Artikel 6:266 BW – Ontbinding bij schuldeisersverzuim
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 6. Algemeen gedeelte van het verbintenissenrecht › Titel 5. Overeenkomsten in het algemeen › Afdeling 5. Wederkerige overeenkomsten · niet-officieel opschrift
1Geen ontbinding kan worden gegrond op een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis ten aanzien waarvan de schuldeiser zelf in verzuim is.
2Wordt echter tijdens het verzuim van de schuldeiser behoorlijke nakoming geheel of gedeeltelijk onmogelijk, dan kan de overeenkomst ontbonden worden, indien door schuld van de schuldenaar of zijn ondergeschikte is tekortgeschoten in de zorg die in de gegeven omstandigheden van hem mocht worden gevergd.
Rechtspraak over Artikel 6:266 BW
76
2026-05-12
2026-04-22
2026-01-28
2026-01-13
2025-08-05
2025-07-30
2025-05-14
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 6:261Begrip wederkerige overeenkomst
- Artikel 6:262Opschortingsrecht bij wederkerige overeenkomsten
- Artikel 6:263Opschorting door de eerst presterende partij
- Artikel 6:264Uitsluiting opschortingsbepalingen
- Artikel 6:265Ontbinding wegens tekortkoming
- Artikel 6:267Wijze van ontbinding
- Artikel 6:268Verjaring van de ontbindingsbevoegdheid
- Artikel 6:269Werking van ontbinding
- Artikel 6:270Gevolgen van gedeeltelijke ontbinding
- Artikel 6:271Ongedaanmaking na ontbinding
- Artikel 6:272Vergoeding bij onmogelijkheid van ongedaanmaking
- Artikel 6:273Zorgplicht bij ongedaanmaking na ontbinding
- Artikel 6:274Verzuim bij prestatie tijdens dreigende ontbinding
- Artikel 6:275Overeenkomstige toepassing bepalingen vruchten en kosten
- Artikel 6:276Verplichtingen van onbekwame bij ontvangen prestatie
- Artikel 6:277Schadevergoeding bij ontbinding van wederkerige overeenkomsten
- Artikel 6:278Waardeverrekening bij ongedaanmaking