Artikel 2:348 BW – Kennisgeving aan toezichthouder
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 2. Rechtspersonen › Titel 8. Geschillenregeling en het recht van enquête › Afdeling 2. Het recht van enquête · niet-officieel opschrift
Indien de rechtspersoon wegens het bedrijf dat hij uitoefent, is onderworpen aan het toezicht van De Nederlandsche Bank N.V., de Stichting Autoriteit Financiële Markten of de Europese Centrale Bank, doet de griffier een afschrift van het verzoekschrift ook aan de toezichthoudende instelling toekomen.
Rechtspraak over Artikel 2:348 BW
5
2018-03-15
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
3
- Artikel 2:353Nederlegging en inzage van het verslag
- Artikel 2:355Voorzieningen na wanbeleid
- Artikel 2:358Voorlopige tenuitvoerlegging en nederlegging van beschikkingen
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 2:344Toepassingsgebied van het enquêterecht
- Artikel 2:345Benoeming van onderzoekers bij enquêterecht
- Artikel 2:346Bevoegdheid tot enquêteverzoek
- Artikel 2:347Enquêtebevoegdheid van vakverenigingen
- Artikel 2:349Ontvankelijkheidsvereisten bij enquêteverzoek
- Artikel 2:349aSpoedbehandeling en onmiddellijke voorzieningen door ondernemingskamer
- Artikel 2:350Toewijzing en kosten van het enquêteverzoek
- Artikel 2:351Inzagerecht van onderzoekers bij enquête
- Artikel 2:352Bevelen bij weigering van medewerking aan onderzoek
- Artikel 2:352aGetuigenverhoor bij enquêteonderzoek
- Artikel 2:353Nederlegging en inzage van het verslag
- Artikel 2:354Verhaal van onderzoekskosten
- Artikel 2:355Voorzieningen na wanbeleid
- Artikel 2:356Voorzieningen bij geschillenregeling
- Artikel 2:357Voorzieningen van de ondernemingskamer
- Artikel 2:358Voorlopige tenuitvoerlegging en nederlegging van beschikkingen