Artikel 7:612 BW – Bekwaamheid minderjarige tot arbeidsovereenkomst
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 10. Arbeidsovereenkomst › Afdeling 1. Algemene bepalingen · niet-officieel opschrift
1Een minderjarige die de leeftijd van zestien jaren heeft bereikt, is bekwaam tot het aangaan van een arbeidsovereenkomst. Hij staat in alles wat betrekking heeft op die arbeidsovereenkomst met een meerderjarige gelijk, en kan zonder bijstand van zijn wettelijke vertegenwoordiger in rechte verschijnen.
2Indien een daartoe onbekwame minderjarige een arbeidsovereenkomst heeft aangegaan en vervolgens vier weken in dienst van de werkgever arbeid heeft verricht zonder dat zijn wettelijke vertegenwoordiger een beroep op de in de onbekwaamheid gelegen vernietigingsgrond heeft gedaan, wordt hij geacht de toestemming van die vertegenwoordiger tot het aangaan van deze arbeidsovereenkomst te hebben verkregen.
3Een onbekwame minderjarige die met toestemming van de wettelijke vertegenwoordiger een arbeidsovereenkomst heeft aangegaan, staat in alles wat betrekking heeft op die arbeidsovereenkomst met een meerderjarige gelijk, behoudens het bepaalde in lid 4.
4Een onbekwame minderjarige kan niet zonder bijstand van zijn wettelijke vertegenwoordiger in rechte verschijnen, behalve wanneer de rechter is gebleken dat de wettelijke vertegenwoordiger niet bij machte is zich te verklaren.
Rechtspraak over Artikel 7:612 BW
3
2016-10-26
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 7:610Begrip arbeidsovereenkomst
- Artikel 7:610aRechtsvermoeden van arbeidsovereenkomst
- Artikel 7:610bVermoeden van arbeidsomvang
- Artikel 7:611Goed werkgeverschap en goed werknemerschap
- Artikel 7:611aScholing van de werknemer
- Artikel 7:613Eenzijdig wijzigingsbeding arbeidsvoorwaarden
- Artikel 7:613a
- Artikel 7:613b
- Artikel 7:613c
- Artikel 7:614Aanvang verjaringstermijn vernietigingsgronden arbeidsovereenkomst
- Artikel 7:615