
- Artikel 3:75Teruggave van volmachtbewijs na beëindiging
- Artikel 3:76Einde van de volmacht tegenover wederpartij
- Artikel 3:77Rechtshandeling na overlijden volmachtgever
- Artikel 3:78Overeenkomstige toepassing bij vertegenwoordiging uit anderen hoofde
- Artikel 3:79Overeenkomstige toepassing buiten vermogensrecht