Artikel 4:46 BW – Uitlegging van uiterste wilsbeschikkingen
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 4. Erfrecht › Titel 4. Uiterste willen › Afdeling 1. Uiterste wilsbeschikkingen in het algemeen · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Dit artikel regelt hoe een uiterste wil moet worden uitgelegd. Daarbij moet worden gelet op de verhoudingen die de uiterste wil kennelijk wil regelen en op de omstandigheden waaronder deze is gemaakt. Daden of verklaringen van de erflater buiten de uiterste wil mogen alleen worden gebruikt voor de uitleg als een beschikking zonder die daden of verklaringen geen duidelijke zin heeft. Heeft de erflater zich klaarblijkelijk vergist in de aanduiding van een persoon of goed, dan wordt de beschikking toch uitgevoerd naar zijn werkelijke bedoeling, mits die bedoeling ondubbelzinnig blijkt uit de uiterste wil zelf of uit andere gegevens.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
Rechtspraak over Artikel 4:46 BW
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 4:42Begrip en herroeping van de uiterste wilsbeschikking
- Artikel 4:43Vernietigbaarheid van uiterste wilsbeschikkingen
- Artikel 4:44Nietigheid van uiterste wilsbeschikking
- Artikel 4:45Nietige voorwaarden en lasten
- Artikel 4:47Blijvende onmogelijkheid van uitvoering
- Artikel 4:48Aanwas bij meerdere geroepenen
- Artikel 4:49Verval van legaat van bepaald goed
- Artikel 4:50Levering van gelegateerd goed
- Artikel 4:51Legaat van een goed uit de huwelijksgemeenschap
- Artikel 4:52Vervallen van beschikkingen bij echtscheiding
- Artikel 4:53Making ten voordele van naaste bloedverwanten
- Artikel 4:54Verjaring van vordering tot vernietiging van uiterste wil