Artikel 1:374 BW – Rekening en verantwoording door de voogd
Burgerlijk Wetboek (BW) · Boek 1. Personen- en familierecht › Titel 14. Het gezag over minderjarige kinderen › Afdeling 6. Voogdij · niet-officieel opschrift
1Bedoelde rekening en verantwoording wordt afgelegd ten overstaan van de kantonrechter, binnen wiens rechtsgebied de voogd wiens bewind eindigt woonplaats heeft.
2Geschillen, die bij de aflegging van de rekening en verantwoording mochten rijzen, beslist de kantonrechter.
3Blijft een der partijen in gebreke tot deze aflegging van rekening en verantwoording mede te werken, dan zijn de artikelen 771 en volgende van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing.
Rechtspraak over Artikel 1:374 BW
13
2025-02-04
2021-06-03
2020-07-23
2011-04-12
Artikelen die naar dit artikel verwijzen
1
Andere artikelen in dit onderdeel
- Artikel 1:363Zekerheidstelling door de voogd
- Artikel 1:364Beëindiging van de zekerheid van de voogd
- Artikel 1:365Kennisgeving aan de raad voor de kinderbescherming
- Artikel 1:366Kennisgeving wegens tekortschieten van de voogd
- Artikel 1:367Onderzoek door de raad voor de kinderbescherming
- Artikel 1:368
- Artikel 1:369Bewind over gemeenschappelijke goederen van minderjarigen
- Artikel 1:370Onderbewindstelling van vermogen van minderjarige
- Artikel 1:371Kennisgeving van woonplaatsverandering door voogd
- Artikel 1:371aMededeling van voogdbenoeming aan de kantonrechter
- Artikel 1:372Rekening en verantwoording na voogdij
- Artikel 1:373Rekening en verantwoording door de voogd
- Artikel 1:375Vernietigbaarheid van rechtshandelingen vóór rekening en verantwoording
- Artikel 1:376Rente over schuld aan de voogd
- Artikel 1:377Verjaring van vorderingen uit voogdijbewind