Artikel 5:97 BW – Wijziging of opheffing van erfpacht
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 5. Zakelijke rechten › Titel 7. Erfpacht · niet-officieel opschrift
1Indien vijf en twintig jaren na de vestiging van de erfpacht zijn verlopen, kan de rechter op vordering van de eigenaar of de erfpachter de erfpacht wijzigen of opheffen op grond van onvoorziene omstandigheden, welke van dien aard zijn dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van de akte van vestiging niet van de eigenaar of de erfpachter kan worden gevergd.
2De rechter kan de vordering onder door hem vast te stellen voorwaarden toewijzen.
3Rust op de erfpacht of op de zaak een beperkt recht, dan is de vordering slechts toewijsbaar, indien de beperkt gerechtigde in het geding is geroepen en ook te zijnen aanzien aan de maatstaf van lid 1 is voldaan.
Rechtspraak over Artikel 5:97 BW
34
2026-02-18
2025-10-15
2025-04-09
2024-07-09
2024-07-09
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 5:85Omschrijving van erfpacht en canon
- Artikel 5:86Duur van de erfpacht
- Artikel 5:87Opzegging van erfpacht
- Artikel 5:88Opzegging van erfpacht
- Artikel 5:89Genot en bevoegdheden van de erfpachter
- Artikel 5:90Vruchten en voordelen tijdens erfpacht
- Artikel 5:91Beperking van overdracht en splitsing van erfpacht
- Artikel 5:92Hoofdelijke verbondenheid voor de canon
- Artikel 5:93
- Artikel 5:94Huur en verpachting door de erfpachter
- Artikel 5:95Rechtsvorderingen van eigenaar en erfpachter
- Artikel 5:96Lasten en herstellingen bij erfpacht
- Artikel 5:98Voortzetting en opzegging van verlengde erfpacht
- Artikel 5:99Vergoeding bij einde erfpacht
- Artikel 5:100Retentierecht van erfpachter en eigenaar