Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Artikel 7:348 BW – Veranderingen aan het gepachte

Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 5. Pacht › Afdeling 7. Verplichtingen van de pachter · niet-officieel opschrift

1De pachter is niet bevoegd de bestemming, inrichting of gedaante van het gepachte geheel of gedeeltelijk te veranderen dan na schriftelijke toestemming van de verpachter, tenzij het gaat om veranderingen en toevoegingen die bij het einde van de pacht zonder noemenswaardige kosten kunnen worden ongedaan gemaakt en verwijderd.
2Indien de verpachter de toestemming niet verleent, kan de pachter aan de grondkamer machtiging vragen tot het aanbrengen van de veranderingen. Indien de verpachter niet tevens de eigenaar, vruchtgebruiker of erfpachter van de zaak is, draagt de verpachter ervoor zorg dat ook de eigenaar, vruchtgebruiker of erfpachter tijdig in het geding wordt geroepen. Indien op de zaak een hypotheek rust, bestaat deze verplichting tevens ten aanzien van de hypotheekhouder.
3De grondkamer verleent de machtiging slechts, indien de veranderingen noodzakelijk zijn voor een doelmatig gebruik van het gepachte door de pachter en geen zwaarwichtige bezwaren aan de zijde van de verpachter zich tegen het aanbrengen daarvan verzetten.
4De grondkamer kan aan de machtiging voorwaarden verbinden of daarbij een last opleggen. Zij kan op verzoek van de verpachter de pachtprijs verhogen, indien de veranderingen daartoe aanleiding geven.

Officiële bron: wetten.overheid.nl · Volledige tekst · Inhoudsopgave

Rechtspraak over Artikel 7:348 BW

9

Artikelen die naar dit artikel verwijzen

3

Andere artikelen in dit onderdeel

Tekst volgens de officiële bron. Alleen de officiële bekendmaking is rechtsgeldig.