Artikel 3:3 BW – Onroerende en roerende zaken
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 3. Vermogensrecht in het algemeen › Titel 1. Algemene bepalingen › Afdeling 1. Begripsbepalingen · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Artikel 3:3 BW bepaalt wat onroerend en wat roerend is. Onroerend zijn de grond, nog niet gewonnen delfstoffen, beplantingen die met de grond zijn verenigd, en gebouwen en werken die duurzaam met de grond verenigd zijn, hetzij rechtstreeks, hetzij doordat zij met andere gebouwen of werken zijn verenigd. Alle zaken die niet aan deze kenmerken voldoen, zijn roerend.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
1Onroerend zijn de grond, de nog niet gewonnen delfstoffen, de met de grond verenigde beplantingen, alsmede de gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met andere gebouwen of werken.
2Roerend zijn alle zaken die niet onroerend zijn.
Rechtspraak over Artikel 3:3 BW
183
2026-05-06
2026-03-18
2026-03-18
2026-03-10
2026-01-21
2026-01-16
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
3
- Artikel 3:15aRechtsgevolgen van elektronische handtekeningen
- Artikel 3:86aOpeising van cultuurgoederen
- Artikel 3:212Bevoegdheid tot vervreemding door vruchtgebruiker
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 3:1Begrip goederen
- Artikel 3:2Begrip zaken
- Artikel 3:2aStatus van dieren en toepasselijkheid van zakenrecht
- Artikel 3:4Bestanddeel van een zaak
- Artikel 3:5Begrip inboedel
- Artikel 3:6Begrip vermogensrecht
- Artikel 3:7Begrip afhankelijk recht
- Artikel 3:8Begrip beperkt recht
- Artikel 3:9Natuurlijke en burgerlijke vruchten
- Artikel 3:10Begrip registergoederen
- Artikel 3:11Begrip goede trouw
- Artikel 3:12Maatstaven voor redelijkheid en billijkheid
- Artikel 3:13Misbruik van bevoegdheid
- Artikel 3:14Uitoefening van bevoegdheid en publiekrecht
- Artikel 3:15Overeenkomstige toepassing buiten het vermogensrecht