Artikel 2:98d BW – Verkrijging van aandelen door dochtermaatschappijen
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 4. Naamloze vennootschappen › Afdeling 3. Het vermogen van de naamloze vennootschap · niet-officieel opschrift
a. nadat zij dochtermaatschappij is geworden,
b. nadat de vennootschap waarvan zij dochtermaatschappij is, is omgezet in een naamloze vennootschap, of
c. nadat zij als dochtermaatschappij aandelen in het kapitaal van de naamloze vennootschap om niet of onder algemene titel heeft verkregen,
niet langer dan gedurende drie jaren samen met de naamloze vennootschap en haar andere dochtermaatschappijen meer van deze aandelen voor eigen rekening houden of doen houden dan een tiende van het geplaatste kapitaal. De bestuurders van de naamloze vennootschap zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de vergoeding aan de dochtermaatschappij van de waarde van de aandelen die zij te veel houdt of doet houden op het einde van de laatste dag van die drie jaren, met de wettelijke rente van dat tijdstip af. Betaling van de vergoeding geschiedt tegen overdracht van de aandelen. Een bestuurder behoeft de vergoeding niet te betalen, indien hij bewijst dat het niet aan de naamloze vennootschap is te wijten dat de aandelen nog worden gehouden.
Verwijzingen in dit artikel
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:94bBeschrijving van inbreng anders dan in geld
- Artikel 2:94cVernietigbaarheid van verkrijgingen van oprichters
- Artikel 2:94d
- Artikel 2:95Verbod op eigen aandelen
- Artikel 2:96Uitgifte van aandelen
- Artikel 2:96aVoorkeursrecht bij uitgifte van aandelen
- Artikel 2:96bUitzondering voor beleggingsmaatschappij met veranderlijk kapitaal
- Artikel 2:97Plaatsing van een lager uitgiftebedrag
- Artikel 2:98Verkrijging van eigen aandelen
- Artikel 2:98aVerkrijging van eigen aandelen in strijd met wet
- Artikel 2:98bVerkrijging van aandelen voor rekening van de vennootschap
- Artikel 2:98cFinanciële steun en leningen bij aandelenverkrijging
- Artikel 2:99Vermindering van het geplaatste kapitaal
- Artikel 2:100Verzet van schuldeisers bij kapitaalvermindering
- Artikel 2:101Opmaken en ter inzage leggen jaarrekening
- Artikel 2:102
- Artikel 2:103
- Artikel 2:104Delging van tekorten ten laste van reserves
- Artikel 2:105Winstbestemming en uitkeringen
- Artikel 2:106