Artikel 3:51 BW – Vernietiging van rechtshandelingen door rechter
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 2. Rechtshandelingen · niet-officieel opschrift
1Een rechterlijke uitspraak vernietigt een rechtshandeling, doordat zij een beroep in rechte op een vernietigingsgrond aanvaardt.
2Een rechtsvordering tot vernietiging van een rechtshandeling wordt ingesteld tegen hen die partij bij de rechtshandeling zijn.
3Een beroep in rechte op een vernietigingsgrond kan te allen tijde worden gedaan ter afwering van een op de rechtshandeling steunende vordering of andere rechtsmaatregel. Hij die dit beroep doet, is verplicht om zo spoedig mogelijk daarvan mededeling te doen aan de partijen bij de rechtshandeling die niet in het geding zijn verschenen.
Rechtspraak over Artikel 3:51 BW
94
2026-04-15
2025-07-16
2025-06-17
2025-03-19
2024-10-02
2024-09-04
2024-05-29
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 3:39
- Artikel 3:40Nietigheid wegens strijd met wet of goede zeden
- Artikel 3:41Partiële nietigheid van rechtshandelingen
- Artikel 3:42Conversie van een nietige rechtshandeling
- Artikel 3:43Nietigheid van verkrijging door ambtsdragers
- Artikel 3:44Bedreiging bedrog en misbruik van omstandigheden
- Artikel 3:45Vernietiging van rechtshandelingen wegens benadeling van schuldeisers
- Artikel 3:46Vermoeden van wetenschap van benadeling
- Artikel 3:47Bewijsvermoeden bij benadeling door schenking
- Artikel 3:48Begrip schuldenaar
- Artikel 3:49Wijze van vernietiging
- Artikel 3:50Buitengerechtelijke vernietigingsverklaring
- Artikel 3:52Verjaring van vernietigingsvorderingen
- Artikel 3:53Terugwerkende kracht van vernietiging
- Artikel 3:54Herstel van misbruik van omstandigheden bij meerzijdige rechtshandelingen
- Artikel 3:55Verval van de bevoegdheid tot vernietiging
- Artikel 3:56Partijen bij eenzijdige rechtshandeling
- Artikel 3:57Aanzegging tot vervallen van rechtshandeling bij ontbrekende toestemming
- Artikel 3:58Bekrachtiging van rechtshandelingen
- Artikel 3:59Overeenkomstige toepassing buiten vermogensrecht