Artikel 7:220 BW – Dringende werkzaamheden en renovatie tijdens huur
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 4. Huur › Afdeling 3. De verplichtingen van de huurder · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
De bepaling verplicht de huurder dringende werkzaamheden en ingrepen ten behoeve van een naburig erf toe te laten, zonder dat dit zijn recht op huurprijsvermindering, ontbinding of schadevergoeding aantast. Hetzelfde geldt bij renovatie, mits de verhuurder schriftelijk een redelijk voorstel doet. Bij renovatie van tien of meer woningen of bedrijfsruimten die een bouwkundige eenheid vormen, geldt het voorstel als redelijk bij instemming van 70% of meer van de huurders; wie niet instemt kan binnen acht weken de rechter vragen te oordelen. De verhuurder behoudt zijn opzeggingsbevoegdheid wegens dringende renovatie. Bij noodzakelijke verhuizing van woonruimte draagt de verhuurder bij in de verhuis- en inrichtingskosten, waarbij gemeentelijke bijdragen verrekend worden.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
Rechtspraak over Artikel 7:220 BW
Verwijzingen in dit artikel
- Artikel 7:233Begrip woonruimte
- Artikel 7:234Begrip zelfstandige woning
- Artikel 7:235Begrip woonwagen
- Artikel 7:236Begrip standplaats
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 7:212Betalingsverplichting van de huurder
- Artikel 7:213Goed huurderschap
- Artikel 7:214Toegestaan gebruik van de zaak
- Artikel 7:215Toestemming voor verandering van het gehuurde
- Artikel 7:216Wegbreekrecht van de huurder
- Artikel 7:217Kleine herstellingen door de huurder
- Artikel 7:218Aansprakelijkheid huurder voor schade
- Artikel 7:219Aansprakelijkheid huurder voor gedragingen van anderen
- Artikel 7:221Onderhuur door de huurder
- Artikel 7:222Kennisgevingsplicht van de huurder
- Artikel 7:223Duldplicht van de huurder bij bezichtiging
- Artikel 7:224Opleveringsverplichting van de huurder
- Artikel 7:225Vergoeding wegens onrechtmatig achterhouden van het gehuurde