Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Artikel 3:36 BW

Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 2. Rechtshandelingen

Kort uitgelegd

Artikel 3:36 BW beschermt iemand die als derde, op grond van een verklaring of gedraging van een ander, redelijkerwijze heeft aangenomen dat een bepaalde rechtsbetrekking ontstond, bestond of tenietging, en die in redelijk vertrouwen op de juistheid van die veronderstelling heeft gehandeld. Degene van wie die verklaring of gedraging afkomstig is, kan zich tegenover deze derde niet beroepen op de onjuistheid van die veronderstelling met betrekking tot de verrichte handeling. De bescherming geldt dus alleen jegens de derde die zelf redelijkerwijze op de gegeven indruk mocht afgaan en daarop daadwerkelijk heeft vertrouwd en gehandeld.

Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.

Tegen hem die als derde op grond van een verklaring of gedraging, overeenkomstig de zin die hij daaraan onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, het ontstaan, bestaan of tenietgaan van een bepaalde rechtsbetrekking heeft aangenomen en in redelijk vertrouwen op de juistheid van die veronderstelling heeft gehandeld, kan door degene om wiens verklaring of gedraging het gaat, met betrekking tot deze handeling op de onjuistheid van die veronderstelling geen beroep worden gedaan.

Officiële bron: wetten.overheid.nl · Volledige tekst · Inhoudsopgave

Rechtspraak over Artikel 3:36 BW

154

Andere artikelen in dit onderdeel

Tekst volgens de officiële bron. Alleen de officiële bekendmaking is rechtsgeldig.