Artikel 1:139 BW – Opheffing en schadevergoeding bij verrekenbeding
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 1. Personen- en familierecht › Titel 8. Huwelijkse voorwaarden › Afdeling 2. Verrekenbedingen › Paragraaf 1. Algemene regels voor verrekenbedingen · niet-officieel opschrift
1Een echtgenoot kan de opheffing van de wederzijdse verplichting tot verrekening verzoeken, wanneer de andere echtgenoot op lichtvaardige wijze schulden maakt, zijn goederen verspilt of weigert de in artikel 138, tweede lid , bedoelde verplichte opgave omtrent zijn te verrekenen inkomsten of vermogen te verstrekken.
2Indien de echtgenoot tegen wie het verzoek zich richt, het te verrekenen vermogen benadeelt doordat hij na de aanvang van het geding of binnen zes maanden daarvoor lichtvaardig schulden heeft gemaakt, te verrekenen goederen heeft verspild, of een rechtshandeling als bedoeld in artikel 88 zonder de vereiste toestemming of beslissing van de rechtbank heeft verricht, is hij gehouden de aangerichte schade te vergoeden.
3Van het eerste en tweede lid kan niet worden afgeweken.
Rechtspraak over Artikel 1:139 BW
9
2021-03-10
2020-03-26
2017-11-07
2016-03-08
2013-11-26
Verwijzingen in dit artikel
2
- Artikel 1:88Toestemming echtgenoot voor bepaalde rechtshandelingen
- Artikel 1:138Bestuur van goederen en verrekenopgave tussen echtgenoten
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 1:132Toepassingsgebied verrekenbedingen
- Artikel 1:133Wederkerigheid en omvang verrekenplicht
- Artikel 1:134Uitsluiting van verrekening
- Artikel 1:135Verrekening van inkomsten of vermogen
- Artikel 1:136
- Artikel 1:137Wijze van verrekening
- Artikel 1:138Bestuur van goederen en verrekenopgave tussen echtgenoten
- Artikel 1:140Betalingsregeling bij verrekenplicht