Artikel 4:105 BW – Geldigheid ongedateerde onderhandse uiterste wil
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 4. Erfrecht › Titel 4. Uiterste willen › Afdeling 4. Vorm van uiterste willen · niet-officieel opschrift
Indien in een geval, bedoeld in het vorige artikel, de onderhandse uiterste wil is gedagtekend en de erflater overlijdt zonder dat de uiterste wil overeenkomstig de wet in bewaring is gegeven, is de uiterste wil niettemin geldig, tenzij de erflater redelijkerwijze alsnog een uiterste wil overeenkomstig de voorgaande artikelen van deze afdeling had kunnen maken.
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 4:93Nietigheid van gezamenlijke uiterste wil
- Artikel 4:94Vorm van de uiterste wil
- Artikel 4:95Vormvereisten onderhandse uiterste wil
- Artikel 4:96
- Artikel 4:97
- Artikel 4:98Uiterste wil van militairen
- Artikel 4:99
- Artikel 4:100Einde van de uitzonderingstermijn voor uiterste wilsbeschikkingen
- Artikel 4:101Uiterste wil tijdens een reis
- Artikel 4:102Uiterste wil onder buitengewone omstandigheden
- Artikel 4:103Vormvereisten van uiterste willen
- Artikel 4:104Onderhandse uiterste wil in bewaring
- Artikel 4:106Inzending van akte naar testamentenregister
- Artikel 4:107Vernietigbaarheid wegens verstreken termijn
- Artikel 4:108Vernietigbaarheid van vormgebrek bij overlijden binnen zes maanden
- Artikel 4:109Nietigheid en vernietigbaarheid van uiterste wil wegens vormgebrek
- Artikel 4:110