Artikel 1:399 BW – Matiging van onderhoudsplicht
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 1. Personen- en familierecht › Titel 17. Levensonderhoud › Afdeling 1. Algemene bepalingen · niet-officieel opschrift
De rechter kan de verplichting van bloed- en aanverwanten tot levensonderhoud matigen op grond van zodanige gedragingen van de tot onderhoud gerechtigde, dat verstrekking van levensonderhoud naar redelijkheid niet of niet ten volle kan worden gevergd; onverminderd hetgeen in de volgende afdeling is bepaald omtrent de voorziening in de kosten van de verzorging en opvoeding van minderjarige kinderen en stiefkinderen.
Rechtspraak over Artikel 1:399 BW
76
2025-11-28
2025-04-03
2025-03-18
2024-10-01
2024-01-16
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 1:392Onderhoudsplicht van bloed- en aanverwanten
- Artikel 1:393
- Artikel 1:394Onderhoudsplicht verwekker en instemmende levensgezel
- Artikel 1:395Onderhoudsplicht van de stiefouder
- Artikel 1:395aOnderhoudsplicht jegens meerderjarige kinderen
- Artikel 1:395bVoortzetting als levensonderhoudsbijdrage na meerderjarigheid
- Artikel 1:396Vervallen van onderhoudsplicht tussen aanverwanten
- Artikel 1:397Maatstaven voor onderhoudsbijdrage
- Artikel 1:398Verschaffen van levensonderhoud in natura
- Artikel 1:400Rangorde van onderhoudsgerechtigden
- Artikel 1:401Wijziging van alimentatietermijn
- Artikel 1:402Ingangsdatum en termijnen van onderhoudsuitkering
- Artikel 1:402aJaarlijkse wijziging van levensonderhoudsbedragen
- Artikel 1:403