Artikel 4:107 BW – Vernietigbaarheid wegens verstreken termijn
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 4. Erfrecht › Titel 4. Uiterste willen › Afdeling 4. Vorm van uiterste willen · niet-officieel opschrift
1De uiterste willen, bedoeld in de artikelen 98 en 100 tot en met 104 , zijn vernietigbaar, indien de erflater overlijdt meer dan zes maanden nadat voor hem de mogelijkheid is geëindigd, een uiterste wil te maken op een van de in die artikelen genoemde wijzen.
2De termijn wordt telkens met een maand verlengd, indien de erflater redelijkerwijze niet in staat is geweest in de laatstverstreken maand een uiterste wil te maken.
Verwijzingen in dit artikel
3
- Artikel 4:98Uiterste wil van militairen
- Artikel 4:100Einde van de uitzonderingstermijn voor uiterste wilsbeschikkingen
- Artikel 4:104Onderhandse uiterste wil in bewaring
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 4:95Vormvereisten onderhandse uiterste wil
- Artikel 4:96
- Artikel 4:97
- Artikel 4:98Uiterste wil van militairen
- Artikel 4:99
- Artikel 4:100Einde van de uitzonderingstermijn voor uiterste wilsbeschikkingen
- Artikel 4:101Uiterste wil tijdens een reis
- Artikel 4:102Uiterste wil onder buitengewone omstandigheden
- Artikel 4:103Vormvereisten van uiterste willen
- Artikel 4:104Onderhandse uiterste wil in bewaring
- Artikel 4:105Geldigheid ongedateerde onderhandse uiterste wil
- Artikel 4:106Inzending van akte naar testamentenregister
- Artikel 4:108Vernietigbaarheid van vormgebrek bij overlijden binnen zes maanden
- Artikel 4:109Nietigheid en vernietigbaarheid van uiterste wil wegens vormgebrek
- Artikel 4:110