Officiële bronnenwetten.overheid.nl · EUR-Lex
Europaius

Artikel 7:628 BW – Loon bij niet-verrichte arbeid

Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 7. Bijzondere overeenkomsten › Titel 10. Arbeidsovereenkomst › Afdeling 2. Loon · niet-officieel opschrift

Kort uitgelegd

Dit artikel bepaalt dat de werkgever het naar tijd vastgestelde loon moet doorbetalen als de werknemer de afgesproken arbeid niet heeft verricht, tenzij dit redelijkerwijs voor rekening van de werknemer komt. Een wettelijke of overeengekomen uitkering wordt op het loon in mindering gebracht, evenals bespaarde onkosten. Bij ander dan tijdloon geldt het gemiddelde loon. Voor de eerste zes maanden, of bij opvolgende contracten samen zes maanden, mag schriftelijk of bij bestuursregeling worden afgeweken, met verlenging mogelijk voor incidentele functies zonder vaste omvang bij cao of bestuursregeling, en uitzonderingen kunnen worden vastgesteld door de minister. Ander nadelig beding is nietig.

Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.

1De werkgever is verplicht het naar tijdruimte vastgestelde loon te voldoen indien de werknemer de overeengekomen arbeid geheel of gedeeltelijk niet heeft verricht, tenzij het geheel of gedeeltelijk niet verrichten van de overeengekomen arbeid in redelijkheid voor rekening van de werknemer behoort te komen.
2Indien de werknemer krachtens enige wettelijk voorgeschreven verzekering of krachtens enige verzekering of uit enig fonds waarin de deelneming is overeengekomen bij of voortvloeit uit de arbeidsovereenkomst, een geldelijke uitkering toekomt, wordt het loon verminderd met het bedrag van die uitkering.
3Indien het loon in geld op andere wijze dan naar tijdruimte is vastgesteld, zijn de bepalingen van dit artikel van toepassing, met dien verstande dat als loon wordt beschouwd het gemiddelde loon dat de werknemer, wanneer hij niet verhinderd was geweest, gedurende die tijd had kunnen verdienen.
4Het loon wordt echter verminderd met het bedrag van de onkosten die de werknemer zich door het niet-verrichten van de arbeid heeft bespaard.
5Van lid 1 kan voor de eerste zes maanden van de arbeidsovereenkomst bij schriftelijke overeenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan ten nadele van de werknemer worden afgeweken.
6In geval van elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten als bedoeld in artikel 668a kan een afwijking als bedoeld in lid 5 voor ten hoogste in totaal zes maanden worden overeengekomen.
7Bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan kan de periode, bedoeld in lid 5, voor bij die overeenkomst of regeling te bepalen functies worden verlengd, mits de aan die functies verbonden werkzaamheden incidenteel van aard zijn en geen vaste omvang hebben.
8Bij regeling van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan op verzoek van de Stichting van de Arbeid worden bepaald dat op bepaalde bedrijfstakken, of onderdelen daarvan, lid 5, 6 of 7 niet van toepassing is.
9Bij regeling van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan worden bepaald dat de in lid 1 genoemde verplichting geheel of gedeeltelijk niet geldt indien het niet verrichten van de overeengekomen arbeid het gevolg is van bij die regeling te bepalen buitengewone omstandigheden en aan bij die regeling te bepalen voorwaarden wordt voldaan.
10Elk beding dat ten nadele van de werknemer afwijkt van dit artikel is nietig.

Officiële bron: wetten.overheid.nl · Volledige tekst · Inhoudsopgave

Rechtspraak over Artikel 7:628 BW

592

Verwijzingen in dit artikel

1

Artikelen die naar dit artikel verwijzen

5

Andere artikelen in dit onderdeel

Tekst volgens de officiële bron. Alleen de officiële bekendmaking is rechtsgeldig.