Artikel 8:213 BW – Rangorde van voorrechten op zeeschepen
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 8. Verkeersmiddelen en vervoer › Titel 3. Het zeeschip en de zaken aan boord daarvan › Afdeling 3. Voorrechten op zeeschepen · niet-officieel opschrift
1De bevoorrechte vorderingen, genoemd in artikel 211 , nemen rang in de volgorde, waarin zij daar zijn gerangschikt.
2Bevoorrechte vorderingen onder dezelfde letter vermeld, staan in rang gelijk, doch de vorderingen genoemd in artikel 211 onder c nemen onderling rang naar de omgekeerde volgorde van de tijdstippen, waarop zij ontstonden.
3In rang gelijkstaande vorderingen worden ponds-pondsgewijs betaald.
Verwijzingen in dit artikel
1
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 8:210Voorrang van uitwinnings- en opruimingskosten
- Artikel 8:210a
- Artikel 8:211Voorrechten op zeeschepen
- Artikel 8:212Voorrecht van renten en kosten
- Artikel 8:214Omvang van de voorrechten op het zeeschip
- Artikel 8:215Voorrecht op het zeeschip
- Artikel 8:216Ontstaan van voorrechten op het schip
- Artikel 8:217Rangorde van bevoorrechte vorderingen op zeeschepen
- Artikel 8:218Rangorde van vorderingen op zeeschepen
- Artikel 8:219Verjaring van voorrechten op zeeschepen