Artikel 5:16 BW – Zaaksvorming uit roerende zaken
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 5. Zakelijke rechten › Titel 2. Eigendom van roerende zaken · niet-officieel opschrift
1Indien iemand uit een of meer roerende zaken een nieuwe zaak vormt, wordt deze eigendom van de eigenaar van de oorspronkelijke zaken. Behoorden deze toe aan verschillende eigenaars, dan zijn de vorige twee artikelen van overeenkomstige toepassing.
2Indien iemand voor zichzelf een zaak vormt of doet vormen uit of mede uit een of meer hem niet toebehorende roerende zaken, wordt hij eigenaar van de nieuwe zaak, tenzij de kosten van de vorming dit wegens hun geringe omvang niet rechtvaardigen.
3Bij het verwerken van stoffen tot een nieuwe stof of het kweken van planten zijn de vorige leden van overeenkomstige toepassing.
Rechtspraak over Artikel 5:16 BW
23
2024-11-07
2022-11-30
2022-02-28
2021-06-08
2021-01-20
2019-10-23
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 5:4Toe-eigening van onbeheerde zaken
- Artikel 5:5Verplichtingen van de vinder van een onbeheerde zaak
- Artikel 5:6Eigendomsverkrijging door de vinder
- Artikel 5:7Overdracht rechtspositie vinder
- Artikel 5:8Bevoegdheden van de burgemeester bij bewaring van zaken
- Artikel 5:9Bewaring van geld door de gemeente
- Artikel 5:10Kostenvergoeding bij opeising van de zaak
- Artikel 5:11Verkoopbevoegdheid burgemeester gevonden zaak
- Artikel 5:12Delegatiebepaling gevonden zaken
- Artikel 5:13Vondst van een schat
- Artikel 5:14Zaaksvorming door natrekking van roerende zaken
- Artikel 5:15Vermenging van roerende zaken
- Artikel 5:17Eigendom van vruchten door afscheiding
- Artikel 5:18Verlies van eigendom door prijsgeven
- Artikel 5:19Verlies van eigendom van verwilderde dieren