Artikel 2:96 BW – Uitgifte van aandelen
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 4. Naamloze vennootschappen › Afdeling 3. Het vermogen van de naamloze vennootschap · niet-officieel opschrift
1De naamloze vennootschap kan na de oprichting slechts aandelen uitgeven ingevolge een besluit van de algemene vergadering of van een ander vennootschapsorgaan dat daartoe bij besluit van de algemene vergadering of bij de statuten voor een bepaalde duur van ten hoogste vijf jaren is aangewezen. Bij de aanwijzing moet zijn bepaald hoeveel aandelen mogen worden uitgegeven. De aanwijzing kan telkens voor niet langer dan vijf jaren worden verlengd. Tenzij bij de aanwijzing anders is bepaald, kan zij niet worden ingetrokken.
2Zijn er verschillende soorten aandelen, dan is voor de geldigheid van het besluit van de algemene vergadering tot uitgifte of tot aanwijzing vereist een voorafgaand of gelijktijdig goedkeurend besluit van elke groep houders van aandelen van een zelfde soort aan wier rechten de uitgifte afbreuk doet.
3De vennootschap legt binnen acht dagen na een besluit van de algemene vergadering tot uitgifte of tot aanwijzing een volledige tekst daarvan neer ten kantore van het handelsregister.
4De vennootschap doet binnen acht dagen na afloop van elk kalenderkwartaal ten kantore van het handelsregister opgave van elke uitgifte van aandelen in het afgelopen kalenderkwartaal, met vermelding van aantal en soort.
5Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van rechten tot het nemen van aandelen, maar is niet van toepassing op het uitgeven van aandelen aan iemand die een voordien reeds verkregen recht tot het nemen van aandelen uitoefent.
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
4
- Artikel 2:78aBegrip orgaan van de vennootschap
- Artikel 2:94bBeschrijving van inbreng anders dan in geld
- Artikel 2:96aVoorkeursrecht bij uitgifte van aandelen
- Artikel 2:96bUitzondering voor beleggingsmaatschappij met veranderlijk kapitaal
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:93Aansprakelijkheid voor rechtshandelingen namens op te richten vennootschap
- Artikel 2:93aVerklaring van stortingen op aandelen
- Artikel 2:94Rechtshandelingen bij oprichting van de vennootschap
- Artikel 2:94aInbreng anders dan in geld
- Artikel 2:94bBeschrijving van inbreng anders dan in geld
- Artikel 2:94cVernietigbaarheid van verkrijgingen van oprichters
- Artikel 2:94d
- Artikel 2:95Verbod op eigen aandelen
- Artikel 2:96aVoorkeursrecht bij uitgifte van aandelen
- Artikel 2:96bUitzondering voor beleggingsmaatschappij met veranderlijk kapitaal
- Artikel 2:97Plaatsing van een lager uitgiftebedrag
- Artikel 2:98Verkrijging van eigen aandelen
- Artikel 2:98aVerkrijging van eigen aandelen in strijd met wet
- Artikel 2:98bVerkrijging van aandelen voor rekening van de vennootschap
- Artikel 2:98cFinanciële steun en leningen bij aandelenverkrijging
- Artikel 2:98dVerkrijging van aandelen door dochtermaatschappijen
- Artikel 2:99Vermindering van het geplaatste kapitaal
- Artikel 2:100Verzet van schuldeisers bij kapitaalvermindering
- Artikel 2:101Opmaken en ter inzage leggen jaarrekening
- Artikel 2:102