Artikel 2:86c BW – Levering van beursgenoteerde aandelen op naam
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 4. Naamloze vennootschappen › Afdeling 2. De aandelen · niet-officieel opschrift
1Voor de levering van een aandeel op naam of de levering van een beperkt recht daarop in een vennootschap, waarvan aandelen of certificaten van aandelen zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt of een multilaterale handelsfaciliteit, als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht of een met een gereglementeerde markt of multilaterale handelsfaciliteit vergelijkbaar systeem uit een staat die geen lidstaat is, of waarvan aandelen of certificaten van aandelen, naar ten tijde van de rechtshandeling op goede gronden kan worden verwacht, daartoe spoedig zullen worden toegelaten, gelden de volgende bepalingen.
2Voor de levering van een aandeel op naam of de levering van een beperkt recht daarop zijn vereist een daartoe bestemde akte alsmede, behoudens in het geval dat de vennootschap zelf bij die rechtshandeling partij is, schriftelijke erkenning door de vennootschap van de levering. De erkenning geschiedt in de akte, of door een gedagtekende verklaring houdende de erkenning op de akte of op een notarieel of door de vervreemder gewaarmerkt afschrift of uittreksel daarvan, of op de wijze als bedoeld in lid 3. Met de erkenning staat gelijk de betekening van die akte of dat afschrift of uittreksel aan de vennootschap. Betreft het de levering van niet volgestorte aandelen, dan kan de erkenning slechts geschieden wanneer de akte een vaste dagtekening draagt.
3Indien voor een aandeel een aandeelbewijs is afgegeven, kunnen de statuten bepalen dat voor de levering bovendien afgifte van dat aandeelbewijs aan de vennootschap is vereist. Dit vereiste geldt niet indien het aandeelbewijs is verloren, ontvreemd of vernietigd en niet volgens de statuten kan worden vervangen. Indien het aandeelbewijs aan de vennootschap wordt afgegeven, kan de vennootschap de levering erkennen door op dat aandeelbewijs een aantekening te plaatsen waaruit van de erkenning blijkt of door het afgegeven bewijs te vervangen door een nieuw aandeelbewijs luidende ten name van de verkrijger.
4Een pandrecht kan ook worden gevestigd zonder erkenning door of betekening aan de vennootschap. Alsdan is artikel 239 van Boek 3 van overeenkomstige toepassing, waarbij erkenning door of betekening aan de vennootschap in de plaats treedt van de in lid 3 van dat artikel bedoelde mededeling.
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
2
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:79Aandelen en onderaandelen
- Artikel 2:80Verplichting tot storting op aandelen
- Artikel 2:80aStorting in vreemd geld
- Artikel 2:80bInbreng anders dan in geld
- Artikel 2:81Verbod van bijkomende verplichtingen aandeelhouder
- Artikel 2:82Statutaire keuze en omzetting van aandelen
- Artikel 2:83Bewijs van storting op aandelen
- Artikel 2:84Bevoegdheid tot inning van stortingen bij vereffening
- Artikel 2:85Register van aandelen
- Artikel 2:86
- Artikel 2:86aErkenning van de levering door de vennootschap
- Artikel 2:86bErkenning en betekening van de akte
- Artikel 2:86d
- Artikel 2:87Beperking van de overdraagbaarheid van aandelen
- Artikel 2:87aVerplichte aanbieding en overdracht van aandelen
- Artikel 2:87bOpschorting van rechten bij niet-voldoen aan statutaire eisen
- Artikel 2:88Stemrecht bij vruchtgebruik op aandelen
- Artikel 2:89Stemrecht bij verpanding van aandelen
- Artikel 2:89aPandrecht op eigen aandelen
- Artikel 2:90Aansprakelijkheid voor niet volgestorte aandelen
- Artikel 2:91
- Artikel 2:91aKennisgeving bij aandelen aan toonder in één hand
- Artikel 2:92Gelijkheid van aandeelhouders en certificaathouders
- Artikel 2:92aVordering tot overdracht van aandelen