Artikel 3:73 BW – Voortduren van volmacht na dood of ondercuratelestelling
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 3. Volmacht · niet-officieel opschrift
1Niettegenstaande de dood of de ondercuratelestelling van de volmachtgever blijft de gevolmachtigde bevoegd de rechtshandelingen te verrichten, die nodig zijn voor het beheer van een onderneming.
2Niettegenstaande de dood of de ondercuratelestelling van de volmachtgever blijft de gevolmachtigde bevoegd rechtshandelingen te verrichten, die niet zonder nadeel kunnen worden uitgesteld. Hetzelfde geldt indien de gevolmachtigde de volmacht heeft opgezegd.
3De in de vorige leden vermelde bevoegdheid eindigt een jaar na het overlijden, de ondercuratelestelling of de opzegging.
Rechtspraak over Artikel 3:73 BW
7
2024-05-10
2022-07-12
2016-07-12
2015-05-26
2013-03-05
2012-06-13
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 3:61Verlening en vertrouwen op volmacht
- Artikel 3:62Omvang van de volmacht tot beschikken
- Artikel 3:63Bekwaamheid tot optreden als gevolmachtigde
- Artikel 3:64Substitutie van de volmacht
- Artikel 3:65Volmacht aan meerdere personen gezamenlijk
- Artikel 3:66Gevolgen van vertegenwoordiging en wilsgebreken
- Artikel 3:67Noemen van de naam van de volmachtgever
- Artikel 3:68Optreden gevolmachtigde als wederpartij
- Artikel 3:69Bekrachtiging van onbevoegd verrichte rechtshandeling
- Artikel 3:70Instaan voor bestaan en omvang van volmacht
- Artikel 3:71Bewijs van volmacht jegens de wederpartij
- Artikel 3:72Einde van de volmacht
- Artikel 3:74Onherroepelijke volmacht
- Artikel 3:75Teruggave van volmachtbewijs na beëindiging
- Artikel 3:76Einde van de volmacht tegenover wederpartij
- Artikel 3:77Rechtshandeling na overlijden volmachtgever
- Artikel 3:78Overeenkomstige toepassing bij vertegenwoordiging uit anderen hoofde
- Artikel 3:79Overeenkomstige toepassing buiten vermogensrecht