Artikel 7:641 BW – Uitkering van niet-genoten vakantie bij einde arbeidsovereenkomst
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 10. Arbeidsovereenkomst › Afdeling 3. Vakantie en verlof · niet-officieel opschrift
1Een werknemer die bij het einde van de arbeidsovereenkomst nog aanspraak op vakantie heeft, heeft recht op een uitkering in geld tot een bedrag van het loon over een tijdvak overeenkomend met de aanspraak, tenzij artikel 639 lid 2 van toepassing is.
2De werkgever is verplicht aan de werknemer een verklaring uit te reiken waaruit blijkt over welk tijdvak de werknemer bij het einde van de arbeidsovereenkomst nog aanspraak op vakantie heeft.
3Indien de werknemer een nieuwe arbeidsovereenkomst aangaat, heeft hij tegenover de nieuwe werkgever aanspraak op vakantie zonder behoud van loon gedurende het tijdvak waarover hij blijkens de in lid 2 bedoelde verklaring nog aanspraak op vakantie had.
4Bij schriftelijke overeenkomst kan van lid 3 worden afgeweken, met dien verstande dat de werknemer ten minste recht houdt op het in artikel 634 bedoelde minimum.
Rechtspraak over Artikel 7:641 BW
120
2026-05-29
2026-05-21
2026-04-22
2026-03-23
2026-02-18
2026-02-11
2026-01-12
2025-11-11
Verwijzingen in dit artikel
2
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
2
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 7:634Opbouw van vakantieaanspraak
- Artikel 7:635Vakantieopbouw zonder recht op loon
- Artikel 7:636
- Artikel 7:637Ziektedagen aangemerkt als vakantie
- Artikel 7:638Vaststelling van het vakantietijdstip
- Artikel 7:639Loon tijdens vakantie
- Artikel 7:640Afstand van vakantieaanspraak tegen schadevergoeding
- Artikel 7:640aVervaltermijn minimumvakantie
- Artikel 7:642Verjaring van de vakantieaanspraak
- Artikel 7:643Verlof voor het bijwonen van vertegenwoordigende organen
- Artikel 7:644
- Artikel 7:645Afwijking van vakantiebepalingen