Artikel 2:23c BW – Heropening van de vereffening
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 1. Algemene bepalingen · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Artikel 2:23c BW regelt wat er gebeurt als na het ophouden te bestaan van een rechtspersoon alsnog een schuldeiser of gerechtigde tot het saldo opkomt, of als blijkt dat er nog een bate is. De rechtbank kan dan, op verzoek van een belanghebbende, de vereffening heropenen en zo nodig een vereffenaar benoemen. De rechtspersoon herleeft in dat geval, maar uitsluitend om de heropende vereffening af te wikkelen. De vereffenaar mag van gerechtigden terugvorderen wat zij te veel uit het overschot hebben ontvangen. De periode waarin de rechtspersoon had opgehouden te bestaan, geldt als verlengingsgrond voor de verjaring van rechtsvorderingen van of tegen de rechtspersoon.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
Rechtspraak over Artikel 2:23c BW
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:19Gronden voor ontbinding van de rechtspersoon
- Artikel 2:19aOntbinding rechtspersoon door Kamer van Koophandel
- Artikel 2:19b
- Artikel 2:19cBestuursverbod bij ontbinding van de rechtspersoon
- Artikel 2:20Verbodenverklaring en ontbinding wegens strijd met openbare orde
- Artikel 2:20aBestuursverbod na verboden verklaring
- Artikel 2:21Ontbinding van rechtspersonen door de rechtbank
- Artikel 2:22Bewind over goederen van rechtspersoon in ontbinding
- Artikel 2:22aVoorlopige beperking van aandeelhoudersbevoegdheden bij ontbindingsverzoek
- Artikel 2:23Benoeming en ontslag van vereffenaars
- Artikel 2:23aBevoegdheden en aansprakelijkheid van de vereffenaar
- Artikel 2:23bVerdeling van het overschot bij vereffening
- Artikel 2:24Bewaring van boeken en bescheiden na ontbinding
- Artikel 2:24aBegrip dochtermaatschappij
- Artikel 2:24bGroep en groepsmaatschappij
- Artikel 2:24cBegrip deelneming
- Artikel 2:24d
- Artikel 2:25Afwijken van boek 2