Artikel 6:119a BW – Wettelijke handelsrente
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 6. Algemeen gedeelte van het verbintenissenrecht › Titel 1. Verbintenissen in het algemeen › Afdeling 11. Verbintenissen tot betaling van een geldsom · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Dit artikel regelt de wettelijke rente bij te late betaling van een geldsom uit een handelsovereenkomst tussen bedrijven of beroepsbeoefenaren. Is een betaaldag afgesproken, dan loopt de rente vanaf de dag erna. Ontbreekt die afspraak, dan start de rente automatisch 30 dagen na ontvangst van factuur of prestatie, met bijzondere regels bij onzekere ontvangstdatum of een goedkeuringstermijn. Jaarlijks wordt de rente bij de hoofdsom geteld. Partijen mogen doorgaans een betaaltermijn tot 60 dagen afspreken, tenzij uitdrukkelijk langer en niet kennelijk onbillijk, maar voor bepaalde grote rechtspersonen geldt een dwingende grens van 30 dagen. Geen rente is verschuldigd bij schuldeisersverzuim of niet-toerekenbare vertraging.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
a. vanaf 30 dagen na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de schuldenaar de factuur heeft ontvangen, of
b. indien de datum van ontvangst van de factuur niet vaststaat, of indien de schuldenaar de factuur ontvangt voordat hij de prestatie heeft ontvangen, vanaf 30 dagen na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de prestatie is ontvangen, of
c. indien de schuldenaar een termijn heeft bedongen waarbinnen hij de ontvangen prestatie kan aanvaarden dan wel kan beoordelen of deze aan de overeenkomst beantwoordt, en indien hij de factuur ontvangt voordat hij de prestatie heeft aanvaard of beoordeeld, vanaf 30 dagen na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de schuldenaar de prestatie heeft aanvaard of beoordeeld, dan wel, indien hij zich niet over goedkeuring of aanvaarding uitspreekt, vanaf 30 dagen na de aanvang van de dag volgende op die waarop de termijn verstrijkt.
a. de vraag of de schuldenaar objectieve redenen heeft om af te wijken van de 30 dagen termijn;
b. de aard van de prestatie; en
c. elke aanmerkelijke afwijking van goede handelspraktijken.
a. de vraag of de schuldenaar objectieve redenen heeft om af te wijken van de 60 dagen termijn;
b. de aard van de prestatie; en
c. elke aanmerkelijke afwijking van goede handelspraktijken.
Rechtspraak over Artikel 6:119a BW
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 6:111Betaling naar nominaal bedrag
- Artikel 6:112Gangbaarheid van het betaalde geld
- Artikel 6:113
- Artikel 6:114Betaling door girale bijschrijving
- Artikel 6:115Plaats van betaling
- Artikel 6:116Plaats van betaling
- Artikel 6:117Opschorting van betaling op andere plaats
- Artikel 6:118Woonplaats van de schuldeiser bij bedrijfsuitoefening
- Artikel 6:119Wettelijke rente bij betalingsverzuim
- Artikel 6:119bWettelijke rente bij handelsovereenkomsten met overheidsinstanties
- Artikel 6:120Vaststelling van de wettelijke rente
- Artikel 6:121Betaling in geld van plaats van betaling
- Artikel 6:122Betaling in geld van de plaats van betaling
- Artikel 6:123Betaling in buitenlands geld
- Artikel 6:124Omrekening bij betaling in ander geld
- Artikel 6:125Schadevergoeding wegens koerswijziging
- Artikel 6:126Koers bij geldsomverbintenissen