Artikel 4:171 BW – Nadere regeling en wijziging van het bewind
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 4. Erfrecht › Titel 5. Onderscheiden soorten van uiterste wilsbeschikkingen › Afdeling 7. Testamentair bewind › Paragraaf 3. De gevolgen van het bewind · niet-officieel opschrift
1Bij de uiterste wil kunnen de bevoegdheden en verplichtingen van de bewindvoerder nader worden geregeld; zij kunnen daarbij ruimer of beperkter worden vastgesteld dan uit de voorgaande bepalingen van deze afdeling voortvloeit.
2De kantonrechter kan op verzoek van de bewindvoerder, de rechthebbende of een persoon in wiens belang het bewind uitsluitend of mede is ingesteld, de regels omtrent het voeren van het bewind wijzigen op grond van onvoorziene omstandigheden. De kantonrechter kan het verzoek toewijzen onder door hem te stellen voorwaarden.
Rechtspraak over Artikel 4:171 BW
34
2026-04-08
2026-02-24
2026-01-06
2025-04-09
2025-04-09
2025-03-25
2024-01-18
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 4:166Bevoegdheden van rechthebbende naast bewindvoerder
- Artikel 4:167Bevoegdheden van rechthebbende bij testamentair bewind
- Artikel 4:168Gevolgen van onbevoegde rechtshandelingen onder bewind
- Artikel 4:169Toestemming van rechthebbende voor bewindvoerder
- Artikel 4:170Bevoegdheden van de bewindvoerder bij gemeenschap
- Artikel 4:172Vertegenwoordiging door de bewindvoerder
- Artikel 4:173Vertegenwoordiging door de bewindvoerder in rechte
- Artikel 4:174Aansprakelijkheid van de rechthebbende voor bewindschulden
- Artikel 4:175Verhaal op onder bewind staande goederen
- Artikel 4:176Uitwinning bij bewind in andermans belang