Artikel 7:214 BW – Toegestaan gebruik van de zaak
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 4. Huur › Afdeling 3. De verplichtingen van de huurder · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Dit artikel bepaalt dat de huurder de gehuurde zaak alleen mag gebruiken op de manier die partijen bij de huurovereenkomst hebben afgesproken. Is daarover niets overeengekomen, dan mag de huurder de zaak gebruiken op de wijze waarvoor deze naar haar aard bestemd is. De huurder heeft dus geen vrijheid om de zaak voor andere doeleinden te gebruiken dan deze twee mogelijkheden toestaan.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
De huurder is slechts bevoegd tot het gebruik van de zaak dat is overeengekomen, en, zo daaromtrent niets is overeengekomen, tot het gebruik waartoe de zaak naar zijn aard bestemd is.
Rechtspraak over Artikel 7:214 BW
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 7:212Betalingsverplichting van de huurder
- Artikel 7:213Goed huurderschap
- Artikel 7:215Toestemming voor verandering van het gehuurde
- Artikel 7:216Wegbreekrecht van de huurder
- Artikel 7:217Kleine herstellingen door de huurder
- Artikel 7:218Aansprakelijkheid huurder voor schade
- Artikel 7:219Aansprakelijkheid huurder voor gedragingen van anderen
- Artikel 7:220Dringende werkzaamheden en renovatie tijdens huur
- Artikel 7:221Onderhuur door de huurder
- Artikel 7:222Kennisgevingsplicht van de huurder
- Artikel 7:223Duldplicht van de huurder bij bezichtiging
- Artikel 7:224Opleveringsverplichting van de huurder
- Artikel 7:225Vergoeding wegens onrechtmatig achterhouden van het gehuurde