Artikel 5:54 BW – Overbouw op andermans erf
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 5. Zakelijke rechten › Titel 4. Bevoegdheden en verplichtingen van eigenaars van naburige erven · niet-officieel opschrift
Kort uitgelegd
Artikel 5:54 BW regelt de situatie waarin een gebouw of werk deels op, boven of onder het erf van een ander staat. Zou wegneming van het uitstekende deel de eigenaar van het gebouw onevenredig veel zwaarder treffen dan handhaving de eigenaar van het erf benadeelt, dan kan de eigenaar van het gebouw altijd vorderen dat hem tegen schadeloosstelling een erfdienstbaarheid tot handhaving wordt verleend, of, naar keuze van de erfeigenaar, dat het benodigde erfgedeelte wordt overgedragen. Hetzelfde geldt wanneer een gebouw later is gaan overhellen over andermans erf. Dit geldt niet bij een wettelijke of contractuele duldplicht, of bij kwade trouw of grove schuld van de bouwer bij bouw of verkrijging.
Begrijpelijke samenvatting. Alleen de tekst van het artikel is juridisch bindend.
Rechtspraak over Artikel 5:54 BW
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 5:42Afstand voor bomen en heggen
- Artikel 5:43Begrip muur
- Artikel 5:44Overhangende beplantingen en doorschietende wortels
- Artikel 5:45Eigendom van overgevallen vruchten
- Artikel 5:46Afpalingstekens tussen naburige erven
- Artikel 5:47Rechterlijke grensbepaling tussen erven
- Artikel 5:48
- Artikel 5:49Oprichting van een scheidsmuur
- Artikel 5:50Vensters en balkons nabij grenslijn
- Artikel 5:51Lichtopeningen in muren
- Artikel 5:52Afwatering naar naburig erf
- Artikel 5:53Voorkoming van water of vuilnis in de goot
- Artikel 5:55Maatregelen tegen dreigende instorting
- Artikel 5:56Gedogen van gebruik van andermans erf
- Artikel 5:57Vordering tot aanwijzing van een noodweg
- Artikel 5:58Aanleg van leidingen over naburige erven
- Artikel 5:59Rechten en plichten bij gemeenschappelijke watergang