Artikel 4:86 BW – Aanvang termijnen bij eerdere beschermingsmaatregel
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 4. Erfrecht › Titel 4. Uiterste willen › Afdeling 3. Legitieme portie › Paragraaf 3. Het geldend maken van de legitieme portie · niet-officieel opschrift
Indien ten aanzien van de erflater afdeling 2 of 3 van titel 18 van Boek 1 is toegepast, lopen de termijnen, genoemd in lid 1 van artikel 81 en de leden 1 en 2 van artikel 85 vanaf de dag waarop de beschikking, bedoeld in artikel 417 lid 1 onderscheidenlijk artikel 427 lid 1 van Boek 1 , in kracht van gewijsde is gegaan.
Verwijzingen in dit artikel
2
- Artikel 4:81Opeisbaarheid van de vordering wegens legitieme portie
- Artikel 4:85Vervaltermijn voor de legitieme portie
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 4:79Vordering ter zake van de legitieme portie
- Artikel 4:80Vordering tot voldoening van de legitieme portie
- Artikel 4:81Opeisbaarheid van de vordering wegens legitieme portie
- Artikel 4:82Opschortende voorwaarde ten behoeve van echtgenoot
- Artikel 4:83Opeisbaarheid van de vordering van de legitimaris
- Artikel 4:84Wettelijke rente over legitimaire vorderingen
- Artikel 4:85Vervaltermijn voor de legitieme portie
- Artikel 4:87Volgorde van inkorting van makingen
- Artikel 4:88Voldoening van belasting over vordering legitimaris
- Artikel 4:89Inkorting van giften
- Artikel 4:90Inkorting van giften
- Artikel 4:91Inkorting van makingen en giften aan stiefkinderen
- Artikel 4:92Overgang van bevoegdheden van legitimaris