Artikel 3:87 BW – Identificatieplicht van de verkrijger
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 4. Verkrijging en verlies van goederen › Afdeling 2. Overdracht van goederen en afstand van beperkte rechten · niet-officieel opschrift
1Een verkrijger die binnen drie jaren na zijn verkrijging gevraagd wordt wie het goed aan hem vervreemdde, dient onverwijld de gegevens te verschaffen, die nodig zijn om deze terug te vinden of die hij ten tijde van zijn verkrijging daartoe voldoende mocht achten. Indien hij niet aan deze verplichting voldoet, kan hij de bescherming die de artikelen 86 , 86a en 86b aan een verkrijger te goeder trouw bieden, niet inroepen.
2Het vorige lid is niet van toepassing ten aanzien van geld.
Rechtspraak over Artikel 3:87 BW
22
2021-09-01
2020-02-26
2019-06-24
2019-03-13
2018-02-06
2018-02-06
2017-10-17
Verwijzingen in dit artikel
3
- Artikel 3:86Bescherming van derden te goeder trouw bij beschikkingsonbevoegdheid
- Artikel 3:86aOpeising van cultuurgoederen
- Artikel 3:86bBescherming van cultuurgoederen bij opeising
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 3:83Overdraagbaarheid van goederen en vorderingsrechten
- Artikel 3:84Vereisten voor geldige overdracht
- Artikel 3:85Overdracht voor bepaalde tijd als vruchtgebruik
- Artikel 3:86Bescherming van derden te goeder trouw bij beschikkingsonbevoegdheid
- Artikel 3:86aOpeising van cultuurgoederen
- Artikel 3:86bBescherming van cultuurgoederen bij opeising
- Artikel 3:87aZorgvuldigheid bij verkrijging cultuurgoed
- Artikel 3:88Derdenbescherming bij vroegere ongeldige overdracht
- Artikel 3:89Levering van registergoederen
- Artikel 3:90Levering van roerende zaken
- Artikel 3:91Levering onder opschortende voorwaarde
- Artikel 3:92
- Artikel 3:92a
- Artikel 3:93Levering van toonder- en orderpapier
- Artikel 3:94Levering van rechten op naam
- Artikel 3:95Levering bij akte
- Artikel 3:96Levering van een aandeel in een goed
- Artikel 3:97Levering bij voorbaat van toekomstige goederen