Artikel 1:386 BW – Bewind en rekening en verantwoording van de curator
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 1. Personen- en familierecht › Titel 16. Curatele · niet-officieel opschrift
1Op het bewind van de curator zijn de omtrent het bewind van de voogd gegeven voorschriften van overeenkomstige toepassing. De rekening en verantwoording van zijn bewind gedurende de curatele wordt evenwel door de curator jaarlijks ingediend, behoudens indien de kantonrechter heeft bepaald dat dit op een ander tijdstip kan geschieden. Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan een model vaststellen volgens hetwelk de rekening en verantwoording moet worden opgemaakt. De curator, bedoeld in artikel 383, zevende lid , legt jaarlijks de verklaringen en het verslag over, bedoeld in artikel 383, achtste lid. De curator doet desgevraagd van zijn werkzaamheden verslag aan de kantonrechter. De curator heeft aanspraak op beloning overeenkomstig de regels die daaromtrent bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie zijn vastgesteld.
2De curator draagt zorg voor een doelmatige belegging van het vermogen van de onder curatele gestelde, voor zover dit niet besteed behoort te worden voor een voldoende verzorging van de onder curatele gestelde.
3Tenzij de kantonrechter anders bepaalt, is de curator verplicht zo spoedig mogelijk een rekening te openen bij een financiële onderneming die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van bank mag uitoefenen; de curator is voorts verplicht om uitsluitend voor de betalingen die hij bij de vervulling van zijn taak verricht of ontvangt, zoveel mogelijk van deze rekening gebruik te maken.
4Voor de toepassing van de artikelen 365 tot en met 367 treedt de officier van justitie in de plaats van de raad voor de kinderbescherming en het ontslag bedoeld in artikel 385, lid 1 onder d in de plaats van de ontzetting van de voogd op grond van artikel 327 lid 1 onder b . Mededelingen en zendingen als bedoeld in artikel 371a , geschieden alleen dan indien artikel 12, vierde lid , op de desbetreffende curatele niet van toepassing is.
5Indien een gehuwde of een geregistreerde partner onder curatele wordt gesteld, en tussen de echtgenoten of de geregistreerde partners het bestuur over hun goederen en de goederen der gemeenschap anders is verdeeld dan volgens de regels van de wet en van huwelijkse voorwaarden, bepaalt de rechter bij het uitspreken van de curatele, of en in hoeverre die verdeling ook voor de curator zal gelden.
6De kantonrechter kan van de curator verlangen dat hij inzage geeft van zijn boeken, bescheiden en andere gegevensdragers. Hij kan voorts een afschrift daarvan verlangen.
Rechtspraak over Artikel 1:386 BW
22
2023-06-01
2023-02-16
2019-10-16
2018-07-18
Verwijzingen in dit artikel
7
- Artikel 1:12Woonplaats van afhankelijke personen
- Artikel 1:327Beëindiging van de voogdij
- Artikel 1:365Kennisgeving aan de raad voor de kinderbescherming
- Artikel 1:367Onderzoek door de raad voor de kinderbescherming
- Artikel 1:371aMededeling van voogdbenoeming aan de kantonrechter
- Artikel 1:383Benoeming van de curator
- Artikel 1:385Overeenkomstige toepassing van bepalingen bij curatele
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 1:378Gronden voor ondercuratelestelling
- Artikel 1:379Bevoegdheid tot het verzoeken van curatele
- Artikel 1:380Provisionele bewindvoerder bij ondercuratelestelling
- Artikel 1:381Onbekwaamheid en bekwaamheid van de onder curatele gestelde
- Artikel 1:382Bekwaamheid tot familierechtelijke handelingen bij curatele
- Artikel 1:383Benoeming van de curator
- Artikel 1:384Einde taak curator bij vernietiging beschikking
- Artikel 1:385Overeenkomstige toepassing van bepalingen bij curatele
- Artikel 1:387
- Artikel 1:388
- Artikel 1:389Einde van de curatele
- Artikel 1:390Bekendmaking van curatele-uitspraken
- Artikel 1:391Centraal curatele- en bewindregister