Artikel 2:20a BW – Bestuursverbod na verboden verklaring
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 1. Algemene bepalingen · niet-officieel opschrift
1De bestuurder van een verboden verklaarde rechtspersoon, kan gedurende ten minste drie jaar nadat de verbodenverklaring in kracht van gewijsde is gegaan, geen bestuurder of commissaris van enige rechtspersoon zijn of worden, tenzij betrokkene naar het oordeel van de rechter in de gegeven omstandigheden geen ernstig verwijt kan worden gemaakt. Met een bestuurder wordt voor de toepassing van dit artikel gelijk gesteld degene die het beleid van de rechtspersoon heeft bepaald of mede heeft bepaald, als ware hij bestuurder.
2De rechtbank regelt zo nodig alle overige gevolgen van het door haar uitgesproken bestuursverbod.
3De griffier van de rechtbank, of bij hoger beroep, van het gerechtshof, biedt de onherroepelijke uitspraak waarin een bestuursverbod is opgelegd met bekwame spoed aan de Kamer van Koophandel aan, die zo nodig terstond tot uitschrijving van betrokkene uit het handelsregister overgaat. Tevens wordt het bestuursverbod geregistreerd bij het handelsregister.
4Artikel 106c van de Faillissementswet is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat waar in artikel 106c van de Faillissementswet wordt verwezen naar een verzoek of vordering tot het opleggen van een bestuursverbod wordt gelezen een verzoek tot verbodenverklaring van een rechtspersoon.
Rechtspraak over Artikel 2:20a BW
6
2026-04-21
2025-05-27
2025-04-03
2025-04-01
2024-03-08
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:12Uitsluiting van stemrecht
- Artikel 2:13Stemrecht en stemuitslag
- Artikel 2:14Nietigheid en bekrachtiging van besluiten
- Artikel 2:15Vernietigbaarheid van besluiten van rechtspersonen
- Artikel 2:16Gevolgen van nietigverklaring van besluiten
- Artikel 2:17Oprichting voor onbepaalde tijd
- Artikel 2:18Omzetting van rechtspersonen
- Artikel 2:19Gronden voor ontbinding van de rechtspersoon
- Artikel 2:19aOntbinding rechtspersoon door Kamer van Koophandel
- Artikel 2:19b
- Artikel 2:19cBestuursverbod bij ontbinding van de rechtspersoon
- Artikel 2:20Verbodenverklaring en ontbinding wegens strijd met openbare orde
- Artikel 2:21Ontbinding van rechtspersonen door de rechtbank
- Artikel 2:22Bewind over goederen van rechtspersoon in ontbinding
- Artikel 2:22aVoorlopige beperking van aandeelhoudersbevoegdheden bij ontbindingsverzoek
- Artikel 2:23Benoeming en ontslag van vereffenaars
- Artikel 2:23aBevoegdheden en aansprakelijkheid van de vereffenaar
- Artikel 2:23bVerdeling van het overschot bij vereffening
- Artikel 2:23cHeropening van de vereffening
- Artikel 2:24Bewaring van boeken en bescheiden na ontbinding
- Artikel 2:24aBegrip dochtermaatschappij
- Artikel 2:24bGroep en groepsmaatschappij
- Artikel 2:24cBegrip deelneming
- Artikel 2:24d